S =
dit
Š =
van, lam, kind, verzoek
Sabratha:
Plaats op de kust van Tripolitanië. Het ligt ca.70 km ten westen van Tripolis
en werd omstreeks 800 door de Feniciërs gesticht. Uit de 5e eeuw zijn Punische
woonhuizen tevoorschijn gekomen. Ook is er het fundament van een tempel van
Liber Pater gevonden. In 46 wordt de stad Romeins.
S'D: Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
Sadambaal ->
Salammbô = s.dmb*l
Sadith:
Punische naam uit Leptis Magna.
Saepinum: plaats
in Italië
Safi =
Musokares? Plaats op de westkust van Marokko.
Sagu =
šigata. Plaats in Fenicië.
Saguntum:
Plaats op de oostkust van Spanje. Een andere naam is Arse. In 220/219
belegert Hannibal Barcas de stad en neemt die na acht maanden in.
Sahara: een
Carthager zou de woestijn 3x hebben doorkruist.
Saint-Leu: plaats
in Algerije
Sakarbaal: herinnering van Baäl
Sakon: godheid
Sala: Plaats in Mauretanië ten zuiden
van de Oued Sebou. Gevonden werd
Fenicische keramiek uit de 7e eeuw. De grondvesten van tempels en monumenten
zijn bewaard gebleven. Juba II heeft in de Romeinse tijd de plaats bezocht.
Salaeca:
Vermoedelijk het tegenwoordige Henchir el Bey in Noord‑Tunesië. In
oorsprong een Libysche nederzetting, die in de vijfde eeuw door de Puniërs werd
opgenomen in hun rijk en dat daar bleef tot 149. Salaeca moet een vrij grote
LibyFenicische stad geweest zijn, want volgens de overlevering zou de omtrek 22
km hebben bedragen.
Salamanca = Helmantica = Salmatides
S.’N =
schaap
Een
andere soort stèle is die, welke lang en smal is. Vaak is deze voorzien van
tekeningen, symbolen en/of inscriptie, zoals de foto's op de volgende bladzijde
laten zien. Het is overigens gebleken, dat zeker de Carthagers van Noord‑Afrika
niet zomaar een steen pakten. Deze moest, afhankelijk van de soort stèle
voldoen aan bepaalde afmetingen. Zie:DE STELES VAN CARTHAGO, H van Diessen,
Apeldoorn 1990 (NCPHP).
Salakta =
Sullectum
Salammbô: roman
van Gustav Flaubert
Salamo: bijbelfiguur
in zakenrelatie met Hiram I van Tyrus.
Saldae =
Bougie
Salobrena =
Selembina
Salso: Rivier Cyamosorus in het
noordoosten van Sicilië. Langs de oever van deze rivier werd Hiero van Syracuse
door de Mamertijnen verslagen in de 3e eeuw.
S'LWL: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
Samothrake:
Eiland in de Egeïsche zee, waar de Kabiren werden vereerd.
Samos:
Eiland in de Egeïsche zee. De naam betekent in het Fenicisch S(h)amas(h)
ofwel zon.
Samsimuruna: plaats in Fenicië
San Bartholomé de Almonte: vindplaats in Zuid-Spanje
San Giovanni di Sinis: vindplaats op Sardinië
Sanlucar de Barrameda: vindplaats in Zuid-Spanje
Sanluri: plaats in
Sardinië.
San Marco plaats in
Sardinië
San Pietro: plaats in
Sardinië
San
Pietro: Het eiland 'YNSM voor de
zuidwest kust van Sardinië.
het is vele
eeuwen een steunpunt van Feniciërs en
Puniërs geweest.
San Sperate: plaats in
Sardinië
Santa Giusta: plaats in
Sardinië
Sante Monique: deel van Carthago.
S(H)'NN:
Punische naam (1x geregistreerd).
Sanchuniaton:
Priester van Beryt in de 14e eeuw, die de geschiedenis van Fenicië veelal
in legenden e.d. vastlegt. Zijn werk wordt door Philo van Byblus verder opgenomen in een boek.
Santa Lucia: plaats in
Sardinië
Santa Maria di Nabui: plaats in Sardinië
Sant’Antioco; plaats in
Sardinië
Sant’Imbènia: plaats
in Sardinië
‘Santu Teru: plaats in Sardinië
Šapatbaal: zie
šipitbaal
Š’R =
vlees
Sardinië:
Op Sicilië na is dit het grootste eiland in de Middellandse zee. Aan het
eiland wordt de naam van het zeevolk der Sjardana verbonden, maar geheel zeker
is dat niet. De Sjardana duiken als één der zeevolken op rond 1200 bij de
invasies op Voor‑Azië. Aan het eiland
zijn verder een groot aantal legenden verbonden, zoals bijvoorbeeld:
a.Norax vestigt
er zich met de Iberiërs.
b.Iolaos gaat met
de Thespiaden naar Olbia.
c.Volgens
Diodorus vestigen zich Kadmeiers, Aeoliërs en Locriërs.
Zeker
is wel, dat de Feniciërs in de 10e eeuw het eiland aandeden op hun
handelsreizen, maar er hoogstens semi‑permanente verblijfplaatsen hadden. Echte
Fenicische nederzettingen komen pas in de 8e en 7e eeuw tot stand. In de 6e,
maar vooral in de 5e eeuw nemen de Carthagers steeds meer bezit van het eiland.
De aanwezige Sarden weten hun autonomie in het binnenland echter te handhaven,
ondanks militaire expedities van Malchus, Hasdrubal en Hamilcar tegen het einde
van de 5e eeuw. De Carthaagse aanwezigheid is vooral pregnant aanwezig op de
zuidelijke en weste‑
lijke
kusten. Hun voornaamste steunpunten zijn Nora, Calaris en Tharros. In 382‑379
vinden er opstanden plaats tegen de Carthagers. De Sarden worden als huurlingen
gebruikt in de Carthaagse legers elders. Sardinië is bij de Carthagers in de
belangstelling vanwege de mijnbouw in het zuidwesten en de landbouw in het
centrale deel van het eiland. Naar de vlakte ten noorden van
Calaris
brengen zij Libyërs als boeren.
..................................................
In
238 komt het tot een grote huurlingenopstand op het eiland. De weinige
Carthagers worden verjaagd, maar de huurlingen worden op hun beurt door de
sarden in het nauw gebracht. Als Carthago aanstalten maakt om haar posities op
het eiland te herstellen, grijpt Rome haar
kans
en annexeert Sardinië. In 215 komen de Sarden tegen de Romeinen in opstand,
maar verliezen bij Kornos. Ook de te hulp snellende Carthagers worden verslagen.
Sardos/Sardus Pater: Sardijnse godheid met Punisch tintje.
