Kerkouane: Plaats op Cap Bon in Tunesië. Hier is
een complete Punische stad opgegraven.
De plaats ligt even ten
noorden van Kélibia. Het stratenpatroon en de fundamenten
zijn vrijwel intact gebleven. Vermoedelijk
werd de stad door Regulus platgebrand.
In 1952 werd de plaats ontdekt.
In 1953 na Chr heeft P Cintas er opgravingen verricht (CRAI 1953). Zie
ook J P Morel: "Kerkouane, ville
punique du Cap Bon", Paris 1969. In
de buurt van Kerkouane, waarvan we de Punische naam niet kennen, ligt de Djebel
Mlezza, die bekend is van vele Punische
graven en tekeningen op de rotswanden.
Het gevonden materiaal stamt tot uit de 6e eeuw.
‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑
Plattegrond
eiland van de Sfinx en het gebouw met de
pilaren.
‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑
Huis der pilaren.
Huis van de Sfinx
naar:R Gilardi
S Belhadj
J P Morel
‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑
Het begin van Kerkouane kan gesteld worden op ongeveer
550 op basis van de gevonden Punische, Ionische, Corinthische en Attische keramiek. Omstreeks 310 vindt er een grote brand
plaats, die waarschijnlijk veroorzaakt
werd door de invasie van Agathocles. Mogelijk is Kerkouane het door
Agathocles verwoeste Megalopolis!
Niettemin wordt Kerkouane omstreeks 300 weer opgebouwd. Pas wanneer Regulus in
255 in Clupea verschijnt, wordt de stad tenslotte opgegeven. Tussen de 20.000
en 27.000 bewoners van de streek rond
Clupea worden als slaaf naar Italië
weggevoerd. Dat berooft deze streek én de stad Kerkouane van haar levenskracht.
Uit de laatste periode tussen 300 en 250 is weer
veel Punisch aardewerk bekend met daarnaast imitaties van Hellenistische
keramiek. Verder werden er uit deze periode 20 bronzen munten gevonden met
afbeeldingen van palmen, paarden en
natuurlijk de godin Tanit met haar teken.
Vanuit de verblijfplaats Nabeul (het vroegere
Neapolis) wordt de weg in noordelijke richting genomen in de richting van
Kélibia. De kustweg ligt niet ver van de
zee. Aan de linkerzijde verrijzen traag de heuvels en verderop de bergen van
het schiereiland Kaap Bon. De weg wordt omzoomd door boomgaarden en meloenvelden. Na het handwerkplaatsje Dar Chabaane zien we
rechts aan zee het dorpje Mamoula liggen met aan de noordkant
daarvan een langwerpig zoutmeer. Mogelijk is dit
een Fenicische vestiging geweest (Utissipisir?). Een tiental kilometers
verderop ligt het Romeinse Curibis, waar
vrijwel niets meer van over is. De weg naar het noorden doorkruist diverse
"oueds" om vlak voor Kélibia
iets naar het binnenland te buigen. Toch kan
vanaf grote afstand het dominerende fort van Kélibia al ontwaard worden.
Kélibia is het vroegere Aspis/Clupea, zoals de Grieken en Romeinen het noemden.
De Fenicische naam is verloren gegaan. De haven van Kélibia ligt goed beschut
achter de kaap tegen de noordenwinden en het behoeft dan ook geen verwondering
op te wekken, dat juist hier Agathocles en Regulus gedebarkeerd moeten hebben.Het fort met Punische, Romeinse en Arabische gedeelten wordt druk hersteld. Er zijn diverse onderaardse ruimten en in het midden van het fort staan nog zeer oude ruïnes. Nochtans zijn daar ook enige "moderne" huizen gebouwd, die bewoond worden. De toegang tot het fort is vrijwel geheel gerestaureerd en men is met de muren op diverse plaatsen bezig. Op een groot bord staat aangekondigd, dat de restauratie tot globaal 1990 zal duren. De "chercheur" is Rachid Ghrib, de architect W Heyden en de "contremaire" Sadoh Kheriji. Aan de voet van de heuvel, waarop het fort ligt, bevindt zich een opgravingsplaats met vele beelden, zuilen en mozaïken. Ook daar is men met opgravingen bezig (geweest). Het terrein wordt, ondanks de borden met verboden toegang, gewoon betreden, want de lokale Tunesiërs benutten het terrein ook als rustplaats.
