zondag 22 juni 2014

A11


Antas:              Plaats in het binnenland van zuidwest Sardinië in de bergen op een hoogvlakte. De resten van de tempels staan er nog. Antas is oorspronkelijk een Sardisch heiligdom, maar wordt uiterlijk in de 5e of 4e eeuw Fenicisch/Punisch. In de 2e en 1e eeuw is Antas Punisch/Neo‑Punisch. De eerste tempel uit de 5e eeuw is vrij klein. De tweede tempel uit de 2e eeuw is 10 bij 20 meter en wordt gekenmerkt door grote vierkante blokken. Deze tempel heeft de oriëntatie naar het noorden.

Antas is een Punische heilige plaats(BARNAH). In de 3e en de 2e eeuw wordt de tempel herbouwd door de Romeinen en dit staat nu goeddeels gerestaureerd nog overeind. Er is een inscriptie SARDOPOSTORIS FANUM teruggevonden, welke als volgt begint:"Adon Sid Addir Babay.....=Heer Sid machtige Babay....."  De tempel is gewijd aan de god Babay,vader der Sarden.

Zie ook: Reisverslag 1984.

 

                              Foto 207.Uit het archief van de schrijver:

                              De resten van de eerste tempel der Feniciërs.

                              __________________________________________________

 

 

 

 

 

 

 

 

 

                              __________________________________________________

 

Antas ligt op de flanken van de berg Conca d'Omu op 363 meter hoogte. Er zijn Punische fundamenten gevonden en de bouwtechniek van de tempel is Punisch van aard.  Zie voorts:"Ricerche puniche ad Antas" 1969 Instituto di studi del vicino oriente‑Universita di Roma.

 

                              Foto 206.uit het >>>

                              archief van de

                              schrijver.Punische

                              relicten met op de

                              achtergrond de (nu

                              in de 20e eeuw)

                              gemaakte lange

                              inscriptie.

                            

 

 

 

 

 

 

 

 

                              Foto 211.uit het

                              archief van de

                              schrijver. Het

                              toont het front

                              van de door de

                              Romeinen herbouwde

                              tempel met de

                              omringende bergen.

 

Plattegrond + afbeelding




De tempel van Antas.

In het zuidwesten van Sardinië ligt op een tiental kilometers uit de kust

op 363 meter hoogte een tempelcomplex. Er staan nog enige resten overeind.

Uit het onderzoek van Ferrucio Barreca is gebleken, dat er drie bouwfasen te

onderscheiden zijn:

Archaïsch punisch   6e-5e  eeuw v.C

Laat punisch        3e eeuw v.C

Romeins                    3e-2e eeuw v.C

De tempel is gewijd aan de god Sid. Daarnaast komt de verbinding met

Sardus Pater naar voren. Verder worden ook de goden Horon en Shadrapa vereerd. 

Er zijn Punische fundamenten en muren gevonden. De Punische bouwtechniek is

aantoonbaar. De gevonden inscripties zijn bestudeerd door Mohamed Fantar.

Tot 30 september 1967 konden 21 inscripties geregistreerd worden, waarvan er

slechts één geheel compleet is. Niettemin zijn de volgende namen traceerbaar:

Himilkat, zoon van Abdešmoen, zoon van Bodmelqart  Himilkat, zoon van

Baalyaton  Adherbaal, zoon van …..  …rtyaton  Himilkat, zoon van Barguiš,

zoon van Baalyasap  Baallešo?  …riš, zoon van Ariš  Bodaštart, zoon van ….

 Magon, zoon van …  Abi…., dienaar van Bodaštart, zoon van Magon

 Germelqart  Adonibaal  …trt  Abd…Aštap, zoon van Himilkat

 Abdo, zoon van Mel…

Opmerkelijk zijn de verwijzingen in de trant van:

‘die bij het volk van Carales is’ of  ‘die bij het volk van Sulcis is’

 of ‘zoon van de Magoniet’. De laatste moet van de noordkust van Afrika zijn gekomen.

Er worden enige suffeten genoemd zoals: Baalyaton, Adherbaal en waarschijnlijk Hanno.

 

24.5 Ricerche puniche ad   E.Acquaro         Studi semitici 30,

        Antas                                   F.Barreca          Instituto di

                                              S.M.Cecchini     studi del viceno oriente

                                             M.Fantar           Roma 1969

                                             M.G.Guzzo Amadasi  >>>>>>>>>>>>>>>>>>>>SID

                                              S.Moscati

                         

Antas II:           Op de zuidkust van Portugal ligt ook een plaats met de naam Antas. De plaats is van belang geweest voor zoutwinning en visverwerking(Garum).

 

Antas III:          De rio Antas nabij Garrucha in ZO Spanje.         

 

kaart




 

Anthedon:       haven van Gaza.

 

'NTHN:              Punische naam (1x geregistreerd).

 

Antigones:          Hellenistisch vorst, die in 315 gedurende 15 maanden Tyrus belegerd.

 

Antigori:            Gelegen op Sardinië aan de kustweg Nora-Carales. Bij de nuraghe is Myceens, Fenicisch en Punisch aardewerk gevonden vanuit de 2e helft van de 7e eeuw v.C. Map 45.1.15 Ceramica fenicia e puni dal nuraghe antigori. P Bartaloni. Roma        

 

Antiochus I:        Soter. In 218 koning van Seleucië en heerst als zodanig over een deel van Fenicië. Hij verliest de eerste Syrische oorlog van Ptolemeus II(274‑271), waardoor een nog groter deel van Fenicië onder Egypte.

 

Antiochus II:       Theos. Hij wint in de tweede Syrische oorlog(260‑253) weer delen van Fenicië terug voor het Seleucidische rijk.

 

Antiochus III:      de Grote. Hij wint en verliest in de vierde Syrische oorlog gebieden van Fenicië. In 195 verleent hij gastvrijheid aan Hannibal. In 192 valt hij vergeefs Hellas binnen. In 188 moet hij bij de vrede van Apamea afstand doen van de vloot en van delen van Klein‑Azië. Een jaar later wordt vermoord bij de plundering van een Baäl tempel te Susa door de verontwaardigde bevolking.

 

Antiochus IV:       Epiphanes. Hij regeert van 175‑164. In de zesde Syrische oorlog weet hij Egypte te veroveren, behalve het zo belangrijke Alexandrië. Na een Romeins ultimatum moet hij terugtrekken.

 

Antiochus V:        Eupator. Hij regeert van 164‑162 over o.a.Fenicië.

 

Antiochus VI:       Epiphanes Dionysius. Hij wordt op 2 jarige leeftijd koning van Seleucië. Als hij 5 is wordt hij afgezet.

 

Antiochus VII:      Sidetes. Hij regeert van 139‑129 en behoudt van het Seleucidische rijk slechts Syrië en Cilicië.

 

Antiochus VIII t/m XIII zijn niet of nauwelijks van belang geweest voor Fenicië.

 

S.Antioco:          huidige naam voor het antieke Sulcis aan de zuidwest‑kust van Sardinië. Zie reisverslag 1983.

 

Antipater v.Sidon:  Een Grieks epigrammen‑dichter, die leefde in het einde van de tweede eeuw. Hij stamde uit de Fenicische school en heeft o.a. 80 voornamelijk fictieve grafschriften nagelaten.

 

Antipater van Tyrus:Hij leeft van 95 tot 46 en bekeert Cato Uticensis tot het stoïcisme.

 

'NTQNS:             Neopunische naam(1 x geregistreerd).

 

Antiquitities:      Boek van Josephus, waarin hij nogal eens verwijst naar de Feniciërs, zoals onder 8.55: "Tot op deze dag zijn er afschriften van brieven overgebleven in onze boeken, maar ook in die van de Tyriërs, zodat, als iemand de exacte waarheid wil weten, dan zal hij door onderzoek bij de openbare officiëlen, belast met de Tyrische archieven (gazophylakion) tot de slotsom komen, dat hun materiaal in overeenstemming is met wat wij zeggen."

 

’NTQNS:         

 

Antropoïde sarcofagen: grafkisten met een menselijke afbeelding

 

'NYK:               Neopunische naam(1 x geregistreerd).

 

Voorbeeld Sidonisch type




 

Anysus:            Koning van Sidon in c.480. Zijn zoon is Testramnestus.

 

Anziani, D:        Hedendaags auteur van o.a.:Nécropoles puniques du Sahel Tunesien in:Mélanges d'archéologie et d'Histoire de l'école francaise de Rome 32(1912) blz 245‑303.

 

'*:                       Neo‑Punische naam)1 x geregistreerd).

 

AO:                 afkorting voor het tijdschrift Der Alte Orient.

 

Aones:              Mede‑aanvoerder van de inheemse stam van Boeotië, die zich overgaf(vlg Pausanias IX,5:1) aan het binnenvallende leger van Cadmus en zijn Feniciërs.

 

'*R[...:               Neo‑Punische naam(1 x geregistreerd).

 

AOS:                afkorting voor het tijdschrift American Oriental Series.

 

Apamea:          Stad in Klein‑Azië, waarnaar het verdrag genoemd is, dat Seleucië en Rome afsloten in 192. In het verdrag werd bepaald, dat Seleucië geen vloot meer mocht uitrusten. Bovendien moesten er vele gebieden worden afgestaan.

 

Aphesyathon:    naam, die voorkomt op Malta. Het is iemand, die in een inscriptie een eed aflegt

aan de dame Ashtart. In zijn naam zit het werkwoord: ‘geven’.

 

Aphter:             Opstandige vorst tegen Massinissa van Numidië, die in Emporiae toevlucht zoekt.

 

Apisa maius:     vindplaats in Noord-Afrika. Gelegen tussen Sousse en Nabeul. GIAN LUCA GREGORI, Forme onomastiche indigene e puniche ad Apisa Maius, Siagu, Themetra e Thimiliga, Africa romana, 7, 1989, p. 167-176.

GIAN LUCA GREGORI, Gaio Silio Aviola: patrono di Apisa Maius, Siagu, Themetra e Thimiliga, Africa romana, 8, 1990, p. 229-238.

 

‘PN:                Punische naam(1x) en Neo‑Punische naam(1x).

 

'PN:               Punische naam(1x) en Neo‑Punische naam(1x).

      

Apollodorus:   Vader van Philocles, die koning van de Sidoniërs is (volgens een inscriptie op een stuk marmer uit Attica).

 

Apollonides:   Zoon van Demetrius, Sidoniër, ontvangt de onderscheidingproxenos en het recht om land te verwerven op Attica.

 

'P*PR*:             Epaphra. Neo‑Punische naam(1 x geregistreerd).

 

Apostis:            Uitleggerconstructie bij de oorlogsschepen. Hierdoor konden er meer roeiplaatsen verwezenlijkt worden.

 

Appianus:       Een Grieks schrijver uit Alexandrië, die nogal wat wederwaardigheden over de Feniciërs en Puniërs vermeld heeft.

 

'PSN:               Neo‑Punische naam(1 x geregistreerd,Jongeling).

 

'PS(H)N:          Neo‑Punische naam(1 x geregistreerd,Jongeling).

 

'PSYTN:           Neo‑Punische naam(1 x geregistreerd,Jongeling).

    '

'PT*TB':           Neo‑Punische naam(1 x geregistreerd,Jongeling).

 ' '

'PT[...:             Neo‑Punische naam(1 x geregistreerd,Jongeling).

    '

'PTH:               Neo‑Punische naam(1 x geregistreerd,Jongeling).

    '

Apud Asnam: vindplaats in Noord-Afrika. Beschaouch (A.), De l'Africa latino-chrétienne à l'Ifriqiya arabo-musulmane : questions de toponymie, CRAI, 1986, p. 530-549 ; p. 537-538 : 3. Essai d’identification d’Apud Asnam (avec El Asnam, banlieue sud de Kairouan).

 

Apuleius:           Auteur van o.a. de roman Metamorphoses(Libri XI). Hij werd in 125 na Chr.geboren in Constantine en stierf omstreeks 180 na Chr.in Carthago. Zijn stiefzoon sprak Neo‑Punisch.

 

Apulië:             Landstreek in Italië, waar Hannibal vaak zijn legerkamp tijdens de tweede Punische oorlog opsloeg. Vooral Noord‑Apulië koos in deze oorlog grotendeels partij voor de Carthager. Het werd in de oorlogshandelingen zo grondig verwoest, dat het eeuwen geduurd heeft, voordat de landstreek zich daarvan hersteld heeft.

 

kaart




 

'PWN:               Hippo. Neo‑Punische naam(1 x geregistreerd).

 

'QYL':              Aquila. Neo‑Punische naam(1 x geregistreerd).

 

Aquaduct:         Die kenden de Puniërs nog niet. Het bouwwerk werd onder de Romeinen ingevoerd. Beroemd is het aquaduct, dat loopt van ZIQUA naar CARTHAGO. Er zijn nog steeds resten van zichtbaar.

 

Foto’s 328 + 330




Aquae Carpitanae: vindplaats in Noord-Afrika. Merlin, Objets provenant des Aquae Carpitanae entrés au Musée Alaoui, BCTH, 1909, p. CLXI.

 

kaart




Aquae Regiae: 

 

'QLMS:              Neo‑Punische naam(1 x geregistreerd,Jongeling).

 

Aquilaria:          Deze nederzetting ligt op de noordpunt van het schiereiland kaap Bon(Hermaïsche voorgebergte). Er vlakbij liggen te Latomiai de steengroeven,  van waaruit het materiaal voor Carthago werd betrokken. Het is het tegenwoordige EL‑Haouaria nabij Rass ed Drek. Nog steeds zijn er resten van steengroeven te zien. Van de plaats Aquilaria is echter niet veel bekend, maar Aquilaria moet al op een vroeg tijdstip zijn gaan behoren tot het Carthaagse rijk(6e eeuw) en blijft daartoe behoren  tot c. 146.

                              __________________________________________________

                              KAART

                                                  Aegimurus Aquilaria

 

                                                      Missua         Kerkouane

 

 

                                                                   Clupea

                                     Carthago Thermai

 

 

 

 

                                                          Curubis

 

 

 

 

 

                                                Neapolis

 

 

                                                                  1:1.000.000

                              __________________________________________________

 

Aquitanië:         streek, die Hasdrubal in 208 v.C doorkruiste op zijn tocht naar Italië

 

kaart




’qyl’:

 

'R:                   Neo‑Punische naam(1 x geregistreerd,Jongeling).

 

Arabieren:         Tegen het einde van de 6e eeuw na Chr vagen de Arabieren de Romeinse beschaving in Noord-Afrika en daarmee ook de laatste restjes van wat er aan Punische relicten nog over zou kunnen zijn.

kaartje




(bou) Arada:      vindplaats in Noord-Afrika. Beschaouch (A.), Sur trois cités de l'Afrique chrétienne : Gunela, Aradu et Middica, CRAI, 1983, p.683-693 ; p. 387-689, Aradi = Bou Arada. NAIDÉ FERCHIOU, Une zone de petite colonisation romaine à l'époque julio-claudienne: le centre-ouest de l'Africa vetus (région d’Aradi, Avitina, Dj. Mansour, Siliana), Africa romana, 3, 1985, p. 295-218.

 

kaart




 

Aradus:            

1.De latere Griekse naam voor Arvad. Zie o.a. van H Seyrig: Aradus et sa perée sous les rois Séleucide.(zie verder onder Arvad).

 

 

 

afbeelding




2.klein eiland voor de oostkust van Kreta. Plinius noemt het in Nat.Hist.IV 61 Arados. Wellicht ligt het tegenover Ithanos, alwaar ook Fenicische relicten naspeurbaar zijn.         

                              ________________________________________________

                                KAART

 

 

 

 

 

 

                                  Creta                       Arados

                                                              Ithanos

 

 

 

 

 

                                ________________________________________________

 

3.stad in Afrika. Genoemd op de Peutinger‑kaart en gelegen in Numidië.

4.eiland in de Rode zee bij Bahrein. Wellicht is het het huidige Mubarrak. Volgens Strabo is het de oorspronkelijke nederzetting van de Arvadiërs. De naam Arados komt voor bij Strabo XVI 766,784, bij Ptolemeus VI 7,47 en bij Stephanus van Byzantium. Tegenwoordig komt er bij Bahrein ook de naam Arad voor en heeft betrekking op een zeer klein eiland. Volgens de overlevering zouden de Arvadiërs van hieruit naar de Middellandse zee‑kust gekomen zijn. Omgekeerd is het ook zeer wel mogelijk, namelijk, dat vanuit Arvad(deels gedwongen door de Mesopotamiërs) zij zijn afgezakt op hun schepen via de Eufraat naar de Perzische golf. De karavaanhandel was namelijk erg belangrijk voor Arvad en de interresse van de stad lag dan ook sterk in de richting van Mesopotamië en verder. Dank zij het feit, dat zij goede zeelui waren (Ezechiël XXVII 8,11) konden zij dan tot ver in de Perzische golf komen en een Arados als

steunpunt oprichten op wellicht het eilandje Arad.

                               ________________________________________________

                                KAART                               1:10.000.000

 

                                      ?

 

                                          Assyrische

                                                 meer

 

 

                                                 Bahrein

 

                                                                  Perzische golf

                                                    Qatar

 

 

                                ________________________________________________

 

Arae Philaenorum: Ongeveer het punt, dat als scheidingsplaats functioneerde tussen de Carthaagse en de Grieks‑Egyptische invloedssfeer in Noord‑Afrika. Aan deze plaats in Libyë is de legende verbonden van de gebroeders Philaenores, die voor Carthago meededen in een hardloopwedstrijd om de invloedssfeer met Cyrene af te bakenen. De Carthagers deden veel meer hun best dan de twee participanten uit Cyrene. Bij de later zo genoemde Arae Philaenorum ontmoeten de deelnemers aan de wedstrijd elkaar en de Grieken werden bevreesd voor het

thuisfront, omdat ze het zo slecht gedaan hadden. Ze stelden daarom de Carthagers voor de keus:

of een eind terug gaan, of het met de dood  bekopen. De Carthagers kozen, zo wil de legende,

voor het laatste. Op de plaats, waar zij de dood vonden zijn later gedenktekens opgericht.

                                ________________________________________________

                                KAART                          _________________

                                                               0               10

                                                                              mijl

                                ARAE PHILAENORUM

                                     Ras el Aali

                                                               ANABUCIS

                                                               AUTOMALAX

                                                                        Agheila

                                ________________________________________________

                                *:zwavelbronnen. ////:scherpe rand.    :Sebkha.

 

Arambys:            Een op de tocht van de vlootvoogd Hanno gestichte nederzetting op de west‑Marokkaanse kust in ca.525‑520 of 470-450.

 

Arameeën:           De eerste Arameese invasies vinden in Fenicië plaats tussen 1400 en 1100. Het is de Assyriër Tiglath‑Pileser I, die deze invasies in eerste instantie ook naar het oosten toe een halt toeroept. Rond 1000 vinden er opnieuw invallen plaats, maar dan meer in het dal van de Eufraat. Aan de  voet van de Amanus ontstaat de staat Ya'udi=Sam'al met Zendjirli als hoofdstad. In het middendeel van het dal van de Orentes komt het staatje Hamat. De Arameese staten bereiken echter nooit definitief de zee.  Zie:LES ARAMëENS, A Dupont‑Sommer, 2.L'Orient

anciens illustré, 1949. Zie:onder Kilamu.

 

afbeelding




Aramees:         

 

Aramzoba:      Het dal tussen de gebergten Libanon en Anti‑Libanon. Tegenwoordig wordt dit dal de Beekaa vallei genoemd.

 

Aratispi:                      

 

Arbaäl:            Naam, die voorkomt in o.a.Arvad. ZK DL1,75.

                       'RB*L:              Arbaäl(komt ook in het Punisch 2x voor).

 

Arbaïm:             betekent:het getal veertig.

 

Arbus:              Plaats op Sardinië in de gemeente Fontanazzu, waar een graf met Punische resten is aangetroffen.

 

Arbocala:        stad Toro in Keltiberië, die door de Vaccaeiërs werd bewoond en die door Hannibal Barcas werd veroverd in het jaar 220.

 

kaart




Archagatus:     broer en medebevelhebber van Agathocles in zijn leger.

 

Archylus:        bevelhebber in het leger van Dionysios in 398. Hij leidt de nachtelijke aanval op Motya te Sicilië, waarna de Punische stad zich uiteindelijk moet overgeven aan de Grieken.

 

Arce, J:            Hedendaags historicus, die in RSF 1977 publiceert over de relatie Tharsis‑India‑Aethiopia.

 

ARCHEOLOGIE


In de 19e en 20e eeuw is de archeologie steeds beter op gang gekomen. Steeds meer plaatsen werden ontdekt en opgegraven. Anno 2003 zal er al enige honderden plaatsen in kaart gebracht, waar de Feniciërs en de Puniërs hun sporen hebben nagelaten. Om enigszins een overzicht te krijgen in de vele activiteiten, is hier de volgende onderscheiding gemaakt:

1.Geschiedenis van de archeologie.

De geschiedenis van archeologie in het Midden Oosten.

Die begint in Egypte met Napoleon in 1798 na Chr, in Palestina met Robinson in 1838 na Chr en in Mesopotamië met Botta in 1842 na Chr. In Fenicië was de voortrekker Ernest Renan, die in 1860 na Chr in Beiroet begon met zijn ‘Mission de Phénicie’. In het begin ging het vooral om kunstzinnige voorwerpen, die tevoorschijn werden getoverd en vervolgens in Europese musea en zelfs op pleinen hun laatste rustplaats vonden. In het begin verwoestte men bij de opgraving vaak ook weer veel. Later ging de aandacht steeds meer uit naar welhaast onbeduidende keramiekscherven bijvoorbeeld, die echter veelal meer kunnen vertellen over de omstandigheden, waarin de mensen, die het vervaardigden, toen leefden. De twee wereldoorlogen en de grote economische depressie van 1929/1930 na Chr. bracht een stilstand in de ontwikkeling en diepgang van de archeologische werkzaamheden teweeg. Na de tweede wereldoorlog zien we steeds betere en verfijnde archeologische methoden, maar anderszijds wordt het werkveld in het Midden Oosten nogal ingeperkt door nationalistische motieven. Mesopotamië heeft tot dusver de beste resultaten opgeleverd t.a.v. de schriftvondsten, omdat het spijkerschrift op kleitabletten uitstekend houdbaar is. Daarentegen zijn maar weinig papyrusteksten terugegevonden, die nog leesbaar zijn. Zeker voor wat betreft Fenicië blijven er nog vele vragen te beantwoorden:

-           Hoe werd de regering van een Fenicische prins geaccepteerd en hoe moest hij verantwoording afleggen aan een volksvergadering?

-           Was zo’n volksvergadering democratisch?

-           Wie hadden de ceders van Fenicië in eigendom?

-           Wanneer veranderde de Fenicische gelegenheidszeevaart in een grootschalige exploratie?

-           Wat deed de Fenicische zeeman in de winter?

-           Hoe hield de Fenicische handelaar zijn rekeningen en handelstransacties bij?

-           Waar bestond het voedsel uit van een gemiddeld Fenicische gezin?

In een volgende eeuw van de Midden-Oosten archeologie zullen dit soort vragen beter beantwoord gaan worden.

9.5.THE ROLE OF THE PHOENICIANS IN THE INTERACTION OF MEDITERRANEAN CIVILISATIONS   W.A.WARD  10 deelpublicaties

2.Handboek van de archeologie.

Archeologische plaatsen.

Dit handboek gaat in op de volgende plaatsen, die ook voor de Feniciërs en Puniërs van belang zijn: BYBLOS,KARATEPE,KARKEMISCH,,KARTHAGO,LEPTIS MAGNA,

MALTA,SABRATHA,SEGESTA,SELINUNT,SIDE,SIDON,TYROS,VOLUBILIS

39.2.Kleines Handbuch der                        BOEK 14!

     Archäologie              E Gorys            München DTV 1981

Een archeologische atlas.

Plattegronden en teksten over o.a.:Leptis Magna, Oegarit, Oea, Sabratha, Sidon, Tyrus, Baalbek, Berytus, Carthago, Cherchel, Thugga, Huelva, Kition, Tipasa, Motya, Tharros.

54.4   Atlas van de Archeologie    BK54!

3.Overzichten per land & streek.

Waarom de Feniciërs.

c.1000 wordt het hoogtij ingeschat. Aardige plaatjes. Foto’s vanuit de ruimte.

87.12.  Remote Sensing Archaeology and the Phenicians       arcl.ed.ac.uk        naciente.com

Syrische prehistorie.

Een onderzoek bij 51 plaatsen. Concentraties aan de Nahr el-Kebir, rond Palmyra en de bovenloop van de Eufraat.

60.1. SYRIA LXIX 1992      Bilan sur la préhistoire  de la Syrie        S.Muhesen     Université de Damas

De Metagonieten.

Zo worden de Fenicische en Punische plaatsen genoemd op de kust van Noord-Afrika. G.Vuillemot heeft een deel van deze kust uitgebreid verkend en publiceerd daarover in 1962 na Chr. Speciaal de lokatie Les Andalouses werd minutieus uitgekamd.

4.10.Réconnaissances       G.Vuillemot         Autun, Musée Rolin, 1965

     aux échelles puniques                               Stelling in 1962

     d'Oranie  (Rachgoun,Mersa Madakh,Andalouses,Mingeonnet,Le Tassa,Ténès,Arzew, Mersa Bou Zedjar,Habibas,Rio Salado,Camerata, Tafna,Msirda, Gunugu,  Emsa,e.a.}

Opgravingen.Bij de opgravingen in vele plaatsen lopen archeologen veelal tegen het probleem aan, dat bij vrijwel alle Fenicische plaatsen er een Romeinse bovenop is gedeponeerd. Bovendien was het zo, dat bij de archeologie de aandacht vroeger meestal vooral op de Romeinse verworvenheden gericht was.

Ø        In 1970 na Chr. stond de teller op 24 plaatsen in Marokko met een Fenicisch verleden: MELILLA, EMSA, SIDI ABDESLAM DEL BHA, KITZAN, TAMUDA, TANGER, COTTA, EL KOUASS/ACILA, LIXUS, BOUSELHAM/MOULAY, BANASA, GILDA, THAMISIDA, RHIRA, VOLUBILIS, EL GOUR, SALA, AZEMMOUR, JADIDA TIT, CAP BLANC, SIDI MOUSSA,OUALIDIA, CAP CANTIN, SAFI, JORF EL YHOUDI, MOGADOR.

Ø        In Algerije hebben er onderwater-onderzoeken plaatsgevonden te BETHIOU (St.Leu=Arzew), CHERCHELL (Iol-Caesarea), TIPASA, SKIKDA (Hippo), CAP MATIFOU (bordj el Kifane). P.Cintas poneert de theorie, dat om de 50 km er een aanlegplaats geweest moet zijn van de Feniciërs.

Ø        In Tunesië is het moeilijk om een onderscheid tussen Fenicisch en Punisch te maken.

Ø        In Spanje treffen we tientallen nederzettingen aan op de zuidkust, soms zelfs op enige kilometers van elkaar. De Feniciërs introduceren de kip in Spanje.

13.1 L'Espansione fenicia  Colloquio Rome 4‑5 maggio 1970

Stand van zaken in het archeologisch onderzoek omstreeks 1970 na Chr.

In Sardinië:

-           In en rond Sulcis van 1964 – 1968 na Chr.

-           Bovendien werden in de loop der tijd de volgende plaatsen door archeologen onderzocht:

Huidige naam                            klassieke naam
=============================
Cagliari                                     Karalis
Capo di Pula                             Nora
Torr di Chia                                              Bithia
Malfatano
S.Isidoro di Teulada                   Tegulae
Zaffarano
Porto Pino
S.Antioco                                  Sulcis
Carloforte                                 Inosim
Mazzacara
Bruncu ‘e Teula
Gutturu ‘e Flumini
Pistis
Capo Frasca
S.Maria di Nabui                        Neapolis
Capo S.Marco                           Tharros
Capo Mannu
S.Caterina Pittinuri                     Cornus
Bosa
Porto Conte                                              Carbia?
Porto Torres                              Turris Libyssonis
Castel Sardo
Olbia
Calagonone
Lotzorai                                    Sulsi
S.Giovanni di Saralà                   Saralapis
S.Maria di Villaputzu
S.Priamo
Monte Nai
Capo Carbonara

- Op basis van de namen komen in aanmerking om verder onderzocht te worden:

Huidige naam                                            klassieke naam
=================================
Usellus                                                    Uselis
Macomer                                                  Macopsia
Magomadas                                              Macomadas
Padria                                                      Gurulis
Lago di Barazze                                        Nura
Oristano                                                   Othoca

- Nog niet genoemde plaatsen zijn:

Monte Sirai                               Monte Crobu             Corona Arrubia
Paniloriga di Santadi                                   Villaperuccio
Pantaleo                   Piolanas                    Medau Piredda
Çorongiu                   Tani                         Santa Iaccu
S.Pietro di Siliqua       Uta                          Paringianeddu
Sa Turritta di Serruci                                  Grugua
Antas                       Corongiu ‘e Mari         Matzanni
Santu Antine              Monastir                   S.Sperate
Serramanna               Settimo S.Pietro         Maracalagonis
S.Andrea Frius           S.Nicolo Gerrei          Ballao
Senorbi                     Barumini                   Baressa
Allai                          Genoni                      Uras
Mogoro                     Neoneli                     Paulilatino
Fordongianus             Narbolia                    S.Simeone di Bonorva
Modolo                     Sorso                       Tergu
Codaruina                 Viddalba

In Sicilië:De doorbraak kwam al in 1921 na Chr.met de opgraving van J.Whitaker te Motya/Mozia. Nog steeds is hier ook een groot van de aandacht aan gewijd door steeds weer nieuwe vondsten.

-           Solunto in 1951 na Chr.      + La Cannita.

-           Lilibeo in 1965-1966 v.C.

-           Pantelleria door P.Orsi al in 1899 na Chr.

-           Erice 1967 na Chr.

-           Palermo 1965 na Chr.                        en voorts:

Selinunte, Sciacca, Monte Polizzo, Segesta, Poggioreale, Rocca d’Entella, Torre Gratanelli, Montelepre, Himera

Op Malta:Tas Silg, Marsaxlokk, S.Paolo Milqi. Op Gozo:Wardija.

In Algerije: In Siga is keramiek aangetroffen vanuit de 2e helft van de 7e eeuw v.C. door M.F.Villard. In april 1969 na Chr.werden er bovendien gedenkstenen bloot gelegd.

- De necropool van Gouraya is al langer bekend. Hij stamt uit de 3e-2e eeuw v.C. M.F.Villard legt een verband tussen het gevonden Griekse aardewerk in het gebied van Oran, te Marokko en speciaal te Lixus. In de 5e eeuw v.C. moeten deze gebieden een economisch geheel gevormd hebben. De Griekse keramiek werd door de Carthagers vervoerd.

- In Tipasa is M.Cintas begonnen met de opgravingen. Hij werd in 1960-1962 opgevolgd door M.Baradez en van 1964-1968 door M.Lancel. Cintas vindt een necropool vanuit de 6e eeuw v.C. Er worden meer necropolen gevonden zowel ten oosten als ten westen van de stad. De graven hebben een noord-zuid ligging met de hoofden naar het noorden toegekeerd [en de uitgang dus veelal naar het zuiden?]. In juli 1968 na Chr. werd er een schiereiland een opgraving verricht, waarbij het forum en een baseliek werd gedecteerd. Het woonkwartier moet waarschijnlijk tussen de westelijke en de oostelijke necropool in liggen.

- Tiddus ligt 20 km ten zuiden van Constantine.

- Sigus ligt 30 km ten ZO van Constantine. Hier bevindt zich een necropool vanuit de 1e eeuw na Chr. Er zijn 29 munten gevonden, waarvan 5 uit Carthago, 10 uit Numidië en 11 munten uit de keizertijd.

- Constantine = Cirta. In 1950 vinden A.Berthier en A.Charlier er 600 gedenkstenen.

- Hippo Regius kent keramiek uit de 2e eeuw v.C. M.Morel onderzoekt een grote muur, die in 90-80 v.C. werd gebouwd. De architectuur daarvan is Punisch.

In Tunesië:Thabarca, Hippo Diarrhytus, Carthago, Kerkouane, Taparura, Tacapas, Gigthi, Hadrumetum.

14.1 Ricerche Puniche  nel Mediterraneo                       Colloquium Roma 1969

       Centrale                                                                     Consiglio nazionale delle   ricerche 1970

     ‑Ricerche puniche  in Sardegna              F.Barreca

     ‑Ricerche puniche  in Sicilia                   V.Tusa

     ‑Recherches puniques en Algérie             M.Bouchenaki

     ‑Recherches puniques en Tunesie           M.H.Fantar

     ‑Ricerche puniche  a Malta                     A.Ciasca         

De goede kaap.Het schiereiland in Tunesië bevat diverse archeologische plaatsen van groot belang. O.a: Oued er Regia - Es Seguia - Ain Takerdouch - Ainet Tarfa - Bordj Guelib el Mdaoueur – Dagla - Dar Oulat Otsmane - Djebel el Fortas - El Mraissa - Marsa Ben Ramdam - Sidi Aati  - Sidi Bel Abiod - Sidi Bou es Serrour- Sidi Daoud – Thonara – Thoudaden. De belangrijkste plaats is zonder meer Kerkouane=Dar es Safi=Dj.Mlezza=Arg el Ghazouani met een compleet bewaarde stad en uitgebreide begraafplaatsen.

27.6 Prospezione archeo‑                    Roma 1973, Consiglio

         logica al capo bon I                     nazionale delle ricerche

        ‑Necropoli puniche                      P.Bartoloni

         della costa nord-orientale del capo Bon

        ‑Oued er Rega                              E.Acquaro        

        ‑Es Seguia                                     E.Acquaro        

Archeologie op de Cap Bon.

Menzel Témime
Necropool
5e-4e
Kelders
 
Kelibia
necropool
4e-3e
Kelders
 
Sidi Jemaïel ed-Dine
Tussen strand en het fort
 
grafkamers
El Mansourah
Hamman el-Ghezer
bewoning
 
25oo m2
 
Kelibia
fort
 
fundamenten
Aspis

Andere plaatsen zijn: Carpis, Maxula, Ras el Fartas, M’raïssa,>>> bezocht ;Missua, Ras ed Drack, Haouaria,  >>> steengroeven; Kerkouane, >>> bezocht; Curubis, >>> bezocht: Romeins; Neapolis, >>> bezocht; Pupput, (Thin)nissut en Siagu.

47.1.7       L'Archéologie Punique au Cap Bon                               Mh Fantar Tunis

                ‑La nécropole Punique au Cap Bon                             

                ‑La nécropole punique de Kélibia                 

Archeologische lijst.Bijna 600 plaatsen staan hier geregistreerd uit voornamelijk Italië.97.10.  Archeological Sites in Italy www.members.tripod.lycos.nl/hemea/it

Sardegna archeologica.Cartoguide tematiche de Agostini 1:250.000.Kaart Pesce. Plattegrond Alghero. Kaarten Calaris.

54.6   Kaarten Sardinië

Punisch onderzoek in Sardinië.

Op vele tientallen plaatsen is onderzoek verricht. Bovendien zijn de Punische limes in kaart gebracht.

33.8.Ricerche punica in Sardegna F.Barreca      

Een voetafdruk in de zee.

Een overzicht van de archeologie te Sardinië:

-Brian Peckham -> stichting Fenicische steden

-Piero Bartoloni -> lampen

-Enrico Acquaro -> juwelen

-Robert J Rowland -> penetratie in het binnenland

-Paolo Bernardini -> orientaliserende fase

Bookreviews:       -Sardinia in the Mediterranean BASOR 295

69.8.11.BK11

Sardegna Archeologica


Arzachena
 
 
 
Alghero
Anghelu Ruju
Nuraghe Palmavera
 
Sassari
Mt.d’Accoddi
 
 
Toralba
Nuraghe st Antine
 
 
Dorgali
=Nuraghendorp
 
 
Macomer
Silanus
Nuraghe St.Barbara
 
Bonorva
St’Andrea Priu
20 grottenverblijven
 
Abbasanta
Nuraghe Losa
 
 
Paililatino
St.Christina
c.1000 mensen
 
Oristano
Tharros
 
8e eeuw
Barumini
Su Nuraxi
Punische invloed
 
Serri
St.Vittoria
 
 
Goni
Pranu Mutteddu
menhirs
 
Antas
 
Adon,Sid,Addir Babay
 
Cagliari
 
fenicisch
9e-8e eeuw
Mt.Sirai
 
 
7e eeuw
St.Antioco
Sulcis
Tofet:2000 urnen
 
Nora
 
 
9e eeuw

Archeologie in Libyë.

1910              Frederico Halbherr + Gaetano de Sanctis >> Pentapolis

1911              Salvatore Aurigemma + Francesco Beguinot >> Cyrène + Tripoli + Lepcis + Zliten

1919              Pietro Romanelli >> Aelia Arisuth graf

1923              Bartoccini >> Lepcis + Sabratha + Apollonia + Teuchira

1928              Giacomo Guidi >> Lepcis + Sabratha

Na WOII: Haynes, Ward-Perkins, Goodchild, de Vita, Baramki, Taha Bakir

          84.1.   La recherche archeologique e Libye        Antonio di Vita   La Libye antique              Menges 1998

De Lybische steden aan de grote Syrtis.

Archeologisch onderzoek

1
Frederico Halbherr
Gaetano De Sanctis
1910
Pentapolis
2
Salvatore Aurigemma Francesco Beguinot
1911
Christelijke necropool te Ain Zana bij Tripoli
3
Lucio Marrano
1913/4
Beeld Aphrodite in tempel Apollo te Cyrene + Artemis van Ephesus in sacellum van amfitheater te Leptis + 4 mozaieken in villa Zliten + neopunische necropool te Forte della Vite te Tripoli
4
Pietro Romanelli
1919
Tripoli + graf Aelia Arisuth
5
Renato Bartoccini
1923
Lepicis, Sabratha, Cyrene, Ptolemais
6
Giacomo Guidi
1928
Restauratie voorkant theater
7
Giacomo Caputo
Gennaro Pesce
1936
1943
Verzameling uit heelLibya te Sabratha
8
D.E.L Haynes,J.B. Ward-Perkins, R.Goodchild
 
 
9
E.Vergara-Caffanelli
1952-61
Luchtfotografie
10
A de Vita
1962-65
Ontdekking Euhesperides bij Benghasi
11
D.Baramki Taha Bakir
1966
Villa Siliu

Fysische geografie:

Syrtis Maior                              golf van Sidra

Syrtis Minor                               golf van Gabès

Lepcis, Oea en Sabratha liggen op een rotsige kust met veilige havens tegen de overheersende NW winden. Naar het binnenland toe liggen ze aan het eindpunt van de karavaanroutes. In het achterland kan men dan nog landbouw beoefenen in de Gefara vlakte. Men gebruikt water uit de wadi’s en voorts cisternen om het water vast te houden.

Economie:

In 46 v.C moet de regio 1 miljoen liter olijfolie leveren. De ostracon van Kussabat (met de hoofdstad Msellata) duidt erop, dat de Carthagers hier waren als landbouwers. Er wordt vis verhandeld te Macoma bij de Tuaorga lagune/Misurata. Te Charax (Sirte) wordt de Cyreense silphium geruild tegen wijn. Lepcis (of is dit Leptis minor!) betaalt VECTIGAL (tribuut) van 1 talent per dag aan Carthago = 9 ton zilver. In de 3e eeuw na Chr tekent zich een economische crisis af. Septimus Severus breidt de LIMES uit. Diocletianus ‘promoveert’ het gebied tot provincie. Het zand rukt op.

Geschiedenis:

Waren Lepcis, Oea en Sabratha Fenicisch of Carthaags? Stichting?

Cinyps wadi + eilandje Lide eind wadi Lebdah het begin?

Sabratha: door Tyrus vlg.Plinius c.400

Oea: door Feniciërs uit Sicilië en Afrika

Lepcis: 650-600 begin

Carthagers vestigen zich vervolgens te Macoma, Macomades en Charax.

c.162/161 wellicht onder Massinissa

c.111 verdrag met Rome

108 Romeins garnizoen

1e eeuw v.C: de drie steden slaan hun eigen munten

t.t.v.basis voor de Legio III Augusta

Locale rebellen zijn de Garamantenen de Phasania: Lucius Cornelius Balbus => Garama

69 n.C: conflict Oea en Lepcis. Interventie Valerius Festus

294-305 na Chr: Diocletianus verleent autonomie

Aardbevingen in 306/10 + 365 na C. Inkrimping steden.

Snelle groei Christendom a.g.v. de hang naar een vervanging van de oude Punische gebruiken (liever dan de Romeinse tithen).

c.450 n.C: Vandalen + inval Austuriani

523 na C: Belisarius vindt in de steden alleen nog maar forten.

642/3 na Chr: Amr ibn al-As è> alleen nog Oea als hoofdstad

Bestuur:

Proconsul, Curatores rei publicae . wetgevende lichamen (aristocratie + volksvergadering).  hoogste magistraten: suffecti (later duumvirs). speciale magistraten: mahzim (later Aediles) voor de markt, belastingen. honoraire titels:  ornator patriae, amator patriae, amator civium, amator concordae

Religie:

Punische, griekse en romeinse denkbeelden

Goden: Shadrapa, Milk ‘štart, Liber Pater, Hercules, Apoloo, Athena, Serapis, Tanit, Saturnus, Bes. Zubeh = flamines = priestertitel

Een archeologisch overzicht aan publicaties op internet.

o.a. over de Fenicische necropolen.

82.13.Cuadernos de Arqueologia Mediterranea.

4.Colloquia

Colloquium.Op 5-7 mei 1969 wordt er te Rome een colloquium gehouden. Er wordt ingegaan op de verschillende archeologische missies naar Sardinië, Malta, Sicilië en Afrika.

recerche puniche nel medit.centrale (diverse),

5.Opgravingen per plaats

Soekas.De Denen doen een duit in het zakje d.m.v.P.J.Riis. Het betreft de opgraving in 1958-1960 dichtbij Djeble. Datering: c.2500-2100 v.C.

- Sukas IX                             Copenhague 1991        The Chalcolithic and Early Bronze Age Periods

Het vroege Soekas.De Carlsberg-expeditie van de Denen werd gepubliceerd in 1991. Een boekbespreking door H.de Contenson. C-14 datering op verkoold hout voert terug tot de periode globaal tussen 2400-2100 v.C.

79.1    SYRIA LXIX l'institut francais d'archéologie        Paris, 1992

79.1.4  Sukas IX                 E.Oldenburg      Bibliographie

        The Chalcolitic and the Early Bronze Age Periods  Carlsberg Expedition blz 473

Soekas voor de 9e keer.De deense Carlsberg expeditie evrrichte in 1958-1961 + 1963 onderzoek in de Gabla vlakte. Uiteindelijk wordt de ijzertijd bereikt in laag 7 (c.1350 v.C). Al het andere is veel ouder: 2800 tot c.5000 v.C aan toe.

79.23.  JOURNAL NEAR EASTERN STUDIES 55           Univ.of Chicago,1996

79.23.3.Sukas IX:The Chalcolithic and Early Bronze Periods   Evelyn Oldenburg

Topografie van Simyra.Opgravingen in 1985-1987 door American University of Beirut museum te Tell Kazel. Ligging: 8 km ten noorden van de nahr al-Kabir al-Ganubi en 18 km ten zuiden van Tartous. 3,5 km van de zee. Al eerder opgravingen in 1956, 1960-62. Diverse oude kaarten uit de 19e eeuw na Chr. Vraag blijft waar de oude haven (Al Mina) van Sumra gebleven is. Of was dat toch Tabbat el-Hammam?

79.24.  BERYTUS XXXVIII 1990                      American Univ.Beirut

79.24.1.Tell Kazel, Excavations, Reports          diversen

Tell Kazel.De opgravingen door het AUB museum. Plattegrond en tekeningen.  Foto’s. Een Fenicische inscriptie.

97.26.BERYTUS   44                                vol.XLIV 1999/2000   Archeological Studies     Am.Univ.Beiroet

97.26.1.Tell Kazel                                L.Badre & E.Gubel

Kamid el-Loz.De voortgang van de opgravingen tussen 1971 en 1974 door de universiteit van Saarbrucken. Een bijzondere plaats, want het is ver in het binnenland en dat zou je bij de Feniciërs niet direct verwachten. Helaas is in de tijd na de opgravingen de plaats grondig geplunderd.

52.8.6.Bibliographie:   ‑Kamid el‑Loz/R Hachmann

69.8.46.BK46 Eerste Feniciërs in de Libanon.Het meer bij Kumudi was in de oudheid veel groter.De koningen zijn Arahattu, Puhuru en Biriawaza tussen 1400-1300 v.C. Een catalogus met 112 voorwerpen.

Opgraving van een heiligdom. Gelegen in Transjordanië. Datering: late bronstijd. Schrift: proto-kanaanietisch. Vondst cartouche met koningin Tewosret (1188-86).

-Excavations at Tell Deir Alla, H.J.Franken, 1992, BASOR 295.

FAILAKA In 1983 vond hier een Franse opgraving plaats. Het ligt in de monding van de Eufraat en Tigris bij Kuweit. Het betreft het eilandje Ikaros. De god Inzak werd er vereerd en die was de schutspatroon van Dilmoen. Er is een Hellenistische tempel gevonden vanuit de tijd van Antiochus III. Deze werd in 150 v.C opgegeven.

51.3.5. Bull.d'antiquités archéologiques du Levant inédites ou méconnues met o.a: Pillage des nécropoles phéniciennes, Sceau RS 7088, céramiques phéniciennes, statuettes, figurines, verres, alabastron, colliers,plaquette, expositions,, syllabic inscriptions de  Byblos, Kition‑Bamboula, Western Asiatic Glass, Lykische Sarkophag aus Sidon, Votif de Nabuchodonosor II Jbeil (Liban), Failaka, fouilles francaise (Salles, J‑F 1983) +Aantekeningen

De Arkieten.Opgraving van de Tell tussen 1972 en 1981. Gelegen op 3 km ten zuidwesten van Halba en 10 km vanuit de kust. Het gaat vooral over het 3e en 2e millennium.

63.2.2.L'âge du bronze à Tell 'Arqa J.P.Thalmann

TELLS.In het Nabije Oosten bevinden zich talloze ruïneheuvels, waarvan nog maar een klein deel werkelijk is opgegraven. In de Libanon is daarentegen wel een groot deel van deze Tells bestudeerd. Een voorbeeld daarvan is Tell ‘Arqa. De geschiedenis van deze stad gaat terug tot in het 2e millennium v.C. en wel onder de naam Irqatu. In de Helleense tijd wordt de plaats Arca genoemd. De Tell ligt ca.20 km ten noorden van Tripoli in de wijdse vlakte van ‘Akkar in de buurt van  de rivier Nahr el-Kebir. Aan de top (147 meter hoog) zijn de afmetingen 100m bij 250m. Uit het archeologisch onderzoek, dat sinds 1972 plaats gevonden heeft, is gebleken, dat er sprake is van 12 niveau’s, waarin 6 periodes te onderscheiden zijn. De Fenicische tijd ligt vooral in de ijzertijd, maar we weten (nog) niet goed, welke de rol is, die deze stad toen gespeeld heeft. Waarschijnlijk was zij ondergeschikt aan Tripolis.

2.20.Tell 'Arqa (Liban nord)  campagnes I‑III       J‑P.Thalman        SYRIA LV, 1978 

Ebla.De Tell Mardich ligt in Noord-Syrië tussen Aleppo en Hama. Al rond 3500 v.C. is er enige bewoning van de acrpolis. In de periode 2685 – 2400 wordt Iblul II, de koning van Mari, door Ebla verslagen. Sargon van Babylonië (2371 – 2316 v.C) verwoest Ebla. Naram-Sin van Babylonië (2291-225 v.C) verwoest Ebla. Omstreeks 2000 v.C verwoesten de Amorieten opnieuw Ebla. De vierde ramp voltrekt zich tijdens de Hettieten (1650-1600 v.C). Desondanks herrijst de stad telkens weer uit haar as. Alleen na de doortocht van de Hettieten duurt het langer. Pas na 1200 v.C worden er enige dorpen gesticht op de plek waar het grote Ebla heeft gestaan. Heel lang blijft het dan weer stil. Pas in c.450 v.C komt er een nieuwe vestiging in de vorm van een buitenhuis. In haar glorietijd (c.2500 v.C) moet de stad echter c.22.400 inwoners gehad en zij heerste over een streek met 260.000 mensen. Het was een handelsstad met tempels voor Dagan, Istjar en Rasap. Dagon en Reseph zijn overigens ook de goden, die door de Feniciërs werden vereerd. Ebla had een eigen Eblitische taal. De stad was zeer verdraagzaam voor wat betreft de religie en het accepteren van vreemdelingen. De bibliotheek bevatte wetboeken, woordenboeken en mythische boeken.

12.2.Ebla, Syrië        C.Bermant/M.Weitzman    Bakermat van de  aartsvaders?                           

69.8.22.BK22

Oegarit Opgravingscampagnes


1
1929
Acropolis – Resjef – tempel Baal
2
1930
Baal Thamar (palmboom)
3
1931
Myceense kanaanietische keramiek
4
1932
Oude haven op 120m landinwaarts
5
1933
Archief uit de 13 e eeuw
6
1934
Stadskwartier c.1200
7
1935
Kanaanietische periode 14e-15e, familiegraf 44 personen
8
1936
El, eierschaal, 40 gr.zilveren staters uit 6e eeuw
9
1937
Brandlaag tussen Ib en Ic, scarabee Amenophis III (1413-1378) en de koninklijke stallen
10
1938
fortificaties
11
1939
fortificaties

Hieraan voorafgaand werd in 1928 een tempelarchief gevonden met vele verschillende talen.

Oegarit 1981-1983.Het gaat om al weer de 41e t/m 43e opgravingscampagne. Het paleis van Eridu.

52.7.5.Chronique Archéologique:  ‑Ras Shamrah‑Ougarit                diversen                   

Het centrum van Oegarit.Drie huizen uit de 13e eeuw v.C worden nauwgezet bekeken. Een andere studie houdt zich bezig met de watervoorziening. Olieslagerijen, oliefabrieken, oliemolens. 29 aardewerkbeeldjes. Opgraving van de 38e-44e campagne (1978-1984).

- Ras Shamra-Ougarit III               Paris 1987        Le centre de la ville 1978-1984

Oegarit 1984-1987.De 44e t/m 47e opgraving in Ras Shamrah. Vooral het centrum van de stad heeft de aandacht gekregen.

51.3.2. Fouilles de Ras Shamrah         You,M+Gachet,J    

                ‑ Ougarit 1984‑1987             Lombard, P        

Oegarit in 1988 na Chr.De 48e opgravingscampagne vindt dan al weer plaats. De naam YABNINU komt tevoorschijn (2e helft 13e eeuw v.C). Het paleis in het zuidelijk deel van Oegarit wordt onderzocht. De Myceners vanuit het gebied Carië en Lycië schijnen grote amforen naar Oegarit geëxporteerd te hebben.

51.5.         SYRIA LXVII                                          Paris 1990

51.5.1. Fouilles de la 48e campagne            à Ras Shamra‑Ougarit

51.5.2. Yabninu et le palais sud d'Ougarit     Courtois J‑C       

Oegarit in ruime zin.Plattegrond van het koninkrijk paleis, Hethietische zegel, Cartouche van Mernefta, tablet Beth Semes,  koperdissel, gouden offerschaal, gedenksteen Miami, legende Keret, Ivorenplaquette,  gedenksteen god El,  gedenksteen Baal,  gedenksteen verbondssluiting,  gevleugelde godin, tempel van Baal.

53.2          Ras Sjamra‑Ugarit                     Edmond Jacob           G F Callenbach N.V.  Nijkerk, 1962 BOEK 24!

Een nieuwe Phoenicische stad uit de Oudheid.Dit is de subtitel van een boekwerkje van Lettinga in 1948 na Chr. De Feniciërs hadden zeker een inbreng in de stad Oegarit, maar het was niet een echt Fenicische stad!

Ras Sjamra = Venkelhoogte (op deze hoogte komt dus de venkelplant voor).

Campagnes
jaar
Bijzonderheden
1
1929
Necropool, cyprisch.myceense keramiek, REšEPH
2
1930
TEMPEL VAN Baal
3
1931
Proto-lineair schrift
4
1932
Oever van de oude haven, gedenksteen REšEPH
5
1933
Tempel van Dagan
6
1934
De in c.1200 verwoestte woonwijk
7
1935
 
8
1936
 
9
1937
 
10
1938
Diplomatieke en economische archieven
11
1939
 

Het spijkerschrift van Oegarit bevat slechts 29 tekens en bleek alfabetisch te zijn. Omstreeks 1380 regeert een koning Niqmad.Oegarit was een kosmopolitische stad met c.1000 persoonsnamen uit alle windstreken.

53.5          Oegarit                                     Jan P.Lettinga           Servire, Den Haag, 1948 Boek 22!

Stadscentrum van Oegarit.Een boekbespreking door D.Collon over de 38e-44e opgravingscampagne (1978-1984).  3 huizen, bronnen, 2 graven, olie-industrie, tempeltje van de ‘Rhytons”, ivoren pyxide, 29 aardewerkbeeldjes.

79.1    SYRIA LXIX l'institut francais d'archéologie        Paris, 1992

79.1.3  Ras Shamra‑Ougarit III   M.Yon (e.a.)     Bibliographie

                  La centre de la ville                     blz 471

Epigrafisch Oegarit.Het materiaal uit de 30e, 32e, 33e, 36e, 44e en 46e campagne. Een karrevracht aan materiaal.

79.26.  ABR‑NAHRAIN XXIX 1991                     Univ.of Melbourne

79.26.2.La Trouvaille epigraphique d'Ougarit      Pierre Bordreuil        I.Concordance                             Dennis Pardee

ZUR BESICHTIGUNG VON RAS SHAMRAH _ UGARIT

G.Saadé. Lattakia 1967. Een gids langs de belangrijkste plekken te Ugarit. Enige foto's, plattegronden en afbeeldingen.

OVERZICHTEN VAN DE GESCHIEDENIS EN DE OPGRAVINGEN IN HET NABIJE OOSTEN - RAS SAMRA &  MINET EL-BEIDA

J.P.Lettinga, Leiden, E.J.Brill, 1942.

Bassit.

Ras el Bassit ligt aan de Syrische kust aan de voet van de Mons Cassius. De gevonden resten stammen vanuit de 8e-7e eeuw v.C.

38.3.Syria LXIII                                Paris 1986     ‑Bassit                 P.Courbin

De kaap Ibn Hani.De eerste campagne vond plaats in 1975 na Chr. De kaap ligt 9 km ten NNW van Latakia te Syrië en strekt zich 2 1/2 km ver uit in de zee. De kaap heeft een breedte van 500 meter. Tegen het eind van het 2e millennium lag hier een belangrijke stad. Is dit DIOSPOLIS, die Plinius noemt in Hist.Nat.V 17?

12.29 Rapport préliminaire  sur la 1e campagne             A.Bounni & E+J.Lagarce

           Ibn Hani(Syria)                                                     & N.Saliby          Syria LIII 1976

Ras Ibn Hani van de Hyksos.Niet ver van Ras Shamra (Oegarit) ligt een kaap, die in de Oudheid eveneens een lange bewoning gekend heeft. Er is een paleis van ca.5000 m2 opgegraven, waarbij de constructietechnieken van de Hyksos herkenbaar zijn. Het grootste paleis van Oegarit was ca.10.000 m2 groot! De rampzalige invloed van de Zeevolken gaat aan deze plaats Ras Ibn Hani min of meer voorbij, want ook in de IJzertijd, de Hellenistische en de Byzantijnse tijd zijn sporen van bewoning herkenbaar. De Hellenistische stad was zelfs voorzien van grote verdedigingswerken.

2.22 Rapport préliminaire  sur la 3e campagne A.Bouni & J+E.Lagarce &

         à Ibn Hani(Syrië)                                       N.Saliby & L.Broke  Syria LVI 1979, blz 218

Ras Ibn Hani in teksten.In 1977 na Chr. werden teksten gevonden in afabetisch en in syllabisch spijkerschrift. Het gaat o.a. over een offering door de koning aan El. Men heeft het over een kalf, de slang, wijn, vogels, een schaap e.d. Ook de goden ‘Anat, Ešmoen, Baäl, Dagan en Rashap worden genoemd. Fragment 77/7 bevat vooral namen van Hoerrietische oorsprong.

12.23.Les textes en                P.Bordreuil         Syria LVI 1979, blz 295

           cunéiformes alpha‑    A.Caquot           

            bétiques découvertes  en 1977 à Ibn Hani

12.24.Les textes en                D.Arnaud            Syria LVI 1979

           cunéiformes syl‑         D.Kennedy          

           labiques découvertes  en 1977  à Ibn Hani

Opgravingen in Dor.Door E.Stern, Jerusalem. Enorm veel figuren en kaarten.Volgens de Grieken wordt Dor gesticht door Doros, de zoon van Poseidon.Pas Griekse keramiek in einde 7e eeuw.De ‘Hippodamische”stad is door de Feniciërs gebouwd.In de Perzische periode (538-332) wordt Dor door Sidon bestuurd. In 275 wordt er onder Ptolemeus II Philadelphus een nieuwe muur in Griekse stijl rond de stad gebouwd. In deze tijd wordt Dor omgevormd van oosterse stad tot Hellenistische polis. In de Romeinse tijd treedt er verval in ten gunste van Caesarea. In de 3e eeuw na Chr. wordt Dor voorgoed opgegeven.

          73.2.11 BOOK REVIEWS               Excavations at Dor, E Stern

Tel Dor vanuit de lucht.Rond 1100 nemen de Feniciërs de plaats over van een groep Zeevolken. In 950 vormt het een belangrijke haven voor Salomo. In 732 wordt het de hoofdstad van het Syrische district Surru. In de Perzische tijd staat de stad onder Sidon.

De universiteit van California Berkeley doet een onderzoek. Mooie luchtfoto’s.

Tel Dor wordt ook wel Tantura of Khirbet el-Burq genoemd.

          87.3.   Tel Dor Web Site                          sas.upenn.edu

                  Tel Dor Aerial Map ‑ Excavation Areas     gal.berkeley.edu

Tel Dor op internet.Het was de belangrijkste haven aan de Middellandse zee van Salomon. Daarna kwamen de Feniciërs, Grieken en Romeinen. Opgraving door de University of CA. in de gebieden F,G.H.

          83.13.  Tel Dor                                   emuseum

Tell el-Kheleifeh.Glueck graaft de Tell op en vind zaken uit de IJzertijd en de Perzische periode. Ten ZO van de Tell ligt Aqaba met het Romeinse Aila. Geen van beiden komt wezenlijk in aanmerking voor de haven van Salomon = Ezion-geber. Dat zal veeleer Elath zijn of een eilandje voor de kust bij Egypte.

          73.2.12 The 1994 Season of the  Roman Aqaba Project

Kition=Larnaka.Vanaf c.900 zijn er enige Fenicische voortekenen en vanaf c.800 zijn de Feniciërs daadwerkelijk en permanent aanwezig. In 1913 ontdekt John Myres op de Bamboulaheuvel de akropolis. In 1929/30 volgt een Zweedse expeditie. Daarna is het vooral Vasos Karageorghis, die veel onderzoeken doet. Verklaring van de “haren”inscriptie. Hij graaft verdedigingswerken en tempels op. Aan de overkant van een zoutmeer ligt een necropool.

40.7.Kition ‑ auf Zypern              V Karagheorghis         1976 Gustav Lübbe Verlag          Die älteste Kolonie der Phöniker                 

Opgravingen in Larnaka (Cyprus).In 1913 na Chr. voert Myres als een van de eerste omvangrijke opgravingen uit in Cyprus (BSA XLI 1940-45, p.94). Op de Bamboula heuvel te Kition komt hij tot de vroege datering van ca.1000 v.C. In 1930 na Chr. volgt een grote Zweedse expeditie. Na de 2e wereldoorlog zijn vooral de vele opgravingen door V.Karageorghis bekend geworden.

7.8.Bulletin de corres‑                   École Francaise d'Athènes

    pondence Hellénique                   LXXXIV   1960

Kition.Larnaka en omgeving is een streek, waarin diverse opgravingsplaatsen veel vondsten hebben opgeleverd. In Larnaka zelf de lokaties: Bamboula heuvel, Chrysopolitissa en Ay.Prodomos. Buiten Larnaka zijn het de plaatsen Dhekelia, Pyla, Enkomi, Aradippau, Laxia tou Riou, Klavdhia, Maroni, Arpera en Hala Sultan Tekké. Er is veel Myceens aardewerk naar boven gekomen. De aanwezigheid van proto-wit geschilderd aardewerk in putten en tussen verwoeste gebouwen toont aan, dat Kition en Enkomi tezelfdertijd verwoest zijn. De invloed van de zeevolken is duidelijk merkbaar.

7.10.Fouilles de Kition V.Karageorghis   1959 (BLZ 504‑583)

Arwad op internet.Het eilandje ligt 3 km uit de kust bij Tartus. Foto’s van het eiland, van Tartus, Amrit, een restant van de muur van Arwad. Foutje: Het wordt bij de Kanaanieten Aradus genoemd. Maxpages.com/arwad. Een foto uit 1936 laat zien, dat de pieren en toen nog niet waren.

          83.14.1.Arwad & Tartus                            middleeast.com

          83.14.2.Part of Arwad wall                        syriagate.com

          83.14.3.Arwad (Arvad)                             History of the Ancient Near East

          83.14.4.Antoine Poidebard ‑ Arwad                 Musee virtuel www.usj.edu.lb/poidebard

Arvad & Amrit.Onderzoek Arvad:

1864 E.Renan, 1973 Frost exploratie havens en muren, 1952 + 1964 H.Seyrig, 1974 Rey-Coquais historische studie + grondgebied + griekse inscripties, 1989 Sapin omvang grondgebied, Onderzoek Amrit/Marathus, 1860 E.Renan Maabed, 1873 missie Guillaume-Rey 60 koppen

1926 M.Dunand favissa, 1944/45 M.Dunand beelden, 1954 Dunand + Saliby Maabed

62.3.  Arwad (korte versie)  H van Diessen   Apeldoorn 1995

69.5.1.Graven voor Groot-Israël. Marcel Hulspas gaat in Intermediair 14-05-1998 tekeer tegen de ‘nationalistische’archeologie. Een verbod op niet-welgevallige opgravingen? Een terechtwijzing. .N.J.Zuidam bekritiseert een artikel van Marcel Hulspas over “Graven voor Israël”. Allereerst wordt gewezen op een aantal pertinente fouten in het artikel en voorts stelt hij de pro-Palestijnse houding van Hulspas aan de kaak.

          78.9.   Reactie op:  Graven voor Israël         N.J.Zuidam          Utrecht    Intermediair

Archeologische gids.Tyndaris is tot 254 v.C een Carthaagse buitenpost geweest.  Verder worden vele plaatsen aangestipt. In Selinunte ligt trouwens een tempel voor Zeus Meilichos (ofwel de verslinder!).

40.6.Guida archeologica della Sicilia                             M Guido    Palermo 1967‑1978

69.8.12.BK12Het archeologisch museum van Palermo bevat:

Metopes tempel C + E van Selinus, Munten van Termini Imerese,  Keramiek van Agrigento, Collecties van Motya, Solunto, Pizzo Cannita (Sarcofagen), Hiëroglyphische inscriptie van Palermo,  Stele van Lilybaeum (hanno, zoon van Adonibaal),  Aedicule Tanit uit Lilybaeum

Bronzen beeldje Selinus.

Les belles lettres.Appianos: de twee havens monden in de zee uit tegenover de ondergaande zon.

De Carthagers domineerden de hele zee en brachten hun wapens naar Sicilië, Sardinië, andere eilanden in deze zee en Spanje: zij stichtten overal kolonies. Door hun macht waren zij de evenknie van de Grieken en door hun rijkdom de gelijke van de Perzen.

698 na Chr:               Hassan Ibn Noman verwoest Carthago definitief.

11e eeuw na Chr:       Er zijn nog enige christenen aanwezig met een eigen bisschop.

Per wijk worden in dit boek van de familie Picard de archeologische vondsten van Carthago doorgenomen in 1951 na Chr.

53.1          Carthage   Collete Picard            société d'édition "les belles lettres"  Paris VIe, 1951 BOEK 26!

Wat weet ik van Carthago?


1831 n.C
Oprichting sociëteit voor de opgraving van Carthago
1859
Falbe maakt een eerste overzicht. Nathan Davis onderzoekt het schiereiland en stuurt enige monumenten naar het Brits museum
1859
Beulé: 1e wetenschappelijke opgravingen op Byrsa, aan de havens en de necropolen van Gamart
1874
M.de Sainte Marie heeft de opdracht van de “Academie des Inscriptions et Belles Lettres”om Punische inscripties te vinden è
Hieruit komt voort: Mission à Carthage en de Corpus Inscriptionum Semiticarum
1878
R.P.Delattre begint met opgravingen
1880: Byrsa, 1892-96: Douimès, 1898-1906: Bordj-Djedid
1894
S.Reinach/E.Babelon onderzoeken op instigatie van Tissot: 580 monumenten, waarvan 330 met inscripties
1899
P.Gauckler graaft 4 jaar lang en Anziani publiceert zijn werk: Les Nécropoles Puniques (Byrsa, Dermech, Saint-Louis, Ard el Kheraib, Odéon, Juno, Dar el Morali
1906-09
M.A.Merlin + Drapieronderzoeken necropolen van Ard el-Khéraib en Dermech
1908-11
M.A.Merlin onderzoekt het eiland
1916
Dr.Carton onderzoekt heiligdom bij station Salammbô en de fontein van de 1000 amforen
1922
Icard & Gielly registreren veel gedenkstenen in de tofet
1936
R.P.Lapeyre van de Witte Paters
1945
M.G.Picars en P.Cintas

61.5.Carthage, M.Hours-Miédan, Que sais-je? 1949, Presses Universitaires de France

67.3.7.                      ‑Carthago           blz 575

Opmerkelijk:  400.000? inwoners. 5000 inscripties. In 1859 worden er te St.Marie 2200 gedenkstenen gevonden. In 1874 nog eens 580. Romeins, Vandaals en Byzantijns Carthago van 122 v.C – 698 na Chr

Carthago moet gered worden!


Reeds in 1972 werd er al een eerste oproep gedaan. De grootste ramp voor Carthago was het oprukkende beton. In 1979 wordt Carthago opgenomen in de “Liste du patrimoine mondial de l’UNESCO.”

1.Punisch Carthago tot 146 v.C

2.Romeins Carthago tot in de 5e eeuw na Chr

3.Christelijk Carthago

Pas eind 7e eeuw na Chr wordt de stad opgegeven ten gunste van Tunis. Daarna eeuwenland als agrarische grond in gebruik.

4.Voorstad Tunis: de villa’s rukken op.

Dan steeds meer onderzoeksteams. De muur van de Byrsa gaat terug tot de 8e eeuw v.C. Import gevonden vanuit het 2e kwart van de 8e eeuw v.C. Het zeeniveau was c.50 cm lager toen. Langs de kustlijn was er een muur met torens vanuit de 5e eeuw v.C, Pas in de 3e+2e eeuw komt tot stand: havens, huizen op hellingen van de Byrsa. Vondst van 1500 zegels. In het gebied Tanit zijn 400 grafurnen gevonden. Het offer van een dier als substituut voor het kind vindt in begin (1:3) veel meer plaats dan op het eind (1:10). Voor 350 v.C was er al het kanaal van 15-20 meter breed en 2 meter diep. De handelshaven bestaat vanaf 350 v.C. De oorlogshaven heeft 140 hangars voor 220 schepen.

61.6.Pour sauvez Carthage, UNESCO/INAA 1992 BK 58

Het onderzoek van Stager.In Carthago doet hij onderzoek naar de handelshaven en de tofet (1976) De handelshaven heeft een hoek van 120 graden. De tofet werd in 1925  na Chr reeds uitgebreid onderzocht door F.W.Kelsey (Univ.Michigan). In 1982 na Chr komt Stager in Amsterdam er een lezing over houden en ik was erbij. In hetzelfde jaar bezocht ik zelf de Tofet en de havens.

55.4   Phoenicisch Karthago. De handelshaven  L E Stager

       en de tofet                            PHOENIX 1982

55.5   Het Romeinse en Christelijke Karthago  J Christern  PHOENIX 1982

55.6   ,,Salammbô''     E de Ranitz‑ LaBouchere  PHOENIX 1982

Archeologie in Carthago.De traditionele archeologie is gericht op het vinden van voorwerpen en dat overheerst tot de jaren zestig te Carthago. Bevat een opgravingsplaats niet bijzonder veel waardevol materiaal, dan wordt die opgegeven en vervalt de plek tot een ruïne. Het moderne urbanisme is een nog grotere bedreiging.In 1972 wordt een appèl gedaan aan de UNESCO tot redding. 12 landen participeren met veelal 2 ploegen.

H.Benichou-Safar
Necropolen+tofet
Kapel Carton
Frans
F.Rakob
Aan de zee
Voet van Byrsa
duits
H.Hurst
Admiraliteitseiland
handelshaven
Brits
L.Stager
tofet
handelshaven
amerikaans
J.P.Thuillier +
S.Lancel
Necropool 7e-6e eeuw: ZO Byrsa
30 graven (c.650)
woonwijk 2e eeuw
frans
F.Chelbi
Flank Byrsa
woonbuurt
tunesisch
H.Annabi
Le Kram
Bekken/kanalisatie
tunesisch

56.37  Carthage. La campagne internationale: aspects puniques   A Ennabli  

De franse missie.De Fransen concentreren zich op de flanken van de Byrsa. Daarnaast wordt in dit artikel aandacht besteed aan de overleveringen van heel wat klassieke schrijvers over afstanden en namen:

Hecataeus
Fr.313 + 315
 
Sophocles
Fragm.Triptolemus
Qart Hadašt
Servius
Ad.Aen.IV 670
Carthago werd eerst Byrsa genoemd en daarna Tyrus: Carthago ante Byrsa, post Tyros dicta est Qart Hadašt
Servius
Ad.Aen.I 368
Byrsa+Mapalia
Diodoros
XX 44
Néa polis, archaia Karkhèdôn, agora en Megara
Appianus
Libyca 95
Istme=25 stad(c.4,5km), Tainia=0,5 stad (90m)
Cornelius Nepos
Vita inlustrium
Byrsa + Magalia (Megara)
Orosius
Ad.Pag IV 22,5-6
Muren=22000 passen(33km), istme=3000 passen, citadel=byrsa=2000 passen(3km)
Titus Livius
51 Epitane
Muren=23000 passen

Generaal Duval kwam jaren later tot een berekening van 25-30 km aan muren. De istme is nu c.5 km breed. In een bijlage staan alle betreffende Griekse en Latijnse teksten uitgeschreven. Opgenomen kaarten van Dr.Carton, generaal Duval, D.Harden, F.Reyniers, S.Tlatli, S.Lancel.

56.38  Les fouilles de la mission archéologique   française à Carthage et la problème de Byrsa S Lancel

Een Carthaags industrieterrein.Op de plek waar een hof van cassatie dreigt te verschijnen heeft Roald Docter een opgraving verricht. Op 1500 m2 zijn ovens, slakken en blaasbalgen gevonden. Datering: 700 v.C.

          79.12.5.Industrieterrein in oud Carthago          Roald Docter

Een Nederlandse opgraving in Carthago.Plaats: kruispunt Decumanus Maximus en de Cardo X. Tijd: 1986-93.

Fenicisch:

Fase I
2e helft 8e eeuw
Huis op maagdelijke bodem
Griekse keramiek
Fase II
Eind 8e eeuw
1e verbouwing
Thyrreense vondsten
Fase III
mid 7e eeuw
Brand+herinrichting huis
Een nieuwe kolonist uit de Levant?
Fase IV
625-600
Uitbreiding+renovatie
 
 
600-550
Dak stort in
2e verdieping+amforen

Punisch:

Fase V
c.550
Smalle huizen + heiligdom?
Ia+Ib
Fase VI
5e eeuw
Tanit bekken+symbolen
Rozet,zon
Fase VII
4e+3e eeuw
Gouden ring, cisternen
 
Fase VIII
250-150
Rood vloermozaiek
Aanlef weg
Fase IX
146
Verwoestingslaag met munten, slinger- en werpstenen
Resten van een barricade

          78.22.  Phoenix 41,1               Ex Oriente Lux      Leiden 1995

          o.a.    Karthago: de Phoenicische stad onder het Romeinse Carthago,  R.Doctor                             

Een Nederlandse opgraving in Carthago.

Door het archeologisch instituut van de universiteit van Amsterdam. Met name de Bir Messaouda plek aan de Cardo X wordt nader onderzocht. In de buurt zijn teams van München, Cambridge en Hamburg bezig. Men wil inzicht in de 6e en 5e eeuw van de stad Carthago. In juni 2000 konden de eerste vondsten worden genoteerd. Alle medewerkers worden op het internet gepresenteerd. Het is een internationaal gezelschap. Op 30 september 2000 komt Ennabli even kijken. Op 12 oktober komt men bij de cisterne. Op 8 oktober vindt men een dobbelsteen. Daarna veel keramiek met o.a. het “Tanit-teken”. Een bronzen munt en een skelet. Een handvat van een amfora. Tenslotte komt men bij een industriële zone uit de archaïsche periode.

          83.1.   Carthago    www.hum.uva.nl/carthage/ New excavations in a Mediterranean Capital

Topografie van Carthago.

Ligt het werkelijke Carthago ten zuiden van de tofet? (G.Garbini)

Ligt het werkelijke Carthago te Sidi bou Saïd? (J.Ferron) => ‘mq qrt

Het (even)beeld van de dubbele havens van Tyrus en Sidon.

De hypotheses zijn te krakkemikkig.

56.39  Ombres et lumières sur la topographie de  la Carthage punique:les errances de Byrsa,  J Debergh

Havens en Byrsa van Carthago.

Opgravingen:

- cirkelvormige haven  Engelsen

- Rechthoekige haven Amerikanen

- Byrsa                     Fransen

Het is opmerkelijk, dat er een spoor van een kanaal loopt dwars door het admiraliteitseiland in ZZW richting langs de westkant van de huidige zuidelijke lagune.De rechthoek van Falbe ligt onder water.De flanken van de Byrsa (=heuvel St.Louis) hadden e volgende functies:

1.        necropool van 660-620

2.        opgave van bijna 2 eeuwen

3.        dan een metallurgische centrum (begin 4e eeuw)

4.        pas c.200 de bouw van een woonwijk

II.FENICISCHE GESCHIEDENIS

58.12  Carthage:Archéologie et histoire.      J Debergh       Les ports‑Byrsa

De Deense missie.F.O.Hvidberg-Hansen en C.T.Falbe gaven al hun inbreng. De huidige missie richt zich op de heuvel van Bordj Djedid. Tussen 1975 en 1984 waren er 5 opgravingscampagnes. Op de helling bij de zee te St.Monique noord van het presidentieel paleid werden 2 laat punische amforen met zegels erop gevonden. Veel gebouwenresten, maar goeddeels puin. Verder 6 munten en veel keramiek van het CINTAS 312 type, dat door de gehele westelijke helft van de Middellandse zee voornamelijk langs de kusten is teruggevonden.

56.40  Two late Punic Amphora Stamps from the Danish Excavations at Carthage   J Lund

Punische graven van Carthago.

Een ongelooflijk compleet overzicht.

8e
 
 
 
 
7e
Flanken Byrsa
Juno
Douimes
Dermech
6e
Flanken Byrsa
Juno
Ancona
Douimes
Ard et-Touibi
Dermech
 
5e
Zuid van de Byrsa
Oost v.Theater
Ancona
Douimes
Ard et-Touibi
Dermech
St.Monique
4e
 
Theater
Odeon
Bou Mnigel
Dahar el Morali
St.Monique
Ard el Kheraib
3e
Byrsa zuidflank
Theater
Odeon
Dahar el Morali
Cisternen-oost
St.Monique
Ard el Kheraib
Bordj Djedid
2e
Byrsa zuidflank
Theater
Odeon
Dahar el Morali
Cisternen-oost
St.Monique
Bordj Djedid

62.4.  Les tombes puniques   H.Benichou-Safar CNRS, Paris1982

       de Carthage; topographie,  structures,inscriptions  et rites funeraires. Q R T  H D SJ T

Tharros VIII.Opgraving o.a. in de NW sector van Su Muru Mannu. Er zijn 3 niveau’s onderzocht vanaf de 8e eeuw tot in de 2e eeuw v.C. De archeologie en de historie lijken niet met elkaar in tegenspraak te zijn. Vondsten: munten, gedenksteen, keramiekfragmenten met daarop ornamenten. De ronde structuren van bouwsels liggen onder de rechte structuren.

Amforen:

type
nummer
aantal
Mana
C2
6
Mana
B3
176
Mana
A
134
Massaliotisch
 
9
Lambogha
Benoit
4
27
 
Dressel
1B
1
TOTAAL
 
353

Op een Romeins fragment van een amfoor komt trouwens het teken van de naam MAHE voor. Deze naam duikt ook op in Zuid- en Midden-Frankrijk, Milaan, Corsika en Apulië. Onder de gedenkstenen komt er ook een voor met het Tanit-teken.

46.1.6       THARROS VIII                                        

                               a.Lo scavo del 1981                   E Acquaro Bologna,

                               b.El corte estratigrafico E4          F Molina Fajardo Granada, C Huertas Jimenez                                            

                               c.Anforas de la campagna 1981   A Rodero Riaza Madrid

                               d.Una marca anforariadi              V Righini Cantelli Bologna

                                di MAHES da Tharros                               

                               e.Le stele                                 M L Uberti

                               f.Cabras‑Cuccuru s'arriu             V Santoni  Cagliari

                Nota preliminare di scavo 1978,1979,1980

Opgraving te Tharros (1982).Met name in de tofet. Het ritueel van de MLK is aangetroffen. Vondsten: amforen, ornamenten op keramiekfragmenten, lampen en kannen.

45.1.6       Tharros IX Lo scavo del 1982 E Acquaro    Bologna

Tharros XI.Het veldwerk in 1984. Er werden 42 vondsten gedaan. Veel keramiek: kannen met een oor en deksel. Daarnaast graffitti en ornamenten op fragmenten. Ook een klein Tanit-teken of Ankh-teken. 4 bronzen munten.

47.1.3       Tharros XI 1.La campagna del 1984            E Acquaro Bologna

Tharros XIII.Oftewel de opgravingscampagne in 1986. Vondsten: Satyr-relief, maskers, lampen, ornamenten. Voorts een gedenksteen met het teken van Tanit, dat beschadigd is. De gevonden keramiek is Attisch vanuit de 6e-5e eeuw v.C. Op 9 munten staan veelal paardenkoppen afgebeeld. Men beproeft ook een nieuw systeem om de tofet beter te kunnen beschermen.

48.1.6       THARROS XIII                         

                               1.La campagna del 1986                              E Acquaro                Bologna

                               2.Una nuova stele di Tharros               S Moscati         Roma

                               3.Ceramica attica di Ve e VIe              M Madau          Bologna

                               secolo AC dal tofet di Tharros

                               4.Le monete rivenuti                    L I Manfredi Bologna

                               nelle campagna del 1984 e del 1986

                               5.Sistema di protezione e salva‑                  A Caddeo  Cagliari

                               guardia del pozzo nell'area del tofet di Tharros

Tharros XIV.De opgraving van 1987. Resultaten: diverse soorten amforen, lamp, beeldje moeder/vruchtbaarheid, geglazuurde keramiek (w.v.1 met 4 Punische letters), glas, terracottabeeldjes, metaalslak, gewicht, katapultprojectiel, dierlijke resten, gedenkstenen, Romeinse bronzen munten, negerkop, hengsels (w.v.1 met Punische letter), fragmenten keramiek met decoraties.

49.1.16.THARROS XIV                              a.La campagna del 1987                             E Acquaro                 Bologna

                               b.Bracieri ellenistici  e bacini decorati punici  a Tharros L I Manfredi Bologna

                               c.Ceramica attica dalla  camapagna del 1987                M Madau                  Bologna

Tharros XV-XVI.

Vondsten in 1988: terracotta-figuren, keramiekfragmenten met ornamenten, een gedenksteen in troonvorm en amforen:

Fenicisch-Punisch:
 
Eeuw
Mana
 
VII-II
Mana
B
VI-II
Mana
C
VI-II
Punisch (onbestemd)
 
 
Griekse:
 
 
Ionisch
 
V-II
Corinthisch
 
V-II
Romeins:
 
 
Grieks-Italiaans
 
III-II
Dressel
1
II-I

De heuvel Muru Mannu.Gelegen te Tharros. In 1988/9 na Chr kwamen er drie nieuwe zaken naar boven:


THT 89/6/1               keramiekfragment

THT 89/10/2              fragment van een zoom/rand

THT 89/10/21            fragment van een Kylix-vaas

Een Etruskische bucchero.De Griekse keramiek (en imitaties) komen uit de 5e eeuw (en wat uit de 4e-3e eeuw v.C). Voorts 19 munten met afbeeldingen van Kore, paard, palm, sfinx en de letter ALEPH.

50.1.23.THARROS XV‑XVI                                        

                a.Le campagne del 1988‑89         E Acquaro                                 Bologna,

                b.Un nuovo cippo a throno da Tharros          S Moscati                 Roma,

                c.Las anforas de la campana de 1988          M Blasco‑Arasanz      Barcelona                               

                d.Tre nuovi documenti di             P Bernardini                              Cagliari

                  importanzione dalla collina  di Muru Mannu

                e.Bucchero etrusco dalla campagna del 1988                G Manca di Mores      Sassari                                    

                f.Ceramica greca d'importazione dalla campagna 1988  M Madau    Bologna                                                   

                g.Le monete rinvenuti nelle campagna 1988‑89              L I Manfredi               Roma

Monte Sirai 1981.Resultaten: een muurtje, urnen, keramiek uit de tofet. In de necropool liggen de graven in NO-ZW richting. De uitgangen zijn naar het ZW gericht. Voorts is er nog een rudimentaire relief-kop gevonden.

46.1.18     MONTE SIRAI 1981                                                 

                               a.Lo scavo nel tofet                   S F Bondi                  Roma,

                               b.Le ceramica del tofet                               P Bartoloni                Roma,

                               c.Le necropoli campagna 1981     P Bartolon                i               Roma,

                               d.La ceramica di imitazione         L A Marras                                Cagliari

                                dalla necropoli                                          

                               e.Una testa a rilievo in                               S Moscati                 Roma

                                pietra da Monte Sirai                                 

Monte Sirai 1983. Een opgraving in de tofet brengt o.a. keramiek en gedenkstenen aan het licht.

45.2.12     MONTE SIRAI 1983                          

                1.Lo scavo nel tofet    S F Bondi  Pisa.

Nora op het internet.In de directe nabijheid van Nora zijn veel Nuraghenresten gevonden. Sa Guardia Mongiasa. Norax zou de legendarische stichter kunnen zijn. Stichting door de Feniciërs in de 8e eeuw v.C.  Malchus. In c.509 v.C onder de Carthaagse parapluie. Hasdrubal. De tempel van Tanit. In 238 v.C onder de Romeinen. Museum van Pula. In 1889 brengt een stormvloed een Punische tempel tevoorschijn. De opgravingen beginnen in 1952 serieus onder G.Pesce. Fortificaties op Coltellazzo. Tempel van Ešmoen. Diverse Romeinse bouwwerken.  Mozaïeken. Bibliografia.

          83.10.  Nora, histoire de la premiere ville de Sardaigne

          83.10.1.    les fouilles archeologiques de Nora   Isola Sarda.com

          83.10.2.    itinerario archeologico               Isolasarda.com

          83.10.3.    bibliographia                        www. isolasarda.com/nora-biblio.htm

Opgravingen van Berytus tot in Castulo.Er wordt licht geworpen op de relaties tussen de kolonies en de Feniciërs in Cyprus en op de Syro-Libaneze kust. De Fenicische rode keramiek verschijnt in de Cabezo de San Pedro vooral in de periode 700-625 v.C. Het begin van de stad Castulo valt samen met de aankomst van Feniciërs (800 v.C). Het is zeer de vraag, of Kadmos alleen maar een mythische figuur is (13e eeuw v.C). Oegarit en Tyrus stonden in (brief)contact met elkaar (14e eeuw v.C).

34.9.SYRIA 1982

     ‑Historia de España antigua    J.M.Blazquez     

      ‑Fouilles à la municipalité      Ch+J.D.Forest  

      de Beyrouth,

       ‑Excavaciones en el            J.M.Blazquez   

      Cabezo de San Pedro

     ‑Castulo                                J.M.Blazquez     

      Excavaciones Arqueologicas  en España

Noticiario arqueologico hispanico 6. Chorreras is een Fenicische nederzetting, waarin bij de opgravingen ook P.Beelaerts van Blokland heeft geparticipeerd (185 vondsten).Jardin kende opgravingen in 1974 en 1976. De necropool dateert uit de 5e + 4e eeuw v.C.


Moro de Mezquitilla kende een opgraving in 1976 . Hier ligt de Fenicische periode in 8e-5e eeuw. Overgang naar een mengvorm van de 4e-1e eeuw v.C. Toscanes kende opgravingen in 1973 – 1978.

Huelva – Onuba. De keramiek van de Cabezo de San Pedro (1970), de opgravingen in 1978 door het instituut Padre Marchena leiden tot het volgende overzicht:

Niveau I
            IA
            IB
1000-700 v.C
Lokale keramiek
 
Constructie muur met Fenicische techniek
Niveau II
700-650 v.C
Fenicische – Punische keramiek: rood en polychroom type
Niveau III
650-?
Lokale keramiek verdwijnt en de Fenicisch-Punische komt nog sterker naar voren
niveau
tijd
Bijzonderheid

51.5.6. Huelva Arqueologica           BIBLIOGRAPHIE        blz 215

69.8.1.BK1 Excavaciones en el Cabezo de San Pedro. In het blok tussen de Plaza de San Pedro, de Paseco de Buenos Aires en de Aragon en de Cadiz zijn 655 Fenicische vondsten  gedaan.

Fase I       9e – 700

Fase II      700-650/25

Fase III     650/25-575/50

Graf 9 van de necropool La Joya bevat een vondst, die verwijst naar Psammetichos II (595-589). Er zijn relaties met de Rio Tinto, Los Alcores, Carmona, Setefilla, Saladares en de Collina de los Quemados. Voorts nog 288 vondsten in de “sondeo I”.

Cintas in Utica.

Hoofdstuk 1.De problemen.

Hoofdstuk 2.De nieuwe opgravingen.

Hoofdstuk 3.De 1e campagne.

Hoofdstuk 4.De 2e campagne.

          74.2    Deux campagnes de  fouilles à Utique   P.Cintas    Karthago, Revue tri‑mestrielle d'archéologie Africaine, Parijs, 1951.                          74.3    Nouvelles recherches à Utique P.Cintas/  Uitwerking voor wat betreft de ligging van de graven

Topografie van Utica.

Een aantal plattegronden en doorsnedes verduidelijken de daadwerkelijke opbouw en uitbreding van Utica.

          74.4    Utique                A.Lézine            Mélanges d'archéolo‑

                  Notes de topographie                      gie et d'histoire  offerts à A.Piganiol Paris, 1966.

De omgeving van Utica. Vooral ten westen van Utica is een zone aangetroffen met een concentratie van keramiek met o.a. een pottenbakkersoven. De gevonden keramiek heeft een verfijnd karakter en is : lokaal zwarte vernis, campaans A, Attisch

          74.5    Prospection archéolo gique dans la zone d'Utique     ‑ A.Ben Younds  Krandel F.Chelbi,     Reppal IV, 1988

          74.6    Overig UTICA                              Kaarten, grafieken,  aantekeningen, plattegronden.

Caesarea op internet. Maar liefst 500.000 bezoekers per jaar! Klein museum in Sdot Yam Kibutz. De plaats ontstond pas in de Hellenistische tijd? 15 ha is onderzocht sinds 1950.

          83.15.  Caesarea Maritima (P.I.S.A.project)

De haven van Caesarea. Onderwater onderzoek geven inzicht in de haven t.t.v. Herodes. In de 5e eeuw na Chr werden er nog havenwerken aangelegd t.t.v. Anastasius I. Foto’s en tekening.

          97.22.BASOR                                       februari 2000

              Bulletin of the American Schools of  Oriental Research         nr.317

          97.22.1.Anastasius I, Mud, and Foraminifera:      R.L.Hohlfelder

                  Conflicting Views of Caesarea Maritima's  Univ.Colorado,Denver

                  Harbor in Late Antiquity         hohlfeld@spot.colorado.edu

Opgraving in de oase van Siwa.Liana Souvaltzi vindt in Siwa een 51 meter lang graf. Ligt Alexander hier begraven? Inscripties zouden het kunnen doen vermoeden. Krantenartikel van Jan van der Putten. Krantenknipsels 69.1

LEPCIS

Normaal verbergt de moderne wereld veel van de antieke steden, maar hier niet. We vinden er een groot aantal inscripties op steen of marmer. Lepcis is de latijnse naam van een exacte vertaling uit het Punisch. In 1960/61 vindt een Amerikaanse expeditie het Punische Lepcis aan de oostzijde van het forum. Er zijn fundamenten gevonden uit de 3e-1e eeuw v.C. Punische agora lag op de plek van het theater. Het waren bescheiden openbare gebouwen. De huizen hadden kleine kamertjes en lagen aan nauwe straatjes. Het nieuwe Romeinse patroon wordt pas gerealiseerd c.100-10 v.C. Het heet dan: COLONIA ULPIA TRAIANA AUGUSTA FIDELIS LEPCIS MAGNA. Vlg.Sallustius is de stad gesticht door Tyrus. Het inheemse volk werd door interne strubbelingen verdreven. In de 1e eeuw na Chr wordt de plaats de stad van de witte stenen genoemd. De Stadiasmus: Wit Lepcis achter een barrière van eilandjes. Annobal Tapapius Rufus, zoon van Himilcho bouwt in 8 v.C de markt.

Uit die tijd hebben we ook een tablet met lengtematen (Punische en Alexandrijnse ellebooglengte, Romeinse voet). Ti(berius) C(laudius) Amicus en Heliodorus bouwen het theater op het terrein van de vroegere necropool in 1.2 v.C. De centrale tempel komt tot stand in 11/12 na Chr. en is gewijd aan Melk’Aštart – Hercules. De zuidelijke tempel is gewijd aan Shadrapa en Liber Pater. De noordelijke tempel is gewijd aan Hercules. De stad werd oorspronkelijk op het voorgebergte gebouwd, dat later werd verbonden met de eilandjes. De haven is later uitgegraven. Het amfitheater stamt uit 56 na Chr en bood ruimte voor 16.000 mensen. Circus: bouw in 2e eeuw na Chr Dar Buc Ammera = Zliten : in villa fresco’s. Quintus Servilius Candidus is een landgoedeigenaar en dankt in c.120 na Chr Hadrianus voor de “eeuwigheid van het water”. Van de Wadi Caam (Kinyps) loopt een 20 km lang aquaduct naar de stad.  Uit Ostia, Epheos en Chemtou wordt veel marmer aangevoerd. Septimus Severus realissert tussen 192 210 het Forum Novum Severianum, de haven, de pier van 1200m, droogdokconstructies. Gebruik van Aswan graniet Basilica Nymphaeum. Deze enorme kunstmatige schepping gaat de lokale behoefte te boven. Aardbevingen. De dam breekt. Binnenlandse stammen dringen op. Bevolkingsverlies. Rome heeft dan geen belangstelling meer. Constantijn repareert nog wat en er komt een muur, die 140 ha omsluit. c.500 Byzantijnen.

SABRATHA

De plaats wordt genoemd in de periplus uit de 6e eeuw v.C van Ps.Scylax (338-335 v.C)

Er is sporadisch materiaal gevonden van net voor de 6e eeuw v.C. In het laatste kwart van de 5e eeuw is het een seizoenspost. De oudste muur is 2,5 meter hoog en 8 voet breed. Voor de kust ligt een rif van 350 meter lengte paralel aan de kust. Tussen dit rif en de kust ligt een bekken van 1,5 – 3 meter diepte. De eerste bouw is onregelmatig tussen de 6e en de 3e eeuw v.C. Pas in de 2e eeuw v.C op de Griekse wijze. Er is dan eerder een Agora dan een forum. De invloed van Alexandrië is merkbaar. De bouw vind plaats in ‘strigas’: banden van blokken grenzend aan de straten parallel aan elkaar. De hoofdstraat (plateia) is 5m breed en loopt van ZW naar NO. De oppervlakte beslaat dan 4-5 ha.  Reconstructies met binnenplaatsen vinden plaats in de 2e-1e eeuw na Chr.  In de 1e eeuw na Chr komt er een nieuw woongebied met de tempel Serapis. Aardbeving tussen 65-70 na Chr. Herbouw in de Romeinse stijl met de 2e tempel van Liber Pater. Voorts dan het forum, de basilica en temenos. Het sacellum Isis wordt omgebouwd tot het iseum. Tussen het forum en de zee vinden we de tempels van Liber Pater en Antoninus. De tofet ligt ten westen van de stad met honderden kleine urnen gevuld met resten van geiten. De gedenktekens zijn beschilderd en hebben veelal het symbool van Tanit. De tofet is in gebruik van 2e eeuw v.C – eind 1e eeuw na Chr. De monumentale stad van Antoninus Pius en Septimus Severus komt tot stand in de periode 138-211 na Chr.Sabratha wordt een municipium en later een colonia. De magistraten worden automatisch Romeins burger. De winkels (tabernae) worden vervangen door porticoes. De basilica wordt uitgebreid tot 72 meter. Oude Punische huizen worden neergehaald om plaats te maken voor tempels. C.190 na Chr: bouw theater. Een fontein van Flavius Tullus. Het amfitheater krijgt een grootte van 400 meter. Er blijken handelaren van Sabratha in Ostia te wonen. Aardbevingen 306 310 365, gevolgd door herbouw monumenten een muur met het puin. Fresco’s te Sidret al-Balik. Na 365 wordt alleen nog de Curia (vergaderplek) herbouwd. De stad van Justinianus. Pompeius is er een bisschop en die machtigt een Natalis om in 255 na Chr namens hem te spreken op vergadering te Carthago. Er zijn dan catacomben en er ontwikkelt zich een aparte christelijke wijk. In de 5e eeuw worden de monumentale gebouwen omgevormd tot kerken. De Byzantijnen ommuren nog de stad van 16-18 ha. In 643/2 verschijnen de Arabieren.

73.3    Libya    A.di Vita           Könemann Verlag   The lost cities of the     G.di Vita‑Evrard    Keulen 1999

                                                                                      Roman Empire               L.Bachielli         aantekeningen    BK 102

As-Sabiyah bij Kuweit.In 1998 doen de Britten enige onderzoek op dit schiereiland (Jazirat Dubaij) tegenover het eiland Failaka. Resultaten?

79.3    IRAQ LXI        British school of Archaeology   London 1999

79.3.1  The Kuwait‑British       R.Carter,H.Crawford,S.Mellalieu,

        Archaeological expedition to As‑Sabiyah                D.Barrett

Purperslakken-produktie.En wel op het schiereiland van Qatar bij de plaats El-Khor. Een klein eilandje bevat naast de resten van deze slakken tevens gebouwen en keramiek, die terug te voeren zijn op de periode 1800-1400 v.C, maar sommige vondsten lopen door tot in het 1e millennium. Er ligt een relatie met wat gevonden werd te Failaka.Er is een duidelijke Kassietische en Elamietische invloed bespeurbaar.

79.3    IRAQ LXI        British school of Archaeology   London 1999

79.3.2  Khor ile‑Sud             C.Edens          + literatuur

        The Archaeology of late bronze Age Purple‑dye Production in the Persian Golf

Het land Saba.De bijbelse term is Sheba. Tot dit gebied behoren Yemen, Hadramaut. Een kleinzoon van Noah = Joktan en die zou de stamvader zijn van de Sabaeërs.  Een andere Bijbelse uitleg is, dat Sheba een afstammeling van Abraham zou zijn. In de 10e eeuw zou Bilqis van Sheba een bezoek aan Salomo hebben gebracht. Bij Marib heeft een irrigatiedam gelegen voor de landbouw. Inscripties in het Himyaritische schrift, dat zijn oorsprong heeft vanuit het Fenicische schrift!Sheba  www.encyclopedia.com/articlesnew/11788

De troon van Balqis.Bij Marib staan zes kolommen, die het restant zijn van een tempel uit de 10e eeuw v.C. Een paar kilometer naar het oosten staan de resten te Awam van een Maantempel.

92.3.1.   Queen of Sheba’s temple restored  http://news.bbc.co.uk/hi/english/world/middle_east/newsid

Menorca kaart.Binisafuller, Mao en Macarella zijn de mogelijke Fenicische en/of Punische plaatsen.

          97.2.   Mapa arqueologica de Menorca          EDIM Ediciones Menorquines                J.Mascaro Pasarius

Abul.De Fenicische voorpost te Alcacer do Sal werd in 1990 goed onderzocht door  M.Robert Etienne en Francoise Mayet. Stichting 7e eeuw. Vele Fenicische grafitti. Keramiek Dressel 14.

          97.23.6.Une ancienne inscription phénicienne      M.Sznycer

                  découverte à Abul (Portugal)              EPHE       (recensie)
ncfps

Geen opmerkingen:

Een reactie posten