Sarepta:
Plaats in het zuiden van Fenicië. In 1 Koningen 17:8 staat, dat Eli naar
Sarefat moet, dat tot Sidon behoort.
S(H)'W'W'R':
Neo‑Punische naam voor Severus (1x geregistreerd).
S'WR': Neo‑Punische naam voor Severus
(1x geregistreerd).
šB =
gevangene
SBB =
omsingelen
S(H)BDMLQRT:
Punische naam (1x geregistreerd). De naam Melqart is er in verwerkt.
SBG: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
S(H)BG:
Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)BH:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
'
S(H)BLT:
Neo‑Punische naam (2x geregistreerd). Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)BMG:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)B*:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd). Punische naam (1x geregistreerd).
S.B* =
leger, militie
šB*L =
overvloed
šB*M =
getal 70
šB*T =
lofzang
S(H)B*TN:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
'
SBR: Neo‑Punische naam voor Sabratha
(1x geregistreerd).
šBR =
breken
SBRT: Neo‑Punische naam voor Sabratha
(1x geregistreerd).
S.BRTN: Neo‑Punische naam voor Sabratha
(6x geregistreerd).
SBRT*N:
Neo‑Punische naam voor Sabratha (19x geregistreerd).
šBT =
eindigen, vernietigen, verdelen
šBT’ =
man van de sabbath
Scaliger, J:
Geleerde uit de late Middeleeuwen (1540‑1609), die over de Feniciërs
bericht met o.a. een chronologie.
Schiffmann I:
Auteur van o.a:"Zur Interpretation der Inschriften IFPCO Sard 36‑39"
in RSF 1976 en "Studien zur Interpretation der neuen phönizischen
Inschrift aus Byblos (Byblos 3)" in RSF 1976
Schubart H:
Auteur van o.a:
‑"Westphönizische
Teller" in RSF 1976.
‑"Toscanos(Spanien):Arbeiten
zur Westphönizischen
Archäeologie in
der Zone von Torre del Mar sul 1971"
S.D =
rugzijde, achterkant
šD =
bouwland
S(H)DBY:
Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)DBM':
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)DBR:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)DBR*T:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
SDKSLN:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
SDLYN: Punische naam
S(H)DMLQRT:
Punische naam (1x geregistreerd). De naam Melqart is er in opgenomen.
S.DN =
Sidon
SDNY: betekent Sidoniër.
'
S(H)D*BR: Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
SDQ: Neo‑Punische naam (5x
geregistreerd). rechtvaardig
'
SDQMLK:
Fenicische naam (1x geregistreerd). Daarnaast 7x voorkomend op munten.
S(H)DRP':
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd). Shadrape
SDS(H)MR:
Punische naam (3x geregistreerd).Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
‘
SDYHN: Punische naam (1x geregistreerd).
' '
SDYRK:
Fenicische naam (1x geregistreerd).
'
SDYTN:
Fenicische naam (1x
geregistreerd). Punische naam (4x geregistreerd).
'
Segesta:
Hoofdstad van de Elymiërs op west‑Sicilië. De Elymiërs stonden veelal in
verbond met de Carthagers. Eind 5e eeuw waren er met o.a. Selinus
grensgevechten. In 311 brandschat Agathocles de stad. Eigenlijk heeft de stad
Egesta, maar na het in bezit komen van de Romeinen heet de stad Segesta.
Sela: Betekent=de rots. Het is een
plaats bij Palermo op Sicilië en werd ook wel Solus of Soluntum genoemd in de
oudheid. Solus lag aan de kust op een vlakke ronde kaap. Agathocles verwoest de
plaats op zijn terugreis uit Afrika. De overlevenden zoeken het daarna vlakbij
hogerop op een afgeplatte berg. Deze nieuwe vestiging wordt Solunte genoemd.
Selden, J:
Geleerde uit de 17e eeuw n C, die in 1617 over de Feniciërs bericht in
"De Diis Syriis".
Selinunte:
Plaats op de zuidkust van Sicilië. De naam is afgeleid van Sela.
Selinunte betekent=rots van de acropolis. Selinunte is in 651,646 of 630‑623 gesticht
volgens de verschillende overleveringen. In 580 komt de stad in conflict met
Segesta, dat de hulp van Eryx en Alicia inroept. Bij het latere Lilybaeum komt
het tot een veldslag, waarin zich ook Pentathlos mengt. Segesta en haar
bondgenoten winnen echter. Niet veel later probeert Selinunte het opnieuw en nu
roept Segesta de hulp van Carthago in. Malchus overwint voor Selinunte en laat
de lijken van de omgekomen Selinunten onbegraven liggen. Een zekere Theron,
zoon van Miltiades, stelt dan
voor,
dat 300 slaven met bijlen de bossen ingaan om hout te kappen voor de crematie.
Eenmaal buiten stelt hij de slaven voor te rebelleren en zij weten de
stadswachten te overrompelen. Na een massamoord neemt Theron aldus de macht
over in de stad en wordt tiran. Zijn opvolger is Pythagoras. Deze keert zich
met Telemachus in 544 tegen Phalaris van Akragas.Tot 480 blijft Selinunte onder
de invloedssfeer van Carthago. Na de nederlaag van de Carthagers bij Himera
wordt de stad weer geheel zelfstandig. De tegenstellingen tussen Segesta en
Selinunte blijven
en
zijn er de oorzaak van, dat de Carthagers uiteindelijk met een grote legermacht
ingrijpen. De stad werd in 409 door Hannibal Mago ingenomen. Tot die tijd
regeerde Selinunte over een oppervalk van 1740 km2. In de stad moeten 70.000
mensen geleefd hebben en op haar totale grondgebied ca.200.000 mensen. Het
leger van Hannibal Mago doodt 16000 Selinunten.
Er
worden 5000 vrouwen en kinderen gespaard. Hannibal staat Empedion toe om met de
overlevenden terug te keren. De muren worden echter geslecht. Een jaar later
probeert Hermocrates de stad weer op te bouwen. Na 405 komt Selinunte opnieuw
onder Carthago, maar in 397 verschijnt Dionysios van Syracuse in de westpunt
van Sicilië. Een jaar later stelt Himilco van Carthago weer orde op zaken.
In
339 komt Selinunte zijdelings weer in het nieuws, doordat aan de Crimisos, een rivier nabij de
stad,een grote veldslag plaats vindt tussen de Carthagers en een leger van
Timoleon. De laatste overwint en Selinunte wordt weer zelfstandig. In 314 moet
Agathocles de stad overdragen aan de Carthagers. In 278 herovert Pyrrhus
Selinunte nog even. Tijdens de eerste Romeins‑Punische oorlog wordt Selinunte
ook in de strijd betrokken. De Selinunten hebben gemene zaak gemaakt met de Romeinen en de
Carthagers verwoesten de stad totaal op hun terugtocht uit Akragas. Niettemin
komt Selinunte nu onder de Romeinen en gaat Selinus heten. Tijdens de tweede
Romeins‑Punische
oorlog (208) verlaten veel Grieken Sicilië (en dus ook uit Selinus) om terug te
keren naar Griekenland zelf. In 135 komt het in de omgeving van Selinus tot een
slavenopstand. Selinus blijft altijd enigszins bewoond door vissers en herders.
