woensdag 3 juli 2013

I deel 1


I:                      ‘Y = eiland

 

Ialysos:            Plaats op Rhodos. De aanwezigheid van Feniciërs is hier aangetoond. Zie:"The Phoenicians of Ialysos" van J N Coldstream, University of London, Inst.of Class.Stud.,Bull no.16, 1969. Zie BK2

De overlevering:

De metgezellen van Phalantos (een Feniciër), die in Ialysos een kleine versterkte stad bezaten, genaamd Achaia en die de meesters van de zee waren, weerstonden lange tijd Iphikos (een Griek). Ze waren namelijk in het bezit van een voorspelling opgetekend bij een of ander orakel, dat zij het land zouden bezitten, zolang er geen witte kraaien waren en dat er geen vissen zouden worden afgebeeld op vazen. Omdat ze er rekening mee hielden, dat dat nooit zou gebeuren, voerden zij met een enome slordigheid de oorlog. Maar Iphiklos, die door iemand van het orakel had gehoord, legde een valstrik voor Phalanthos. Hij wist het vertrouwen te winnen van de man, die de toegang tot het water beheerste, door hem te betalen. Diens naam was Larkas. Daarna ving hij kleine vissen bij de bron en deed ze in een emmer. Die gaf hij aan Larkas met de opdracht dit water in de kruik te doen, waarmee Phantahos water haalde. Dat deed deze en Iphiklos ving vervolgens kraaien, wreef ze in met krijt en liet ze weer los. Toen Phalanthos de kraaien had gezien, ging hij de kruik bekijken en zag de vissen. Hij begreep, dat het land niet meer van hem was en hij ging met Iphiklos onderhandelen in de hoop met zijn schatten zich uit de voeten te kunnen maken. Iphiklos ging daar op in. Phalanthos had nu het volgende in gedachten: hij zou offers doen, hij zou hun ingewanden schoonmaken en zou proberen het goud en zilver er binnen in opslaan. Toen Iphiklos hier de hoogte van kreeg, verhinderde hij dat. Phalanthos beriep zich echter op de belofte, dat hij zou mogen vertrekken met alles wat zij in de buik (van het offerdier) konden meenemen, maar die antwoordde, terwijl hij hun de boten voor het transport gaf (na die van het roer, riemen en zeilen ontdaan te hebben), dat hij slechts gezworen had de boten te geven en niets anders. De Feniciërs waren nu in grote verlegenheid gebracht en begroeven veel van hun goederen op gemarkeerde plekken om later, eenmaal teruggekomen die weer te kunnen ophalen, maar ze gaven ook veel aan Iphiklos. De Feniciërs hebben op deze wijze het land verlaten en de Grieken maakten zich meester van veel zaken.

[Fr.Gr.Hist.III B nr. 513 F 1 = Atheneus VIII blz 360d-361c]

De Grieken kunnen best met een truc de Feniciërs van het eiland hebben weggekregen, maar zo infantiel als Athenaeus het beschrijft, zal het niet zijn gegaan. Phalanthis is overigens geen Semietische naam. De stichter van Taras had die ook. De buik van het offerdier en de buik van het schip worden met elkaar verward.

 

Ibdâdi:             Koning van Byblos omstreeks 2050.

Iberia:              de stammen: CARPETANEN, CONTESTANEN, TURDETANEN, BASTETANEN, BASTULIERS, VACCAEI, LUSITANIERS, CONIERS, ORETANEN, EDETANEN, ILERVACONES, ILERGETEN, AUSETANEN etc

Iberische nederzettingen: Fenicische nedezettingen: gadir, calpe, cerro del prado, casa montilla, el torreon, el villar, malaka, torre de benalgalbon, cerro del castillo, huelva, toscanos, cerro del mar, morro del mezquitilla, chorreras, cortijo de las sombras, abdera, selambina, villaricos, la fonteta, sa caleta, cabezo de la parra etc

Maar er zijn ook vele echt Iberische nederzettingen, zoals Turo del Calvari, Pozo Moro, Dertosa, Saguntum, El Gandul, Setefilla etc

Iberische publicaties.

Ibiza:              Zie Ebusos ('YBSM). Door Carthago ge(her)sticht in 654 v.C.

 Ibn Hani

Kaap aan de kust van Syrië.