Noordwaarts van Kélibia verandert de vegetatie plotseling. Er komt een heus bosgebied, terwijl nu ook de heuvels tot bijna aan zee reiken. Eenmaal uit het bosgebied komt de zijweg naar rechts, naar Kerkouane, zoals het bord vermeldt. Een smalle rechte weg naar beneden naar de zee. Haast verscholen in alweer een bosrijke omgeving, ligt daar het grote opgravingsterrein. Helaas is het fotograferen verboden. Niettemin is Kerkouane zeer indrukwekkend. Nergens is een Punische plaats zo goed bewaard gebleven als hier. Een wirwar van straatjes leidt naar een open plaats aan de "rue du temple". De tempel staat vlak aan zee. De "rue du temple" leidt verder naar een andere plein via het vervolg "rue des deux places". Noordwaarts
daarvan is (in 1982) het terrein nog niet opgegraven. Veel huizen, waarvan natuurlijk nu alleen de fundamenten en omtrekken zichtbaar zijn, bevatten badinstallaties en afvoersystemen. De kamertjes zijn niet groot; meestal ca.3x3 meter. Om de tien huizen is er wel een put te vinden. Meer landinwaarts passeren we de "rue des sfinx" en de "rue des verrier" om tenslotte te komen bij een terrein, waarbij de laatste opgravingen plaats vonden. Hier liggen ook diverse graven. De voettocht gaat vervolgens verder in meer zuidwaartse richting dwars door de kronkelige straatjes via de
"rue des artisants". Toch zit er wel lijn in de plattegrond. Paralel aan de zee ligt een "hoofdstraat", van waaruit halverwege een tweede "hoofdstraat" (=rue du temple") landinwaarts gaat. Helemaal in het zuiden lijkt Kerkouane, waarvan we overigens de echte naam niet kennen, begrensd te
worden door een kleine baai met een stukje daarvoor een andere tempel, waarop de vloer nog mooie mozaïeken liggen. Deze mozaïeken gelijken sterk op die van het opgravingsterrein van Neapolis. De zuidelijke tempel heeft de geijkte indeling van voorhof met zuilen, waarachter drie paralelle ruimten, waarvan de middelste het heilige der heilige of de offerplaats geweest moet zijn. Lopend terug over de "rue de l'achrosticon" en schetsen
makend van het stratenpatroon en van de huizen, valt het niet moeilijk om het stadje zich levend voor te stellen. Veel bestaande Arabische soukhs hebben er een frappante gelijkenis mee. Aan de noordkant van Kerkouane vinden we nog een "grotere" weg, waarlangs mogelijk de landmuur gelegen moet hebben. Aan het eind daarvan liggen diepe putten. Kerkouane is door zijn "gaafheid" uniek. Het geeft ons een goed beeld hoe de Puniërs hun steden bouwden en hoe zij voor die tijd eigenlijk in luxe leefden.
H van Diessen.
KFR: Fenicische naam voor de plaats
Solus op de noordkust van Sicilië. De plaats wordt genoemd door Thucidydes als
een van de steden, waarop de Feniciërs zich terugtrokken bij de komst van de
Grieken op Sicilië. De plaats KFR ligt op de landtong Solanto in de buurt van
een archaïsche necropool, die nog tot in de Helleninstische tijd werd gebruikt.
Dionysios I van Syracuse verwoest de stad in de 4e eeuw. Daarna bouwen de
ovelevenden een nieuwe stad op de berg bij Monte Catalfano, die op een veel
beter verdedigbare plaats ligt. Diodorus (23.18.5) meldt, dat de stad in 254
overgaat in Romeinse handen. Een Latijnse inscriptie is het laatste bericht,
dat beschikbaar is vanuit 202‑205. Dat valt samen met het einde van de tweede Romeins‑Punische
oorlog. Mogelijk, dat daarna de vermengde Grieks/Punische bevolking de stad
verlaten heeft. Het is bekend, dat in ieder geval de oorspronkelijke Griekse
bevolking na de Romeinse bezetting
massaal
terugkeerde naar Griekenland zelf. Het is niet ondenkbaar, dat ook de Puniërs
toen Sicilië in grote getale verlaten hebben.
KHN =
priester
KHNT =
priesteres
KHRHSY:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
'
Kienitz, F.K:
Auteur van o.a."Völker im Schatten".
Kilamuwa: Koning van de streek Ya'udi, die op
een Fenicische inscriptie staat vermeld. De inscriptie luidt als volgt:
Ik ben Kilamu,
zoon van Khay.
Gabar heeft
geregeerd over Ya'udi
en hij heeft
niets gemaakt.
Daarna kwam
Barnah,
en hij heeft
niets gemaakt.
Daarna kwam mijn
vader Khayè,
en hij heeft niets gemaakt.
Daarna kwam mijn
broer Sha'il
en hij heeft
niets gemaakt.
En ik Kilamu,
zoon van Tamma(t) heb dat gedaan,
wat de voorgangers volstrekt niet gedaan
hebben.
Het paleis van
mijn vader werd omsingeld door
machtige
koningen,
en allen poogden
zij mij te verslaan.
Maar ik was in de hand
van (die) koningen als een
vuur, die de
baard verslindt,
en als een vuur,
die de hand verscheurt.
En krachtig werd
de koning der Da(nu)nieten boven mij;
maar ik riep de
koning van Assyrië tegen hem te hulp:
Hij ruilde een
jonge vrouw voor een schaap
en een man voor
een kledingstuk.
Ik, Kilamu, zoon
van Khayè,
ik heb de troon
van mijn vader bestegen
in de
aanwezigheid van de vorige koningen.
De MUSHKAB
blaften als de honden,
maar voor die
daar was ik een vader,
en voor hen daar
was ik een moeder,
en voor de
anderen was ik een broer.
En degenen, die nog
nooit een schaapskop hadden gezien,
aan hen gaf ik
een kudde kleinvee;
en degenen, die
nog nooit een ossekop hadden gezien,
aan hen gaf ik
een kudde grootvee;
en gaf hen zilver,
en gaf hen goud;
en degenen, die
nog nooit een tuniek hadden gezien,
in mijn dagen
heeft men hen gekleed in BYSSUS.
En ik heb MUSHKAB bij
de hand gehouden
en zij, zij
hebben hun ziel ter beschikking gesteld,
zoals de wees
zijn ziel ten opzichte van zijn moeder!
En als een van mijn zonen na mij de troon
zal
bestijgen
en deze
inscriptie zal beschadigen,
dan zullen de
MUSHKAB niet meer de BA'ARIR respecteren
en dat de BA'ARIR niet meer de
MUSHKAB zullen
respecteren!
En indien iemand
deze inscriptie breekt, _
dan zal zijn
hoofd gebroken worden door Baal Cdmed,
de (god) van
GABBAR,
en dat hem het
hoofd gebroken zal worden door Baal‑
Khaman,de (god)
van BAMAH,
en ook door Rekub‑el,
Baal van het paleis.
KILAMUWA
Klmw (Fen). In feite is het een Luvietische
naam van een koning uit een Arameese dynastie, die regeerde in de 9e eeuw v.C
in het koninkrijk Sam'al. De hoofdstad van dat rijk is nu terug te vinden in
Zincirli aan de oostkant van de berg Amanus.Kilamuwa wordt genoemd in 2
inscripties, die rond 825 v.C geplaatst kunnen worden:
KAI
24 ‑> In het Fenicisch wordt voor het eerst Baal Hamon genoemd als de heer
van de Amanus. Er is ook sprake van Baal‑SMD en Rakab‑El.
KAI
25 ‑> Aramees
Kilamuwa
is de zoon van H.Y['] en TM[]? Hij schijnt zijn vader als koning te hebben
opgevolgd en schijnt te strijden tegen het DNNYM volk (Danoena?).
"Ik ben Kilamuwa, zoon van Hayya.
Gabbar regeerde over Y'DY, maar hij presteerde
niets. Er was BMH, maar hij presteerde
niets. Er was mijn vader Hayya, maar hij
presteerde niets. Er was mijn broer
Sjail, maar hij presteerde niets. En voor
wat betreft mijzelf, Kilamuwa, zoon van
TM[.], wat ik presteerde, presteerden zij niet."
Zie: Magnanini blz 46‑48 + Krahmalkov
blz 230.
Kinyps:
Rivier in Tripolitanië, waar Doriëus in de laat 6e eeuw een Griekse stad
probeerde te vestigen.
Kirk G S:
Auteur van "Ships on geometric vases", Athene 1949.
Kition:
Een van de belangrijkste Fenicische nederzettingen op Cyprus. Voor 850
is de plaats van inheemse origine. Daarna komt de stad onder beheer van Tyrus.
Deze noemen de stad ook wel Qart Hadasjt (nieuwe hoofdstad). Omstreeks 710 is
Kition tribuutplichtig aan de Assyriërs. Vanaf 525 regeren de Perzen. Vanaf 333
komt de stad onder de Hellenistische rijken. De laatste koning van Kition is
Pumiathon, die in 312 sterft. Kition werd door Myres herontdekt, die bij de heuvel
Bamboula en kleine nederzetting vond. V Karageorghis vindt in 1968 na Chr.
resten van de As(h)tarte tempel ten noorden van de haven.
Kizzoewatna BK2
KKB: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
KKR =
talent
KL =
inhouden, opslaan, alles, ieder
KLB =
hond, persoon hanteert een houweel, kooi
KLB': Punische
(4x) en Fenicische naam(1x geregistreerd). In het Neo‑Punisch komt de naam 1x
voor.
KLB'LM:
Punische (2x) en Fenicische naam(1x geregistreerd).
KLBL': Fenicische naam (1x
geregistreerd).
KLBY: Fenicische naam (2x
geregistreerd)
KLL =
geheel
KLM In
de 2e eeuw v.C stelt een Arisj een inscriptie met veel namen op. Het werd
gevonden
op het eiland Gozo. Zie:Amadasi blz 24. Een man "r" is de censor van
Arisj, die de zoon is van y'l. Vermoedelijk wordt er ook door Baalsjillek een
wijding gedaan en waaarschijnlijk hebben we hier weer met twee stambomen te
maken. Als we de opstellers plaatsen omstreeks 150 v.C, dan kunnen de stambomen
er ongeveer als volgt hebben uitgezien bij aangenomen cycli van c.25 jaren:
c.275 y'l.. y*zr
V V
c.250 *bd'sjmn klm <‑‑‑‑‑‑
V V
c.225 zybqm ..bl'
V V
c.200 y'l... *bd'sjmn
V V
c.175 s.pt h.n'
V V
c.150 'rsj b*lsjlk
KLMW =
Kilamuwa
KM =
zoals
KMB =
Kambé
KMN =
komijn
KMST =
voorraad fruit
KMT =
hierdoor, als gevolg van
KN =
zijn (ww), bestaan, behoort tot, wonen, verplicht tot, ginds, eerlijk
Knossos BK2
KNPY: Te
Elefantina in Egypte (5e eeuw v.C) staat op de lijst van namen KNPY genoemd
als
zoon van H.[..]? Mogelijk staat dat voor
Horus, want die naam komt elders in de lijst ook voor als de vader van S.H.PMW.
Zie: Magnanini blz 71‑80.
KNSjY:
1.Op
een inscriptie uit Elath (op een ostrakon) worden een aantal namen genoemd,
waaronder deze. Er zijn geen verdere familiebetrekkingen bekend. Datering: eind
5e/begin 4e eeuw v.C. Zie: Magnanini blz 50. Uitspraak: KINNASAY? Het kan de
betekenis hebben van 'samenbrenger' als hoofd van een vergadering of groep
personen. Zie: Krahmalkov blz 236.
2.Calaris.
De naam komt voor op een inscriptie, die in de tuin Birochi te Cagliari werd
gevonden. De zijkant is helaas afgebroken, waardoor we niet zeker weten, of het
een doorlopende genealogie is, of een opsomming van namen van personen uit
dezelfde periode. De inscriptie werd gemaakt in de 3e eeuw v.C door
Esjmoenyaton en ...bmqr. Als er inderdaad sprake is van een doorlopende
genealogie van met name Esjmoenyaton, dan zou het volgende beeld kunnen
ontstaan:
Stamboom:
c.525 Magon hoofd van de priesters
V
c.500 Hasdrubal
V
c.475 Bodmelqart x *b...
V
c.450 Germelqart
V
c.425 bd*
V
c.400 Magon x *ms.'
V
c.375 ? x knsjy
‑‑‑‑‑‑‑‑‑ V ‑‑‑‑‑‑‑
c.350 Arisj
V
c.325 Arisj x ...mlqrt
V
c.300 Mattan
V
c.275 *bd'..x..b]mlqrt
V
c.250 Esjmoenyaton
In
dit geval moet deze KNSjY dus in de 4e eeuw v.C thuishoren bij normale cycli
van c.25 jaren. Een dergelijke lange stamboom is echter vrij ongebruikelijk om
die op inscripties terug te vinden. Bovendien worden de echtgenoten hoogst
zelden weergegeven. Voor een enkele genealogie pleit het feit, dat diverse
namen meer malen terugkomen, zoals de Melqarts, Magon, Arisj. Niettemin is het
aannemelijker, dat diverse families in ongeveer dezelfde periode zijn
weergegeven.
KN*N: =
Kanaan
KNY: =
benoemen
KTM: Op
een inscriptie uit Tharros staat KTM genoemd als zoon van YSjBAAL. Datering:
5e/4e
eeuw v.C. Zie Amadasi blz 90. CIS I 159. De inscriptie staat op een soort paddestoelachtig
blok met een piramidale vorm aan de bovenkant.
KLNY: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
KLM: Punische naam (1x
geregistreerd).
KLT': Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
KLTN: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
KM': Neo‑Punische naam (1x geregistreerd). Het betekent Camerata en komt
voor op geldstukken.
KMNN: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
KM*D: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
KMTN(?): Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
KMZ: Punische naam (1x geregistreerd).
Kneiss:
Een klein eilandje voor de oostkust van Tunesië. Dit eilandje wordt
genoemd in antieke bronnen en werd voornamelijk gebruikt als semi‑permanente
verblijfplaats.
KNDY*L:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
KNMY: Punische naam (1x
geregistreerd).
KNRD*T:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
KNRSN:
Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
KNS(H): Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
KNSD: Punische naam (1x
geregistreerd).
KNPWN: Punische naam (1x geregistreerd).
KNS(H):
Punische naam (19x geregistreerd).
KNS(H)':
Punische naam (2x geregistreerd).
KNSL: Punische naam (1x
geregistreerd).
KNS(H)M:
Punische naam (8x geregistreerd).
KNS'*N:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
KNS(H)Y:
Fenicische naam (2x) en Punische naam (1x geregistreerd).
KNS(H)YT:
Punische naam (1x geregistreerd).
KNT: Punische naam (2x
geregistreerd). Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
KNT': Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
KNYDM: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
KNZ: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
KNZRMN:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
KNZSR:
Punische naam (1x geregistreerd).
K*LDY':
Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
K*M*KT:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
K*N =
nu, ondernemen
Könemann =
uitgeverij van Fenicische en Punische boekwerken.
Koper:
De delfstof, die de Feniciërs vooral op het eiland Cyprus zijn gaan
ontginnen in de mijnbouwsteden Golgoi en Idalion.
Koperbaren:
Standaardvorm voor ruw metaal in de vorm van een ossehuid. Ze zijn plat
en 2,5 cm dik. De koperbaar vertegenwoordigd een last, die een man op zijn
schouder kan dragen.
K*P': Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
K*PR*: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
Korakodes Portus:Achterland van Tharros op de kaap Mannu.
Latere Romeinse haven.
Korbous: Plaats aan de golf van Carthago.
Kornos:
(=Cornus). Kornos is bekend als centrum van Sardische rebellie tegen
Rome in 215. Hampsicorus werd tenslotte op de flanken van de berg Ferru
verslagen. Op de heuvel Corchina liggen de resten van o.a. een Punische
nederzetting en te Campu e' Corru ligt een Punische necropool.
Kos: lokatie
van een Fenicische vloot in de Hellenistische tijd.
Kossura:
Zie=Cossyra. Pantelleria.
Köster A:
Auteur van "Das antike Seewesen", Berlin 1923 en "Studien
zur Geschichte des antiken Seewesens", Leipzig 1934.
Kouass:
Plaats op de kust van Mauretanië, die door Hanno in de 5e eeuw
herkoloniseerd werd.
K*SP*: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
K*S(H)':
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
K*T: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
'
Kourion: Voornamelijk Griekse plaats op de zuidkust van Cyprus, maar wel
met enige Fenicische vondsten.
KPR =
schoonvegen, vergeven, stad/dorp.