Een aardbeving verwoest tenslotte wat er nog over is van de gigantische
tempels.
Setif =
Sitifis. Plaats in Algerije.
Seyrig, H:
Hedendaags auteur over o.a.Feniciërs vooral in het tijdschrift SYRIA.
Seti I farao BK2
Sexi: Fenicische nederzetting aan de
zuidkust van Spanje. Hecataeus van Milete vermeldt echter, dat het de hoofdstad
van de Mastiërs is. Zie verder bij Almunecar.
Sevilla =
Hispalis
Sfax =
Taparura
šG’ =
veel
SG =
verplaatsen
SGR =
gevangen zetten
S(H)G[N]:
Punische naam (1x geregistreerd).
SG*G: Punische naam (1x
geregistreerd).
'
SG*G(H):
Fenicische naam (1x geregistreerd).
'
Shadapra:
God van de genezing. In 1881 na Chr werd een inscriptie gevonden met de
naam (Shedrofé) te Amrit.
Shapatbaal: šipitbaal
SH.B =
sleper, brouwersknecht
SHLDY': Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
SHLKNY:
Neo‑Punische naam (3x geregistreerd).
S(H)HRB*L:
Punische naam (2x geregistreerd).
S(H)HT:
Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)QND*:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd). Het betekent= Secunda.
S(H)RB*L:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
SH.L =
overtreden
S.HR =
rug
SH.R =
koopman, handelaar
šHR =
god van de dageraad
SHT: Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
'
šHT =
slaan
SHRW =
plaats aan de Nijl
Sianu: Plaats in Fenicië; genoemd bij
Tiglath‑Pileser III.
Sicca:
Plaats in het binnenland van Africa. In 241 behoort Sicca tot het
Carthaagse gebied.
Sicca
Veneria
Sid: Lokale godheid op Sardinië, die
ook door de Feniciërs werd aanbeden. In Antas op Sardinië staat een tempel ter
zijner ere.
Side: Plaats op de zuidkust van Klein‑Azië.
De lokatie moet vanwege zijn ligging en debarkatiemogelijkheden in gebruik
geweest zijn bij de Feniciërs als semi‑permanente verblijfplaats. Met de komst
van de Grieken nemen de Grieken de taal van de inheemse bevolking over!
Sidi Abdeslam del Bahr:Monding van de Oued Moutil. De aldaar
gevonden nederzetting op de kust van Mauretanië kent drie occupatiefasen:
a.primitieve
periode 5e en 6e eeuw
b.verfijnde
keramiek uit 3e eeuw/Punisch
c.lokale keramiek
2e eeuw/Italisch
Sidi Ahmed el‑Hacheni:Vindplaats van Neo‑Punische inscripties in
Tunesië.
Sidi Ali‑Belkassem:Vindplaats van Neo‑Punische inscripties in
Tunesië. Het is het antieke Thuburnica.
Sidon:
Naast Tyrus de belangrijkste Fenicische stad. De plaats heet nu Saida en
ligt ongeveer 40 km ten zuiden van Beiroet. Vanaf ca. 1500 stichten de Sidoniërs
handelsposten in Lais, Hamat, Thapsak en Nisibis. Omstreeks 1200 valt de stad
in de handen van de Zeevolken. Mensen
van Sidon helpen daarna met de opbouw van Tyrus. Voor Homerus bleef Sidon
echter de representant van de Feniciërs.
877 Sidon onder
Assurnasirpal II
677 Sidon onder
Asarhaddon
580 Sidon onder
Nebukadnezar II
538 Sidon wordt
de hoofdstad van een Perzische satrapie.
351 Opstand tegen
Artaxerxes III
332 Sidon onder
Alexander de Grote
In
1855 n C wordt in een grot Mougharat de sarcofaag van Eshmunazar II gevonden,
die in het begin van de 5e eeuw leefde. In 1887 n C werd de Alexander‑sarcofaag
ontdekt, waarin de resten van Abdalonymus lagen (de laatste koning van Sidon).
Ten zuiden van Sidon vinden we necropolen en grafkamers. Ongeveer 5 km ten
noorden van Sidon was in de Perzische tijd de Eshmuntempel
gelegen.
Eshmun was de hoofdgod van Sidon. Zie:"Sidon through the
ages" N Jidejian Beirut 1971
Koningen
van Sidon zijn:
Eshmun'azar
I 479‑470
Tabnit 470‑465
Eshmun'azar II 465‑451
Bod'ashtart 451
Straton I 375/4‑361
Mazday ? 361/60‑357
Tennes 357/6‑345
Mazday ? 345‑340
Evagoras II 345‑343
Straton II 343/2‑332
Siga =
šyg*n
Simitthu:
Vindplaats Chemtou van Neo‑Punische inscripties in Tunesië. Tevens
plaats van steengroeven. Zie:DIE NUMIDER
Sirai:
Bergnederzetting in het Zuidwesten van Sardinië. In de 7e tot de 2e eeuw
is het een Fenicisch/Punische vestiging. De Italiaanse onderzoekers Barreca,
Garbini, Moscati en Pesce hebben er onderzoek naar verricht.
Sjardana BK2
zeevolk
Sjekelesj BK2
zeevolk
Sjoepiloelioemas:diverse Hettietisch koningen BK2
šKB =
liggen, rusten
šKM = heuvelrand
šKN = plaatsen, tewerkstellen
SKNYTN:
Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)KNYTN:
Punische naam (1x geregistreerd). =Sakonyaton.
SKN = goeverneur
S(H)KPT:
Punische naam (1x geregistreerd).
šKR =
huren, belonen
SKR: Punische naam (1x
geregistreerd). herinneren
SKRB*L:
Punische naam (1x geregistreerd). Zakarbaal
SKS: Neo‑Punische naam voor
Sexi=Almunecar (14x geregistreerd)
SKS: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
' '
SKST': Neo‑Punische naam voor Sexus(1x
geregistreerd).
S(H)KS(H)Y:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
SKY =
sterven
Skylax, pseudo
Skymnos, pseudo
SL:
Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
SL': Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
'
SL': Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
šLBN =
Salviana, plaats in Noord-Afrika
S(H)LD:
Neo‑Punische naam (2x geregistreerd).
SLDY: Neo‑Punische naam (3x
geregistreerd).