Ras Ibn Hani. De brief Hani 81/4  bevat de naam Bi’routi en zijn relaties met Oegarit.

52.8.3.La lettre Hani 81/4 et                Arnaud, D              AFBEELDINGEN

                l'identification du site de as ibn hani

Defensie van Ras Shamra en Ras Ibn Hani. De muren en bastions.

52.8.5.Rémarques sur des ouvrages   Lagarce, J          

                de soutènement et de défense à ras Shamra et à ras ibn Hani  

 

Ibshemuabi:         Koning van Byblos tussen 1795 en 1780.

Icosium:            Punische plaats op de kust van Algerije. Het is Algiers, waar in 1941 o.a.158 munten werden gevonden.

Algiers op internet.

Ikosim (fen) of Icosium (rom). De melding:Gesticht in 1200 v.C is wel veel te vroeg!!!  In werkelijkheid is dit ten hoogste pas vroeg in het 1e millennium.

          92.6.9. Alger Port Antique                        chez.com/merlinus

                  Salle Icosium                             musee‑antiquites.art

                  History of Algiers                        sun.menloschool.org

 

Ida:                  Grot op Kreta, waar divers Fenicische vondsten zijn gedaan.


Idalion:            Naam: ‘dyl (fen), E-di-(‘-)il/al/li (akk) of Idalion (gr).

Tegenwoordig heet de plaats Dali. De opgravingsplaats ligt net ten zuiden van Dali.

Plaats in het binneland van Cyprus ter hoogte van Tamassos. Idalion is bij de Feniciërs in gebruik als mijnbouwstad.  Er zijn nogal wat proto‑Cyprische vondsten gedaan. Zij worden aan de Feniciërs toegeschreven vanwege hun bereidingswijze. Samen met Golgoi en Tamassos was Idalion het centrum van de Fenicische mijnbouw. Idalion blijft ondergeschikt aan Kition. Het wordt omstreeks 800 gesticht ofwel overgenomen van de inheemse bevolking.

In de vierde eeuw zet de vergrieksing van het eiland en ook van Idalion sterk door en in 333 gaat

de plaats op in het Hellenistische rijk van Alexander de Grote.

Uit: Cyprus, Boek 248. Expert.

De stadstaat Idalion uit de Bronstijd is een van de vele lokaties, waar volgens de legende de beeldschone herdersjongen Adonis, die iets te vaak flirtte met Aphrodite, aan zijn eind zou zijn gekomen door de slagtanden van een wild zwijn, dat gezonden werd door Hephaestus, de woedende echtgenoot van de godin. Het is moeilijk om deze Griekse mythologie in verband te brengen met de karige restanten van Idalion, die nog boven de grond liggen op deze lokatie. Het ligt 19 km ten zuiden van Nicosia en is nauwelijks opgegraven. Toch zijn er restanten ontdekt van de tempels van Aphrodite en Athene, evenals grote blokken hardsteen van de stadsmuren, die de stad beschermden tot die rond 400 v.C in verval raakten.

 

Idalion in:

Boek 162.Prehistoric Greece and Cyprus, H.G.Buchholz+V.Karageorghis, Phaidon 1973.

Op blz 123 staat een kaart met de plaatsen uit de late bronstijd.

Afbeelding 1653 laat een Askos ringvorm van een vogel zien uit ‘Late Cypriote III’ van ‘Proto White-Painted Ware’.

 

Idalion in:

Boek 231.Les anciens Chypriotes, V.Karageorghis, Armand Colin.

Blz 68 opgraving te Alambra (ten westen van Idalion) met grote rechthoekige zalen.

Blz 107 genoemd op een Egyptische inscriptie van Medinet Habu (1e kwart 12e eeuw)

Blz 115 De Eteocyprische en Griekse beschaving vloeien ineen tussen 950 en 850 v.C.

Blz 129 Op een prisma van Esarhaddon (673/2) komt een koning Eléandre(?) voor uit de archaïsche periode (725-600).