Fenicische naam (1x geregistreerd).
KPR’ =
Solus. Plaats op de noordkust van Sicilië.
KPS(H): Punische naam (1x geregistreerd).
KPT =
binden
Krab =>
afbeelding op diverse munten
Krahmalkov C: Auteur
van o.a:
‑"The object pronouns
of the Third Person of Phoenician and Punic" in RSF 1974.
‑"A Carthagian
report of the battle of Agrigentum 406,CIS I 5510.9‑1" in RSF 1974.
‑"Two Neo‑Punic
poems in Rhymed Verse" in RSF 1975.
‑"Notes on the
Rule of the Softtm in Carthage "
in RSF 1976.
- A Dictionary of the
Phoenician and Punic Language, Leuven ,
KRB: =
cherubijn
KRLY =
Carales = Cagliari
KRM =
eer, herstellen, Charmis (onbekende plaats op Sardinië).
Kromayer J:
Auteur van o.a:"Antike Schlachtfelder", Berlin 1912‑1924.
Kronion:
Plaats op Sicilië, waar in de 4e Siciliaanse oorlog zich een veldslag
afspeelde tussen Dionysius van Syracuse en de Carthagers o.l.v. de zoon van
Mago. Volgens Polycrinos winnen de Carthagers, komt Leptinus om en vinden
14.000 Grieken de dood op het slagveld.
Kroton:
(Zie:Crotone). Plaats op de kust van Calabrië in Italië. In de 2e
Punische oorlog is de haven een steunpunt voor Hannibal.
KRR =
Kirur = kalendermaand
KRSYM =
Corsi(canen). Corsika betekent in het fenicisch: met bos bedekt.
KRš =
figuur, vorm, lichaam
KRT =
doden
KRTN: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
' Het betekent de plaats Cirta en komt voor op
munten.
KRS(H)R:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
KRW’ =
Kore
KRWL: Punische naam (1x
geregistreerd).
KRY =
kopen van land, graven
KRYN: Punische naam (1x
geregistreerd).
Krijgsgeschiedenis
Kš’ =
troon, volle maan, naam van de godheid KESE
Ksar Chenan: mausoleum
in Noord-Afrika.
(Ain)
Kseiba: vindplaats
in Noord-Afrika
Ksiba Mraou =
vindplaats in Noord-Afrika
Ksour es-Saf =
vindplaats in de sahel van Tunesië.
KSP =
zilver, geld
KSP*: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
'
KšR =
Kusor. De wapensmid van de goden.
KS(H)RYTN:
Punische naam (1x geregistreerd).
KSTY: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
KSY: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
KT =
eerlijkheid, Kition, hier
KTB =
schrijven
KTBT =
boek
KTM: Punische naam (1x
geregistreerd). Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
KTN =
tuniek, Kition
KT*: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
'
KTRT =
hoge tulband
Kukahn E:
Auteur van o.a:"Anthropoide Sarkophage in Beyrouth" Berlin 1955.
Kundu: Deze plaats is bekend van een
Assyrische tribuut‑heffing (677). Kundu moet in de buurt van Sidon gelegen
hebben, want het is deze stad, die dan in opstand is tegen de Assyriërs.
Ofwel
Kundu is een streek elders, die alleen een bondgenootschap met Sidon heeft.
Künzl, E:
Auteur van o.a."Das Heiligtum von El‑Hofra (Constantine)".
Kurion:
Zie Kourion. Plaats gelegen op de
zuidkust van Cyprus tussen Amathus en Paphos. Aan de oostzijde van de
nederzetting stroomt de Lykos in zee. Gemengde
Grieks/Fenicische
vondsten stammen uit de 7e eeuw. Omstreeks 715 is de koning Da‑ma‑sQsarmat (Damasos) bekend.
KWY: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
KYM*KN:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
KYNH: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
'
KYN*: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
KYPN: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
KYNS(H):
Punische naam (1x geregistreerd).
Kypros:
Zie:Cyprus.
KYS(H)R:
Punische naam (10x geregistreerd). = Kusor. Zie: Chusor.
KYS(H)RM:
Punische naam (1x geregistreerd).
KyšRY’: =
Cisra = Caere: Etruskische plaats in verbond met de Carthagers.
KYW: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
See for
more information and in the English language:
Geen opmerkingen:
Een reactie posten