šLH. =
sturen, zenden
SLH: Punische naam (8x
geregistreerd).
'
S(H)LH:
Punische naam (1x geregistreerd).
SLK: Punische naam (1x geregistreerd).
šLK =
redden, bevrijden
SLKY: Neo‑Punische naam voor Sulcis
(1x geregistreerd).
SLKNY: Neo‑Punische naam (6x
geregistreerd).
SLKNY: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
'
SLK*NY:
Neo‑Punische naam (2x geregistreerd).
SLM: Punische naam (1x
geregistreerd).
šLM =
groeten, vrede, onderwerping, overdracht
S(H)LM:
Neo‑Punische naam (2x geregistreerd). Punische naam (17x geregistreerd).
Fenicische
naam (2x geregistreerd).
S(H)LMB*L:
Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)LMHY:
Fenicische naam (1x geregistreerd).
'
šLMN =
Shalman (Ass.god)
S(H)LMT:
Fenicische naam (1x geregistreerd).
SLMT =
voorraadkamer
S(H)LMTN:
Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
S(H)LMY:
Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)LN:
Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)LR:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)LRT:
Fenicische naam (1x geregistreerd).
šLš =
getal 3
šLšM =
getal 30
šLšN =
1/30
šLšY =
1/3, derde
S(H)LS(H)RS:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
'
SLSMYN:
Neo‑Punische naam (2x geregistreerd).
SLS*T:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
'
SLT = molenaar
šLT = Zilis, plaats in Noord-Afrika
S(H)LTN:
Punische naam (1x geregistreerd).
'
S(H)M.: Fenicische naam (1x
geregistreerd). Maken, oprichten, naam, daar
S(H)M':
Fenicische naam (1x geregistreerd). Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)M'DNM:
Punische naam (2x geregistreerd).
S.MD =
dak, bedekken, knots
S(H)MG:
Punische naam (3x geregistreerd).
S.MH. =
loot, zoom
S(H)MHN':
Punische naam (1x geregistreerd).
'
S(H)MHT:
Punische naam (1x geregistreerd).
'
S(H)MHYT:
Punische naam (1x geregistreerd).
'
Smirat:
Vindplaats van Neo‑Punische inscripties in Tunesië.
SMK =
ondersteunen
S(H)MKY:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
SML =
beeltenis van een man
S(H)ML:
Fenicische naam (1x geregistreerd).
SMLT =
beeltenis van een vrouw
šMM =
hemelen
šMN =
olie, getal 8
šMNM =
getal 80
šM* =
horen, gehoorzamen
S(H)M*':
Fenicische naam (1x geregistreerd).
S(H)M*B*L:
Fenicische naam (1x geregistreerd).
S(H)M*MLK:
Punische naam (1x geregistreerd).
S.MQ =
gedroogde dadels, rozijnen
S(H)MR:
Punische naam (3x
geregistreerd). bewaker
SMR =
bevestigen = vastnagelen
S(H)MRB*L:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd). Punische naam (50x
geregistreerd!).
šMRN =
Samaria
šMRT =
beschermd gebied
SMS: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
šMš =
zon
S(H)MS:
Neo‑Punische naam (9x geregistreerd). Het betekent= Semes?
S(H)MS(H)K:
Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)MS(H)S(H)LK:
Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)MW:
Punische naam (2x geregistreerd).
S(H)MWN':
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)MZBL:
Fenicische naam (1x geregistreerd).
šN =
ivoor
šN’T =
gehaat
S(H)NDG:
Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)NK:
Punische naam (3x geregistreerd).
šNM =
getal 2
S(H)N*MS:
Punische naam (1x geregistreerd).
SNR: Fenicische naam (1x
geregistreerd).
SNR: Fenicische naam (1x
geregistreerd). Punische naam (1x geregistreerd).
‘
šNT =
rood kleed
šNY =
tweede, een andere
šNYT =
as, verbrande resten
S(H)*B':
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)*B*L:
Fenicische naam (1x geregistreerd).
S*BYN':
Neo‑Punische naam voor Sabinus (2x geregistreerd).
S*DBR: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
S*DBR*T:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
S*DBRT:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
S*D*YRY:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
S*DQ: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
'
S(H)*DY':
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)*L':
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
Sola‑Solé, J.M:
Auteur van "Assaig d'interpretacio d'algunes inscripciones
'iberiques' mitjan ant el fenici i punici" in OA VII (1968).
S*LDY':
Neo‑Punische naam voor Seledin (4x geregistreerd).
S*LKNY:
Neo‑Punische naam
š*LT: Neo‑Punische naam voor Sala (3x
geregistreerd).
Solunte:
Kepher in het Fenicisch, ofwel Solus. Plaats op Sicilië met Fenicische
grondvesten. Wellicht hetzelfde als Kaphara=Soloeis.
Soloeis:
Kaphara in het Fenicisch. Nederzetting bij Palermo op Sicilië (Pizzo Cannita).
In 398 wordt de plaats waarschijnlijk door Dionysius verwoest, maar is 50 jaar
later al weer herbouwd. Zie bij HARDEN note 57. Soloeis is ook een plaats op de
westkust van Marrokko, waar Hanno de zeevaarder een tempel voor Poseidon laat
oprichten. Wellicht verward met Solunte.
S(H)*NN:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
Sophetim:
Betekent=rechters. Ze worden ook wel Suffeten genoemd.
Sophonisbe:
Carthaagse, die in 205 wordt uitgehuwelijkt aan Syphax van Numidië.
S(H)*PRGM:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)*PT.:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
S.*R =
klein
Š*R =
poort/poortwachter
S*R*YRY:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)*S(H)TRT:
Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)*SYDW*SN:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
Š*T =
groep, gemeenschap
S*TWRNYNH:
Neo‑Punische naam voor Saturnius (1x geregistreerd).
'
S*TR: Neo‑Punische naam voor Satur (5x
geregistreerd).
S(H)*TR:
Neo‑Punische naam voor Satur (1x geregistreerd).
S*TR: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
'
S(H)*TRY:
Neo‑Punische naam voor Saturius (1x geregistreerd).
‘
S(H)*TRNYN':
Neo‑Punische naam voor Saturninus (1x geregistreerd).
‘
S*TRNYN':
Neo‑Punische naam voor Saturninus (2x geregistreerd).
‘
S*TRY*N:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
'
Souk Ahras
Sousse:
Vindplaats van Neo‑Punische inscripties in Tunesië. Zie voorts bij
Hadrumetum.
S(H)*WQ:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
SP =
beker
S.P =
ziener
SP': Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd). Punische naam (5x geregistreerd).
‘
StudierEIS, een van de vele! SPANJE 1986
10 augustus 1986 H van Diessen
NEDERLANDS CENTRUM VOOR FENICISCHE EN PUNISCHE STUDIES Rietdekkersdreef 614 7328 AJ Apeldoorn tel:055‑5338539 giro 2338004
A.Inleiding.