Blz 149. Munt nr.5. Koning Stasikypros en een gevleugelde leeuw.  Voorts is er in de tempel van Athena een plaquette (ICS 217) gevonden, dat het ‘brons’ of het ‘tablet’ van Idalion wordt genoemd. Het betreft een clandestiene opgraving in c.1850 en werd in 1862 door de graaf de Luynes aan het ‘Cabinet des Médailles’ te Parijs gegeven. Het bevindt zich nu in de Bibliothèque Nationale te Parijs. De 31-regelige tekst (Cyprisch+Grieks) bevat een overeenkomst tussen enerzijds de koning en stad van Idalion en anderzijds de dokter Onasilos en zijn broers. Hij moet de gewonden verzorgen na de veldslag tegen de Perzen en de Feniciërs (ergens tussen 479 en 450 v.C). Hij krijgt daarvoor een salaris en een grondstuk. Als de stad het grondstuk weer terug wil, dan krijgt hij daarvoor een talent zilver.

Blz 150. afbeelding van de plaquette van 21,4 x 14 x 4,6 cm.

Blz 152.In 470 v.C wordt de tempel van Athena verwoest door de Feniciërs.
Blz 176.In de Ptolemeesche tijd verrijst er een tempel van Arsinoé (een vermenging met Aphrodite).


Iddibal Tapappius:  Zoon van Mago in Leptis Magna, die omstreeks 50 na Chr. een tempel bpuwt voor Dei Augusti.

Iddibal Caphada: inwoner van Leptis magna.

IEJ:                  Afkorting voor Israël Exploration Journal.

Igilgili:             Jijel.

Feniciërs stichten Igilgil. Kaart en foto’s. I = eiland. Gil = kring van stenen.

  Map  92.6.12.Igilgili                                  multimania.com

                  D'Igilgili à Jijel                        fr.allafrica.com

                  Jijel ‑ foto's                            users.antrasite.be

                  le site de Djamila

 Ilergetes:          Keltiberische stam in Noord‑Spanje. Leider is Andobalis, ofwel Indibilis. Voorname bondgenoten van de Carthagers in de 2e Punische oorlog.

Ilias:                BK2: werk van z.g. Homeros, waarin ook de Feniciërs voorkomen.Bijvoorbeeld: Zij (Helena) ging naar huis en beval haar slavinnen de oude vrouwen in de stad samen te roepen. Zelf daalde zij af in het geurige schatvertrek, waar de bontgestikte kleren lagen, handwerk van de Sidonische vrouwen, die de edele Paris zelf uit Sidon naar Troje gebacht had over de brede zee, toen jij de koningsdochter Helena naar zijn huis had ontvoerd. [Ilias VI 273-304]

De stad Troje staat in het begin van de 12e eeuw v.C kennelijk in verbinding met Fenicië. Produkten uit Sidon zijn in de stad aangekomen.

Ilici:                 Elche de Alcudia.

Ilima‑yapi:         Koning van Byblos tussen 1735 en 1720. Zijn naam is niet geheel zeker.

Ilipa:              Plaats bij Sevilla (Alcala del Rio), waar een veldslag plaats vond tussen Scipio(40.000 man voetvolk en 3000 ruiters) en Hasdrubal Gisgo (50.000 man voetvolk en 5000 ruiters). Scipio won deze strijd tegen het eind van de tweede Romeins/Carthaagse oorlog.

Imilce:             Echtgenote van Hannibal Barcas, prinses van Castulo.De naam is afgeleid van Himilkat; de vrouwelijke vorm voor Himilco.

Imsouane:           Plaats op de kust van Mauretanië, waar Punische en Fenicische keramiek is teruggevonden.

Indibilis:          Keltiberisch hoofdman, die in Noord‑Spanje in 218 met Hanno tegen de Romeinen vecht. Eerder stond hij niet op goede voet met Hannibal. Indibilis is de hoofdman van Illergetes bij Huesca.

Inosim:             Een eiland voor de zuidwest kust van Sardinië, dat nu Isola degli Spavieri of San Pietro heet. De Grieken noemen het eiland Enosis en de Romeinen Hieracum of Accipitrum. We vinden er het heiligdom van Baäl Shamain.

Zie:L'esplorazione lungo la costa sulcitana in Monte Sirai II Roma 1965 p 141 e.v. F Barreca.

Zie:L'esplorazione topographica della regione sulcitana in Monte Sirai III, roma 1966 p133 e v

F Barreca. Zie:Ricognizione topographica lungo la costa orientala della Sardegna in Monte Sirai IV, Roma 1967 p 103 e v F Barreca.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten