Chorreras: nederzetting
op kust Zuid-Spanje
NOTICIARIO ARQUEOLOGICO HISPANICO
nr.6. Ministerio de Cultural, Direccion general del
patrimonio artistico, archivos y museos, subdireccion general de arqueologia, Madrid 1979. Veel plattegronden, afbeeldingen
en enige kaarten. Voorts een catalogus met publicaties van de 'Junta superior
de excavaciones arqueologicas'. a.Chorreras, un establecimento fenicia al est
de la desembocadura del Algarrobo, H.Schubart, G.Maass‑Lindemann, M.E.Aubet
Heuvels
van 52-64 meter boven de zee. In 1973 onderzocht door J.M.J.Aymerich, M.E.Aubet
en in 1980 door G.Maass-Lindemann.
Huis I heeft brandkenmerken. Onregelmatige
woonverblijven aan één straat gelegen. Verder werd er een oven gevonden. Er
ligt een relatie met de necropool Lagos. Begin occupatie in de 8e
eeuw v.C. Reeds in de 7e eeuw verhuisd de bevolking naar Moro de
Mezquitilla en wordt de plaats opgegeven.
Zie: Catalogo documental de los Fenicios en
Andalucia, 1995.
De heer Beelaerts-van Blokland bezat er de villa
Serena. Op dat terrein vindt hij veel Fenicisch materiaal, dat na zijn dood aan
het museum te Malaga werd gegeven.
Dinsdag 25 mei 1999.
--------------
Bezoeken aan Chorreras, Torre del Mar en Lagos.
Ik loop de hele heuvel van Chorreras over. Een
engels sprekende oudere Spaanse dame blijkt Beelaerts van Blokland nog gekend
te hebben. Die heeft daar zelf opgravingen verricht. Na zijn dood in (1987) is
al het materiaal kennelijk naar het museum te Malaga gegaan. Zijn villa La
Sirena (nr.4) staat er nog en wordt nu bewoond door een Iraniër Karrim
(postcode 29740).
Foto’s
+ kaarten
|
Chretes:
Naam voor de Senegal rivier in de rapportage van Hanno over zijn
zeetocht in de 5e eeuw.
Christ, K:
Auteur van "Hannibal", Darmstadt 1974. en van "Zur
Beurteilung Hannibals" in Historia 17, 1968.
Chronologie: zie
apart artikel.
Chroust, A.H: Auteur
van o.a:"International Treaties" in:Antiquity Classica et Mediaevalia‑1954.
Chullu:
Het huidige Collo aan de kust van Oost‑Algerije. Het ligt aan de
gelijknamige baai in de luwte van kaap Bougarouni=Metapontisch voorgebergte. De
plaats heeft ten hoogste als factorij dienst gedaan.
Chusor:
Volgens de Fenicische legende de uitvinder van het ijzer.
Chytroi: vindplaats
op Cyprus.
Afbeelding
Ins.Ph.4
|
Ciasca, A:
Auteur van o.a. bijdragen in MOZIA I t/m IV. Hierbij ging het
voornamelijk om opgravingen in de tofet aan de noordkant van het eiland en
stammend uit de Ve eeuw.
Ciavieja: nederzetting
aan de kust van Zuid-Spanje
Deze
nederzetting is alleen herkend op basis van kenmerken en materiaal aan de
oppervlakte, waarbij dus nog geen eenduidige opgraving, of waarover de meningen
verdeeld zijn.
El
Ejido Ciavieja is een kunstmatige kaap van 0,5 ha voor een agrarische
benutting. In 1985/6 vond er een noodopgraving plaats door A.Suarez en
M.Carrilero, waarbij het volgende aan het licht kwam:
-
Muren
-
Cirkelvormige
en rechthoekige kamers
-
Griek,
Iberisch en Punisch materiaal uit de 5e – 3e eeuw v.C.
afbeeldingen
|
Cicero: Auteur uit de oudheid, die niet altijd
even positief schreef over de Feniciërs of Puniërs. Enige voorbeelden:
REPUBLICA
II,4,/9/: Want, de barbaarse volken zelf
waren voorheen niet zeevarend geweest, behalve de Etrusken en de Feniciërs, de
enen als handelaren, de anderen als piraten.