Bij de voorbereidingen voor deze studiereis
werd met een aantal instanties in
Spanje contact gelegd. De volgende instanties reageerden op het verzoek om meer
informatie omtrent posities van opgravingen, of er bezoeken mogelijk waren, dan wel of er gefotografeerd mocht
worden:
‑Deutsches
Archeologisches Institut te Madrid, Prof Dr H Shubart.
‑Ministerio
de Cultura te Madrid, F Manuela Barthelemy.
‑Real
Academia de la Historia, Dalmiro de la Valgoma y Diaz‑Varela.
‑Junta
de Andalucia:
* Consejeria de
Cultura, Dirreccion general de belles
Artes.
* Consejeria de
Cultura, Delegacipn Provincial, J M Ortega Garcia.
* Consejeria de Cultura,
Delegacipn
Provincial Granada, I T Moyana.
* Consejeria de Cultura Huelva .
‑Museo
Arqueologico Municipal de Cartagena.
De
meeste van deze reacties hielden verwijzingen in naar andere instanties of naar
publicaties. De reactie van Prof. Dr. Schubart was het meest uitgebreid, waarbij ook enige publicaties
werden opgestuurd. De studiereis vond plaats tussen 18 en 25 juli 1986. Ondanks
het goede weer
(temperatuur 25‑30óC) voor deze studiereis in deze
normaal veel warmere periode, kon toch
door het voorgenomen reisprogramma niet geheel worden afgemaakt. Zo moest
afgezien worden van een bezoek aan de regio Huelva. Tot slot dient vermeld te
worden, dat ik in Henk van der Sande een uitstekende mede‑reisgenoot en
chauffeur had, zonder welke deze studiereis niet in deze korte tijd met toch
nog zoveel bezochte plaatsen had kunnen plaats vinden.
B.Overzicht per bezochte lokatie.
1.Tyriche.
Tegenwoordig heet de plaats Peniscola. reeds van verre kan men de plaats
op een rots in zee zien liggen. In de
oudheid is het vermoedelijk een klein eiland in de onmiddellijke nabijheid van
de kust geweest. Nu ligt de rots d.m.v. een landtong verankerd met het
vasteland. de rots is enige tientallen meters hoog en bedekt met voornamelijk
vestingwerken uit de Moorse en
Catelaanse periode. Tussen deze vestingwerken bevindt zich een wirwar
van kleine steile straatjes met een
oosters karakter. Sommige delen van de
straten laten sporen zien, die door de eeuwen heen gemaakt zijn vanwege
het vervoer per kar in en uit de stad.
Er zijn geen tastbare Fenicische of Punische resten bij mijn weten
aangetroffen. Wel is het een typische ligging van een nederzetting bij de
Feniciërs. De naam (=het kleine Tyrus) duidt op de gelijkenis, die de Tyrische
zeelui zagen in deze plaats met hun hoofdstad in het oosten. Tyriche is waarschijnlijk de meest
noordelijke permanente vestiging van
Feniciërs & Puniërs in Spanje.
2.Saguntum.
De huidige moderne stad Sagunto ligt aan de
noord‑ en oostzijde van de forse heuvel, waarop het antieke Saguntum gelegen
heeft. Nog steeds zijn er indrukwekkende
resten over van de grote stad, die in 219 door Hannibal Barcas met zijn leger
na vele maanden ingenomen kon worden. Het hoogste en meest westelijk gelegen gedeelte moet de
operatiebasis van Hannibal geweest zijn.
Het meest oostelijk gelegen deel moet het oude Murviedro zijn geweest, dat
later werd omgedoopt tot Saguntum. De plaats ligt nu enige kilometers van de
zee verwijderd, maar in de oudheid moet dat veel minder zijn geweest. Direct
achter de huidige toegangspoort ligt het Romeinse forum en aan de voet van de heuvel het theaters. Beiden zijn
van post‑Hannibal datum. Strict Punische resten zijn moeilijk traceerbaar,
temeer, daar de resten van de stad na de bestorming maar enige jaren in door
Carthagers beheerst gebied heeft
gelegen.
3.Dianium.
Een
in oorsprong Griekse nederzetting op de zuidoost‑kust van Spanje, welke vermoedelijk reeds in de zesde eeuw overging
in Fenicische of Punische handen. Er zijn bij mijn weten geen tastbare
Fenicische of Punische vondsten gedaan.
Wel heeft de plaats een voor de Feniciërs en Puniërs zo typische ligging, zij het niet zo uitgesproken
als bij Tyriche het geval is. Tegenwoordig heet de plaats Denia. De
middeleeuwse burcht ligt op een sterk hellende heuvel, die op geringe afstand
van de zee is gelegen. Denia ligt vlak
bij kaap Artemision, die uit de klassieke overlevering bekend is geworden.
Aldaar zou een zeeslag hebben plaats gevonden tussen de Phokeërs en de
Feniciërs(=Carthagers?). Deze overlevering stamt uit een fragment van Sosylos.
4.Calpe.
Even bezuiden kaap Artemision ligt een enorm rotsblok pal op het strand
aan de zee. Het wordt nu Pe×on de Ifach genoemd. Er zijn voor zover
bekend geen Fenicische of Punische resten gevonden, maar de ligging is
uitermate typerend voor dit volk. Op zeer grote afstand kan men het meer dan
100 meter hoge rotsblok zien liggen. Aan beide zijden zijn goede
landingsmogelijkheden voor schepen, maar het meest zijn deze aanwezig aan
de zuidwest zijde. Vermoedelijk is dit Calpe het
Phokeese Hemeroskopeion, dat door de Feniciërs en Carthagers verwoest wordt bij
hun overigens geslaagde poging om de Griekse opmars in Spanje terug te dringen.
5.Lucentum.
Dit
is een in oorsprong Iberische nederzetting, die door Hamilcar Barcas werd
getransformeerd in een Carthaagse vesting. De heuvel, waarop de burcht van Santa Barbara, lijkt daarvoor de
aangewezen lokatie. Tegenwoordig heet de plaats Alicante. Deze moderne stad
ligt nu geheel om
de oude occupatieplaats van de heuvel. De Romeinen noemen de plaats Lucentum en de
Grieken: Akra Leuke. De Carthaagse benaming is onbekend, of het zou de latijnse
vertaling Castrum Album moeten zijn.. Overigens is de exacte lokatie van
Lucentum niet overtuigend vast te stellen. Voor de burcht is veel te zeggen
vanwege zijn strategische betekenis. Het zou echter ook het 3 km noordelijker gelegen Tossal de Manisses
kunnen zijn vanwege de aldaar gevonden "garum" installaties. Hierbij
duikt tevens de naam La Albugereta op. [Later zal blijken, dat Lucentum
inderdaad daar ligt].
6.Carthago‑nova.
Wanneer men nu Cartagena binnenkomt, krijgt men de indruk van een drukke
havenstad. Dat was in de oudheid ook al zo. De stad werd gesticht door Hasdrubal de Luisterrijke in het jaar 228.
Zij was gelegen op een schiereiland in een baai. Deze baai was vrij ondiep en
verlandde door de eeuwen heen. De topografische omstandigheden zijn dan ook
moeilijk herkenbaar. Niettemin is de oude grondvorm van de stad te bespeuren,
want daar waar nu de rondwegen/boulevards aanwezig zijn, verliepen ook de oude
muren van de Carthaagse en later Romeinse nederzetting.
In Cartagena bevindt zich het Museo Arqueologico
municipal, dat gedeeltelijk boven een opgraving is gebouwd. In het museum zijn
Punische amforen en enige muntstukken met vermoedelijk de beeltenissen van
Hasdrubal de Luisterrijke en Hannibal Barcas aanwezig. Carthago‑nova heeft
slechts een kleine twee decennia als nieuwe hoofdstad voor de Carthagers in het westen dienst
gedaan. Er zijn dan ook niet veel
vondsten uit die periode tussen 228 en 209 geregistreerd.
HET
EINDE VAN CARTHAGO‑NOVA.
In
210 landt Publius Cornelius Scipio in Noord‑Spanje en in het vroege voorjaar van 209 valt hij met leger en vloot
de stad Carthago‑nova aan. De stad is onvoldoende voorbereid. De
bezettingsmacht moet met 1000 man een Romeinse overmacht van 30.000 soldaten
weerstaan. Niet alle muren kunnen
voldoende bewaakt worden. De Carthaagse legers vertoeven in het voorjaar
nog in het binnenland van Spanje. Nieuw‑Carthago valt al binnen één dag, omdat
de Romeinen een zwak bewaakte plek hebben kunnen vinden. De Romeinen maken 18
opgelegde schepen, 63 wachtschepen, 10.000 inwoners en een oorlogskas van 600
talenten buit.
7.Villaricos
De
naam Gerasjtarte wordt er gevonden en betekent in het Punisch:"klant van
As(h)tarte. De Grieken gaven er de naam Baria aan. Zij is gelegen aan de
monding van de Rio Almanzora en wel aan de oostelijke oever direct daar waar de rivier in de zee uitmondt.
Villaricos is een plaats in opbouw. Direct achter het wat oudere chaotisch
opgebouwde plaatsje onmiddellijk aan het strand, is een nieuwe woonwijk
verrezen aan de voet van de heuvels. De bouwonderneming draagt de naam van
Lopez. Dezelfde naam wordt gevoerd door de bewaker van de Punische begraafplaatsen. Ondanks navraag en een
uitgebreide voettocht achter het dorp in de heuvels, was er van een Punische
necropool niets meer te
bespeuren. Het bange vermoeden is gerezen, dat de
nieuwe woonwijk daar debet aan is. Mogelijk is echter het materiaal, dat
M.Astruc reeds in 1951
zo uitgebreid heeft beschreven in veiligheid
gebracht. [Later zal blijken, dat het meeste nog steeds in de heuvels achter
het stadje ligt!].
Zie:LA NECROPOLIS DE VILLARICOS, Miriam Astruc, Madrid 1951.
Ministerio de educacion nacional
Informas y memorias no.25.
8.Abdera.
De
plaats is gelegen op de Zuid‑Spaanse kust nabij het huidige Adra. Pas in de 5e
eeuw wordt Abdera een volwaardige nederzetting en het blijft dan een Carthaags
steunpunt tot 205. De occupatieplaats
ligt op een heuvel aan de Brazo Viejo, maar tastbare resten zijn niet vast te
leggen op film of foto. Een plaatselijke inwoner brengt me via een smalle
steile bergweg naar de necropolis op de Montecristo. De heuvel wordt nu
gebruikt voor plasticcultures. Het gehele gebied schijnt overigens schuil te
gaan onder plastic. Van de necropool is
niets meer over, dan wel, dat de graven gewoon zijn dicht gegooid.
Dit laatste blijkt ook wel uit de brief
van "El delegado provincial" José Maria Ortega Garcia, die vermeldt,
dat de opgravingen daar nog niet hebben plaats gevonden. Alles ligt nog onder
de grond, maar de heuvel wordt ten volle
voor de landbouw benut. Wie brengt het geld op tafel om hier
archeologisch eens goed aan de gang te gaan?
9.Sexi.
De
huidige benaming is Almunecar, een plaats gelegen op de Zuid‑Spaanse kust. Er
bevindt zich een samenstel van vindplaatsen. Er zijn drie
necropolen, n.l. die van Vellila ten oosten van
Almunecar en die van Puente de Noy en Cerro de San Cristobal ten westen van
Almenecar. Wegens
tijdgebrek konden deze niet bezocht worden. Wel
werd het kleine museum in de Cueva de Siete Palacios bezocht, dat gedeeltelijk
boven het
opgravingsterrein geplaatst is. Sexi of S(h)eks(h)
bevindt zich direct naast de monding van de Rio Seco op de oostelijke oever.
Het ligt op een dicht bewoonde steile heuvel. Hier zijn de alabaster‑vondsten
gedaan met de namen van Egyptische farao's uit de 9e eeuw.(Takelot II en
Orsokon II 839‑814, Seshonq III vanaf 814). Te Sexi sterft een hooggeplaatste
Carthager Mago. Het zal niet de broer van Hannibal geweest kunnen zijn. Dat
blijkt uit een inscriptie én dat was kennelijk een bijzonderheid. Bedacht moet
inderdaad worden worden, dat de meeste nederzettingen op de Zuid‑Spaanse kust
bewoond werden door een mengeling van Feniciërs en inheemsen (Bastuliërs en
Turdetanen). De Carthaagse aanwezigheid was tamelijk beperkt (tot o.a. Carthago‑nova).
Op een scherf in het museum staat de naam van de plaats. Rest nog te zeggen,
dat de lokatie van Sexi perfect gelegen is naar de maatstaven, die de Feniciërs
daarvoor hanteerden.
10.Trayamar.
Van
deze Fenicische necropool is nog slechts een enkel graf over. De naam Trayamar wordt gebruikt om ter plekke een
grote nieuwe woonwijk aan te geven. Deze ligt vlak achter de vacantieplaats
Torre del Mar.
11.Morro de Mezquitilla.
In
het landschap is even ten oosten van de Rio Algarrobo de rechthoekige heuvel
van Morro te zien. Een zeer ongemakkelijke zandweg leidt er naar toe. De bewoners weten te vertellen, dat alles
weer dicht gegooid is en dat staat ook
in de brief van DAINST MADRID. De heuvel
steekt ca.29 meter boven de omringende vlakte uit en wordt nu als akker
gebruikt. Morro ligt nu ongeveer 200 meter van de zee, maar dat moet in de oudheid beduidend minder zijn geweest.
Misschien was het in heel vroeger tijden
wel een eilandje voor de kust. Zie de plattegrond.
12.Chorreras.
Las
Chorreras ligt op ongeveer een kilometer van de Rio Algarrobo in oostelijke richting voorbij Morro. De heuvel
van ca.45 meter hoogte reikt
tot vrijwel aan de zee. Ook hier is het
opgravingsterrein waarschijnlijk weer
afgedekt. Dit kon evenwel door niet‑toegankelijk privé‑terrein niet ter
plaatse worden nagegaan. De lokatie ligt ongeveer
800 meter ten oosten van Morro de mezquitilla.
P.Beelaerts van Blokland is eigenaar van "La Sirena" en hij
heeft indertijd toestemming gegeven voor diverse opgravingen op zijn terrein.
Toekomstige opgravingen zouden eigenlijk nog moeten plaats vinden in een gebied
direct ten westen van Las Chorreras. Er is sprake van een tweede kern van
occupatie op nauwelijks 15 meter van
de hoofdweg direct langs de nieuwe bebouwing van
Cerro y Mar. In 1974 werd een "nood"opgraving verricht door het
Duitse archeologische instituut te Madrid. Zie:UN ESTABLECIMIENTO FENICIO AL E.
DE LA DESEMBOCADURA DEL ALGERROBO,
Schubart, Maass, Lindemann, Aubet.
13.Toscanes.
Rondom de Rio de Velez bevindt zich een samenstel van
opgravingsplaatsen. Jardin en Cerro del
Mar zijn de necropolen ter weerszijden van de rivier. Ten westen van de rivier ligt de
dubbelnederzetting Toscanes/Alarcpn. Vanwege het zeer vroege
tijdstip, waarop de lokaties werden bezocht, moest volstaan worden met enige (onduidelijke)
foto's van evenwel goed traceerbare heuvels.
Zie:JARDIN INFORME PRELIMINAR SOBRE LAS
EXCAVACIONES DE 1974/1976, Schubart, Maass, Lindemann. TOSCANES CAMPANAS DE
1973 Y 1976 (1978), H G Niemeyer. AVANCE
SOBRE LAS NUEVAS EXCAVACIONES EN EL "CERRO DEL MAR", CAMPANA DE 1976, O Artega.
14.Mallakka.
Midden in de drukke plaats Malaga ligt een steile heuvel met daarop
enige fortificaties. De Feniciërs hebben
hier een burcht gebouwd, waarvan zo op het eerste gezicht niets meer over is.
De wel aanwezige Arabische en Spaanse
muren zijn voor een deel vervallen, ondanks enige pogingen tot restauratie. Het
terrein is vervallen met de recreatieve nalatenschap.
15.Guadalhorce.
Slechts met moeite kon hier de heuvel van occupatie door de Feniciërs
teruggevonden. Vermoedelijk is het de heuvel met de villabebouwing. De situatie
is kenmerkend voor de Feniciërs. Door aanslibbing ligt de occupatieplaats nu
enige honderden meters van de zee verwijderd, terwijl ook
de rivier een andere loop gekregen kan hebben.
16.Calpe.
Dit
is de tweede nederzetting met die naam op de Spaanse kust en het betreft het
huidige Gribraltar. Er is niets te bespeuren van enige
Fenicische of Punische aanwezigheid, behalve dan de
sublieme ligging.
17.Carteja.
Deze
plaats ligt aan de noordzijde van de baai van Algeciras. De heuvel van
occupatie is met moeite traceerbaar langs de rivier Guadarranque in de richting
van San Roque. Het is het huidige plek Cerro del Prado.
18.Gadir.
De
ligging is uitermate geschikt. Vroeger was Gadir (=Cadiz) een eiland voor de
ondiepe zeeinham. Nu is Cadiz verbonden met het vasteland door middel van
landtong in het zuiden. Het is nu een grote stad met een belangrijke havenfunctie. In de zomer van
1986 was het museum van Cadiz gesloten vanwege reconstructiewerkzaamheden.
Gadir, Gadeira of Gades is de belangrijkste Fenicische nederzetting geweest in
Spanje. Haar traditionele stichtingsdatum is rond 1100, maar dat moet betwijfeld worden op grond van
archeologische vondsten, die niet verder
teruggaan dan ten hoogste de 10e eeuw. Het is echter niet onmogelijk, dat reeds in het jaar 1100 al wel Fenicische
schepen bij Tartessos aankwamen, waar
dat dan ook precies in Spanje gelegen moge hebben. Het is mogelijk, dat Gadir in de 11e eeuw een semi‑permanente
occupatie had en dat pas in de 10e eeuw deze occupatie een permanent karakter
kreeg. Hesiodus heeft het over Erytheia, het land van het avondrood, dat hij
met Tartessos identificeert. Heracles zou op zijn tocht naar de Hesperiden en naar
Geryoneus (de drie mondingsarmen van de Baetis) te Gadir zijn aangekomen
(Diod.IV 18,2). Hecatëus ontkent de waarde van deze lokalisering. Wel schijnt
hij kennis over dit gebied vergaard te hebben en is misschien ver doorgedrongen
naar het westen. Hij heeft in ieder geval Gadir, Sexi, Suel en Huelva
aangegeven als Fenicische vestigingen.
Pytheas van Massalia noemt het heiligdom
Erytheia, wanneer hij over zijn grote tocht naar West‑Europa rept. Er is
sprake van een vermoedelijke verplaatsing van Gadir van het kleine eiland Leon
(Erytheia?) naar het grotere langwerpige
eiland (Cotinusa). Volgens de overlevering via Timaeus‑Velleius‑Plinius
zou de stichting van Gadir in drie etappes zijn gebeurd. Dit zou hebben plaats
gevonden op basis van een
orakeluitspraak. Op de eerste tocht kwamen de Tyriërs bij Almunecar. Op de
tweede tocht kwamen zij 1500 stadiën
voorbij de zuilen van Heracles op het heilige eiland Onoba, maar keerden
vanwege ongunstige offertekens weerom. Pas bij de derde tocht kwamen zij op het
eigenlijke Gadir. Van het Fenicische Gadir is nauwelijks iets teruggevonden.