PRO
SCAURO XIX /42/: Alle herinneringen uit
het verleden en alle historische verhalen hebben aangetoond, dat het meest
bedrieglijke volk dat der Feniciërs is, afkomstig van hen de Puniërs, die
verteld hebben van vele opstanden der Carthagers, van vele verscheurde en
geschonden verdragen, hetgeen hen in het geheel niet in verlegenheid had
gebracht.
REPUBLICA,I,fr
2 Krarup:
En Carthago heeft niet zoveel
overvloed gehad gedurende zes honderd jaar zonder regels en zonder discipline.
REPUBLICA,
III, fr3.Krarup:
Het zijn de Feniciërs geweest,
die als eersten met hun snuisterijen en handelswaar de hebzucht, de praal en de
onverzadigbare verlangens naar allerlei zaken in Griekenland hebben ingevoerd.
Cilicië:
Landstreek in Zuid‑Turkije, die in de oudheid ook wel onder de namen Qué
of Kizzoewatna bekend stond. Het is niet bekend of de Feniciërs er een permanente
nederzetting hadden, maar wel mag als zeker worden aangenomen, dat zij met het
land handel dreven. Ook het schrift van de Feniciërs was daar bekend, getuige
een bilinguale inscriptie uit Karatepe.(Zie verder onder KARATEPE).
Cillix:
Volgens de legende een zoon van Agénoor van Tyrus, die naar Klein‑Azië reist om prinses Europa
te zoeken. Hij geeft aan het volk de Ciliciërs zijn naam.
Cintas, P:
Auteur van o.a:"Contribution à l'étude de l'expansion carthaginoise
au Maroc" in: Publications de l'institut des Haut‑études Marocaines LVI,
Art et Métiers Graphiques, Paris .
Andere belangrijkste publicaties zijn: "Céramique punique", Tunis 1950.
"Amulettes puniques", Tunis
1946.
"Fouilles
puniques à Tipasa", RA 1948. "Le sanctuaire punique de Sousse ", RA 1947. "Fouilles à Utique" in KARTHAGO II
1951 V 1954.
P.Cintas
is echter van veel meer publicaties bekend en heeft aan het begin gestaan van
vele opgravingen in Noord‑Afrika tijdens de franse tijd.
Lijst
van nederzettingen van Cintas
Circumcelliones:
Een religieuse secte t.t.v. St.Augustinus in Noord‑Afrika. Zie:artikel
van H C Teitler in Intermediair: "Circumcelliones t.t.v.Augustinus".
Cirkin, Y B: Auteur
van o.a:"Economy of the Phoenician settlements in Spain " in:State and temple economy in the
ancient near east II [Lipinski, Leuven 1979]. Een ander werk van deze auteur is "Phönizier
und Spanier" in Klio 63‑1981.
Cirta:
Een oorspronkelijk Libysche stad met vooral na 146 veel Punische
invloeden. Het is het huidige Constantine in Oost‑Algerije. In de tofet zijn
vele honderden stèles opgegraven.
Zie:"Das
Heiligtum von El‑Hofra", E. Kunzl, Bonn 1979. De stad is in de 2e eeuw de
hoofdstad van het rijk van Masinissa. In de oorlog tegen Jugurtha wordt de stad
belegerd en ingenomen. De Italiërs worden dan uitgemoord. Weliswaar geen strict
Punische nederzetting, maar wel onder grote invloed getuige de vele voorkomende
Punische namen op inscripties uit de 3e-1e eeuw v.C.
Naam
|
Beroep
|
Zoon
van
|
Tijd
|
overig
|
Hanno
|
Bod.....
|
3e
|
||
Abdmilqart
|
Ozmilk
|
3e
|
||
Baalyahon
|
Baalyaton
|
3e/2e
|
||
Mattanbaal
|
3e/2e
|
Burger
van Yarim
|
||
Ariš
|
Arišam
|
3e/2e
|
||
Abdaštart
|
Hoofd
v/h bestuur
|
Masop
|
Begin
2e
|
|
Ariš
|
Labi
(=leeuw)
|
Begin
2e
|
||
Azrubaal
|
Geraštart
|
2e
|
||
Himilk
|
De
opzichter
|
Baalšillek
|
2e
|
|
Bodaštart
|
Abdmilqart
|
162/1
|
||
Mattanelim
|
šapot
|
157/6
|
||
Baalyaton
|
šunuk
|
148/7
|
Cursief: Numidische namen
Bovendien
kennen we uit de overlevering een koning Adherbal (eind 2e eeuw) en
een legeraanvoerder van koning Jugurtha = Bomilcar (eind 2e eeuw). Cirta
is de hoofdstad van veelal de Massylische kleinkoningen.
Literatuur:
Février
(J.-G.), Sur une bévue de lapicide, BCTH,
1951-2, p. 261- 264 (= RES, 1543 (cf. n° 685),
inscription sur une stèle décorée d’El Hofra).
Février (J.-G.) et Berthier (André). Interprétation de
deux stèles néo-puniques provenant d'El-Hofra, BCTH,
1954, p. 23-24. Deux stèles élevées l'une par l'épouse et
l'autre par le mari à l'occasion d'un sacrifice réel [?] d'enfant.
Février (J.- G.)et Berthier (A.), Inscription punique
d'El-Hofra, BCTH, 1954, p. 41.
Février (J. G.), Rapport sur Berthier
(A.) et Charlier (R.). Sanctuaire
punique d'El-Hofra, BCTH,
1955-6, p. 152-158.
Beschaouch
(A.), Le territoire de Sicca Veneria (El Kef), nouvelle Cirta, en Numidie
proconsulaire (Tunisie), CRAI, 1981, p. 105-122.
4.12.6.Das Heiligtum Plattegrond +
von el‑Hofra E Künzl aantekening
30.4
Le sanctuaire punique A.Berthier Arts & Métiers graphiques
d'el
Hofra R.Charlier Paris Gouvernement général de l'Algérie
51.5.14.Les Stèles puniques de BIBLIOGRAPHIE blz 764
Constantine
plattegrond
|
CIS: Afkorting van Corpus
Inscriptionum Semiticarum.
Citium:
Zie:KITION.
Citro, C:
Auteur van "Topografia, storia, archeologia di Pizzo Cannita"
in:Atti Accad.di Scienze Lettere e Arti di Palermo, XII, 1952‑3, pp.265 e.v.
(col de) Clapier: vermoedelijke pas, die Hannibal in 218 v.C
nam in de Alpen.
Clastidium:
Romeins garnizoen in de Povlakte, waarvan de bevelhebber zich overgeeft (eigenlijk
verraadt) bij de aankomst van Hannibal in 218.
Clerc, G:
Auteur van:"Fouilles de
Kition II,Objects égyptiens et égyptisants",Nicosia,1976.
Cl.Rev:
Afkorting van de naam van periodiek:Classical Review.
(la) Clota: necropool. In gebied
Calaceite, provincie Teruel. Imitatie van een tripod van het Cyprische type
Vergelijkbaar
met die van Oristano.
Zie:
Los soportes de Calaceite y las manufacturas ornamentales en bronce del Iberico
antiguo. Nuria Rafel Fontanals.
In:
BK 254 Anejos de AespA, El periodo orientalizante, Actes del II simposio
Internacional de Arqueologia de Mérida, Instituto Arqueologia Mérida, 2005.
Congres mei 2003.
Clupea:
ZIE:ASPIS. De Fenicische naam van de plaats is niet bekend. Vanaf grote
afstand kan het dominerende fort van Kélibia worden waargenomen. De haven ligt
goed beschut achter de kaap tegen de noordenwinden. Het fort met Arabische,
Romeinse en Punische restanten wordt gerestaureerd tot waarschijnlijk 1990. Er
zijn diverse onderaardse ruimten en in het midden
vinden
we met name de Punische resten.
Foto 319.uit het archief
van de schrijver. De foto
van Clupea werd in noor‑
delijke richting genomen.
Foto 320.uit het archief
van de schrijver. De heu‑
vel van Clupea met daarop
het Arabische fort, waar‑
binnen de Punische resten
op het binnenterrein.
Foto 321.uit het archief
van de schrijver.
[deze foto's werden in
1982 na Chr genomen en
tonen de resten van de
Punische burcht midden
in het Arabische fort]
Foto 322.uit het archief
van de schrijver.
Codaruina:
vindplaats van Punische objecten te Sardinië.
Collet, E: mede-auteur van ‘Sépulture punique à puits et chambre maconnés
près de Ksour-es-Saf (Tunesie), BCTH 1913.
Colette‑Picard: Auteur van
o.a.:"Collections puniques I:Architecture et sculpture", Paris 1974.
Colommines Roca,J:
Auteur van "Les Terracuites cartagineses d'Eivissa" Barcelona, 1938.
Colubraria:
Het eiland Formentera van de Balearengroep. Het wordt ook wel
slangeneiland genoemd en vormde één van de Pithyusen. Het eiland stond onder de
Carthaagse invloedssfeer sinds de 6e eeuw tot aan ca.200. Ook is de naam Phoenissa
bekend.
Consiglio nazionale delle ricerche:
Deze nationale onderzoeksraad van Italië heeft vele
onderzoeken
laten verrichten naar de Feniciërs en
Puniërs. In 1969 heeft de raad een colloquium gehouden met als
titel:"Ricerche puniche nel mediterraneo centrale.”
Conteneau, G:
Auteur van o.a: "La civilisation Phénicienne", 1928 Paris. en
van: "Manuel d'archéologie orientale", Paris 1927‑1947. Beroemd is
zijn missie geworden naar Sidon:"Mission archéologique à Sidon",
1914, Paris,1921 en:"2me Mission do." 1920,Paris,1924. BK 274.
Cornus:
Plaats aan de westkust van Sardinië. Een haven, waar in de 2e Punische
oorlog een Hasdrubal debarkeerde met een invasieleger, maar samen met de
opstandelingen van Hampsicorus tegen Rome, werd verslagen.
kaart
|
Foto 312.uit het archief van
de schrijver.
De kust van
Cornus in 1984 na Chr.
Coronoa Arubia:
vindplaats van Punische relicten op Sardinië.
Corsica:
Eiland in de Middellandse zee tussen Sardinië en Italië in gelegen. In
de 3e eeuw controleren de Carthagers de kusten van het eiland, maar bezetten
het niet volledig. Na de huurlingenopstand(240‑238) wordt Corsica door Carthago
noodgedwongen afgestaan aan Rome.
KORSAI
kaart
|
Cortija de las Sombres: necropool in Zuid-Spanje nabij Frigiliana.
Deze
nederzetting is alleen herkend op basis van kenmerken en materiaal aan de
oppervlakte, waarbij dus nog geen eenduidige opgraving, of waarover de meningen
verdeeld zijn. In 1965 vonden werkzaamheden plaats aan een woning, waarbij een
deel van een necropool vrij kwam te liggen. A.Arribas legt 15 graven vrij
vanuit de 6e-5e eeuw v.C. Men vindt er vazen van het type
Cruz del Negro. Voorts: huisraad, urn, scarabee.
Reis
2002 te Spanje
Op deze reis niet zelf
bezocht, maar er werd alleen een ansichtkaart van meegenomen. De plaats wordt
ook wel Cortijo de las Sombras genoemd. Bekend van een Fenicische necropool
vanuit de 6e-5e eeuw v.C. Men heeft er 15 graven gevonden. De overledenen
werden er gecremeerd en de as in urnen gestopt op een wijze zoals vergelijkbaar
met wat we aantreffen op het eiland Rachgoun voor de Mauretaanse kust. De urnen
zijn polychroom en rond van karakter.
In 2008 kon de plaats wel
bezocht worden. Er ligt nog een graf, dat te bezichtigen is.
Zie:A.Arribas/J.Wilkins,
La necropolis fenicia del Cortijo de las Sombras (Frigiliana, Malaga), Pyrenae
5 (1969), blz 185-244.
kaart
|
Cortijo Montanez: necropool in Zuid-Spanje nabij El Villar.
Cortoba:
Het huidige Cordoba in Zuid‑Spanje, dat in de 3e eeuw onderdeel
uitmaakte van het rijk der Barciden in Zuid‑Spanje. Het was een belangrijke
overslaghaven aan de rivier de Baetis (Guadalquivir) t.a.v. het goud en andere
metalen uit de Sierra Morena mijnen. CORTUBA
Foto 468.uit het
archief van de schrijver. Baetis.
Foto 469. uit het
archief van de schrijver. Romeinse
brug over de
Baetis.
Foto 470.uit het archief
van de schrijver. Romein‑
se relicten te Cordoba.
Foto 471.uit het archief
van de schrijver. Hoe oud
en nieuw in het hedendaag‑
se Cordoba verweven worden
en waardoor het oude behou‑
den blijft(?).
kaart
|
Corvo: Een van de Azoren‑eilanden, waar wellicht
Punische munten gevonden zijn.
Corvus:
De naam van de enterbruggen, die in vooral de eerste Punische oorlog
werden gebruikt door de Romeinen. Na verloop van tijd weten de Carthagers de
enterbrug te omzeilen.
afbeeldingen
|
Cossetanen:
Cossyra:
ZIE:AïRANIM. _____________________
_____________________
___________________________________________________
KAART COSSYRA
Sicilië
Afrika Cossyra=COSSURA
Linos Gaulus
Melita
Lampas
1:4.500.000
___________________________________________________
Cothon:
Naam voor kunstmatige haven in de oudheid. Bij de Puniërs komen we die
o.a. tegen in Motya en Carthago.
Cotte: Een mogelijke Fenicische en/of
Punische nederzetting aan de Atlantische kust van Marokko tussen Lixus en Tingis. Er resteert een vierkante
fundering, graf(VIe eeuw), viskuipen en een kanalisatiesysteem. Niet identiek, maar vlak erbij gelegen zijn
de "grotten van Hercules", die
4 km ten zuiden van Cap Spartel gelegen zijn. Door Montalban zijn daar Punische
vondsten gedaan. Bovendien werd er een graf gevonden uit de 6e eeuw.
ZIE:"Garum et
industries antiques de salaison dans la Méditerranée occidentale", M
Ponsich &
M Taradell, Paris
1965. "Une tombe punique au Cap Spartel" P H Koehler, Revue des Musées,
Dijon 1930. "L'Histoire ancienne de l'Afrique du
nord" op blz 70 van deel I., S Gsell.
"L'archéologie marocaine de 1958 à 1960 p.530 e.v., M Euzennat
__________________________________________________
KAART COTTE:COTTA
kaap
Spartel>>>
<<<<Tingis
Mediouna
Grotten van
Hercules
Ras Achakar
Grotten van Khil
Oued Khil
COTTA
Djebila
__________________________________________________
^noord
Cothon:
Kunstmatige haven bij de Feniciërs/Puniërs. Meestal is die aan de kleine kant.
Courtois, C: Auteur
bekend van "Saint Augustin et la survivance du punique" in: RA: 1950.
CRAI: Afkorting voor "Comptes
rendus des séances de l'academie des inscriptions et belles lettres".
Crematie:
Veelal verbranden de Feniciërs en Puniërs hun doden. Vele urnen met
overblijfselen en niet alleen van de offers zijn teruggevonden. Toch begroef
men ook tijdenlang de doden en dat gebeurde vaak in uitgehouwen kelders in de
rotsen. In Deel Drie, hoofdstuk Religie,
boek negen wordt hier onder par.4.7. nader op ingegaan. Sardinië is een markant
voorbeeld van zich wijzigende gewoonten omtrent dit aspect. P Bartoloni in
"Contributo alla cronologia delle
necropole
fenicie e puniche di Sardegna"(RSF 1981suppl.) gaat hier zijdelings op in.