Slechts brokstukken van kademuren en enige munten. Verder is er de necropool
met o.a. een antropoïde sarcofaag *, die
uit de 5e eeuw stamt. In de graven zijn
sieraden en wapens aangetroffen. De beroemde tempel van Gadir, gewijd
aan Melkart moet op 12 milliën
(vergelijk de 12 daden van Hercles?) van de stad gelegen hebben. Net als
bij de tempel van Utica werd het bouwwerk geschraagd door grote dikke bewerkte
balken. In de tempel zelf was een zoetwaterbron aanwezig. Nog op munten van
Hadrianus komt de tempel voor. Numismatiek: De gevonden munten stammen vanuit
de 6e eeuw tot aan munten vanuit de 2e Punische oorlog. Er zijn 80 variëteiten
bekend en veelvuldig komen (nogal logisch) de letters GDR voor. De munten zijn
van zilver. In de 6e eeuw wordt Gadir afhankelijk afhankelijk van Carthago.
Onduidelijke berichten uit die tijd reppen over een zeeslag tegen Theron,
waarbij de Gaditanen de aanvallende
schepen in brand weten te zetten. Ook Carthago zou de stad een keer belegerd
hebben, maar dat lijkt erg onwaarschijnlijk. Veeleer komt Carthago Gadir te
hulp bij een aanval door de inheemse stammen. In 205 gaat Gadir over in
Romeinse handen, maar eerst neemt Mago Barcas nog wraak in de stad na haar
eerder verraad t.o.v. Carthago. In Gadir is een 13.5 cm hoge bronzen figuur
gevonden, dat in de 8e eeuw werd
gemaakt. Er staat een naam in gegraveerd, die Egyptisch is:Na'amel, zoon van P'rt. Verder is een albaster bekend
vanuit Puerto de Santa Maria in de nabijheid met hiëroglyphen. Een en ander
geeft de verbinding aan, die in de oudheid duidelijk bestond tussen Gadir en of
met Egypte, of met een omweg via Byblos. Voor de volledigheid zij nog vermeld,
dat er een overlevering bestaat van Euctémon, die het over twee eilandjes heeft
in de straat van Gribraltar. Een zou
daarvan bij Ceuta (Abyla) liggen en de andere aan de Punta dei
carnero=Paloma=Perejil. Op dit laatste eiland zou dan de tempel van
Melkart/Heracles gestaan hebben.
*.
De sarcofaag wordt genoemd in:LA DAME FENICIA DE CADIZ. De opgraving vond
plaats 26 september 1980 in de Calle de Ruiz de Alda. De sarcofaag stamt uit
460 en gelijkt sterk op die van de bekende uit Sidon. Uit:L'espansione fenicia
nel mediterraneo, colloquio Roma maggio 1970.
Zie:Phönizier
im Westen, Madrider Beiträge, Band 8, 1982
Deutsches Archäologisches Institut ‑ Madrid
S.P’T = breed purper lint
SPGLN: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
'
šPH. = familie
Sphinx
S.PL =
kolom, pilaar
SPN: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd). Fenicische naam (1x geregistreerd).
'
SPNB*L:
Punische naam (28x geregistreerd).
'
SPN*ZY:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
'
S(H)PNSLN:
Punische naam (2x geregistreerd).
SPNYSDQ:
Punische naam (1x geregistreerd).
' '
SPD/RG*MS(H):
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
SP*: Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)PP:
Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)PQ:
Punische naam (1x geregistreerd).
SPR =
inscriptie, schrijver
šPR =
mooi
S.PR =
gevogelte, pluimvee
SPRM =
verhaal
SPT: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
šPT. =
veroordelen, suffeet
SPT: Punische naam (3x
geregistreerd).
'
S(H)PT:
Neo‑Punische naam (10x geregistreerd). Punische naam (323x
geregistreerd!!!).
‘ Shipit is een veel
gebruikte naam.
S(H)PT:
Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)PTB*L:
Fenicische naam (2x geregistreerd). Punische naam (5x geregistreerd).
‘
=Shipitbaäl.
S(H)PTYSR:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)P*R:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)P*W':
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
šQD =
amandel
šQL =
afwegen, toewegen, shekel, Siciliaan
S(H)QLN:
Neo‑Punische naam (2x geregistreerd).
S(H)QM*:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd). Het betekent=Sacoma.
S(H)QND*:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd). Het betekent= Secundi.
S(H)Q'*:
Fenicische naam (1x geregistreerd).
S(H)Q*LYPYN:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
SR =
verplaatsen
SR: Punische naam (8x
geregistreerd). Steen, Tyrus
'
SR’* =
plaats in Noord-Afrika
SRBM: Punische naam (1x
geregistreerd).
'
SRBY: Punische naam (1x
geregistreerd).
'
šRDN =
Sardinië
SRH. =
aanvallen
šRN =
Sharon-vlakte
S.RP =
verfijner
S.RPT =
Sarepta
šRš =
wortel, begin
SRSR =
tussenpersoon
S.RT =
bijvrouw
šRT =
dienen, dienst
S(H)RBY:
Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)RDKY:
Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)RDN:
Punische naam (1x geregistreerd).
S(H)DRN':
Punische naam (1x geregistreerd).
SRL: Punische naam (1x
geregistreerd).
S(H)RDNT:
Punische naam (6x geregistreerd).
S(H)RDNY:
Punische naam (5x geregistreerd).
SRY: Fenicische naam (1x
geregistreerd).
'
šRY =
wonen, verblijven
SS =
paard
Šš =
getal 6
ŠšM =
getal 60
S(H)SP:
Punische naam (23x geregistreerd).
'
S(H)SP':
Punische naam (1x geregistreerd).
'
S(H)SPM:
Punische naam (4x geregistreerd).
'
S(H)SPT:
Punische naam (8x geregistreerd).
'
ššT =
groep van zes
S.S. =
havik
SS': Punische naam (1x geregistreerd).
SSMY: Punische naam (1x
geregistreerd). Fenicische naam (1x geregistreerd).
SSR: Punische naam (2x
geregistreerd).
šT =
plaatsen, jaar šNT
S(H)TBY:
Punische naam (1x geregistreerd).
Stèle: Gedenkteken voor de gestorvenen.
Bij duizenden zijn die vooral in Noord‑Afrika teruggevonden. Carthago,
Hadremetum, Utica en El‑Hofra zijn hier de centra. De stèles werden vooral bij
de tofets teruggevonden.
STKS: Punische naam (1x
geregistreerd).
STKTY*:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
'
'
S(H)TLDN:
Punische naam (1x geregistreerd).
'
S(H)TN*MT:
Fenicische naam (1x geregistreerd).
šT* =
angstig zijn
Stora: Plaats gelegen in Oostelijk
Algerije nabij Skikda. De naam is
mogelijk afgeleid van Ashtoret (As{h}tarte).
S(H)TP:
Punische naam (1x geregistreerd).
'
ncfps
See for
more information and in the English language:
Geen opmerkingen:
Een reactie posten