In de 7e en 6e
eeuw
was het verassen nog gebruikelijk, voor zover bekend is. In ieder geval gebeurt
het in de plaatsen Nora, Bithia en Panilorga. Daarna (vanaf ca.520) gaat men in
geheel Sardinië over tot begraven in veelal kelders. Dit duurt tot omstreeks
275, wanneer het verassen weer duidelijk de overhand neemt.
Cross, F.M: Auteur
van o.a:"Two archaic inscriptions on clay objects from Byblus" in
RSF:1973.
CRST:
Afkorting voor The Claremont Ras Shamra Tablets.
Cruz del Negro: vindplaats in Spanje.
In:
BK 254 Anejos de AespA, El periodo orientalizante, Actes del II simposio
Internacional de Arqueologia de Mérida, Instituto Arqueologia Mérida, 2005. Congres mei 2003.
9.Consideraciones sobre un nuevo modelo colonial
fenicio en la peninsula iberica.
22.Las necropolis orientalizantes del sudoeste de la peninsula iberica.
73.Estilos orientalizantes: el caso de los marfiles
peninsulares.
74.Rasgos especiales de la ceramica de los yacimientos
fenicios peninsulares.
afbeelding
|
CT:
Afkorting voor Cuneiform Texts.
Culican, W: Auteur van o.a:"Aspects of Phoenician Settlement
in the West‑Mediterranean" in:Abr Nahrain Semitic Studies, University of Melbourne 1959‑1960 en van "Phoenician
Oil Bottles and Tripod Bowls" in Berytus vol 6, 1970. Belangrijk is de waardering in zijn werk("The
first Merchant Venturers:the Ancient Levant in History and
Commerce",London 1966) voor
de
Feniciërs als eerste zeevaarders en kooplieden.
Curubis: in
ieder geval een Romeinse plaats in Noord-Afrika, maar wellicht met een Punisch
verleden.
kaart
|
Cypro-Fenicische schaal: beroemde fraai bewerkte schalen uit vooral
de 8e en 7e eeuw v.C
afbeeldingen
|
Cyprus:
Groot eiland in de Middellandse zee. Voor de Feniciërs is Kition op dit
eiland hun eerste overzeesche toevluchtsoord. Een tijdlang komt vrijwel geheel
Cyprus onder Fenicische contrôle, maar ze concentreren zich voornamelijk op het
zuiden. In het binnenland exploiteren ze kopermijnen te o.a.Idalion, Tammassos.
In de 8e en 7e eeuw komt het eiland nominaal onder Assyrische heerschappij. In
de Perzische tijd volgen diverse Griekse opstanden, die overigens onderdrukt
worden met behulp van de Feniciërs. Nochtans wordt de Griekse invloed steeds
groter.
ZIE
VOORTS:KYPROS.
kaarten
|
Cyprusa:
Eiland in de Perzische golf. Nu wordt het Kisj of Qais genoemd. Een
paralel met Cyprus ligt voor de hand. De Grieken vernoemden Cyprusa
waarschijnlijk naar Cyprus?
Cythera:
Er bestaan slechts een paar indicaties voor een Fenicische nederzetting,
die ten hoogste tussen 1000 en 800 op het eiland voor de zuidpunt van de
Peloponnesos geweest kan zijn. Dat is allereerst de zeer gunstige ligging op de
doorvaart naar het westen van de Middellandse zee via de noordroute. Daarnaast
is er sprake van een legende omtrent Afrodite, die zou stammen van dit eiland.
En voor Afrodite moet dan weer Asjtarte gelezen worden.De eventuele Fenicische
nederzetting heeft echter nooit meer betekent dan een relaisstation op de grote
vaart naar Tartessos. Er moge ook nog op gewezen worden, dat er een
naamsverwantschap bestaat met Thera; een ander eiland in de Egeïsche zee,
waarvan bekend is, dat het ook Fenicisch bezoek
gehad
heeft.
__________________________________________________
KAART CYTHERA
Peloponnessos
Neapolis
Egeïsche zee
Ag.Pelagia
Ionische zee
507
Kythira
__________________________________________________
ncfps
See for
more information and in the English language:

