maandag 6 mei 2013

V


Vaas:               zoals die uit Marsala met een prachtige beschildering

 

Vaga:               plaats in Tunesië > Béja

AAT, Béja, n° 130

Merlin (Alfred), Divinités indigènes sur un bas-relief romain de la Tunisie, CRAI, 1947, p. 355-371. Trouvé à 500m environ au N.-E de la ruine n° 130 de la feuille Béja de l'AAT.


 

Valonae:          vindplaats in Mauretanië (Montalban). Alcazaz ‘Seque’?

 

Vandalen:        tijd van de volksverhuizingen. Veroveren het Romeinse Carthago en plunderen Rome.

Zie boek 177 Hermann Schreiber.


 




Velez, rio:         rivier in Zuid-Spanje, waaraan diverse Fenicische plaatsen liggen.


 




Venus              > Aštarte

 

Verdediging:    bijvoorbeeld Ras ed-Drek (Kaap Bon).

Muren zijn getraceerd bij Byblos, Dor, Baniyas, Abu Hawam, Jaffa, Ibn Hani, Arwad, Carthago, Hadrumetum, Leptis, Achollo, Béja,Gafsa, Tunis, Kerkouane, Motya, Eryx etc etc
 
Vermina:          komt te laat bij Zama in 201 v.C. Masaesylische prins.

 


Vigo:               vindplaats in Spanje > gedenksteen met z.g. Tanit-teken.



 

(Els) Vilars:      vindplaats in Spanje van ossehuidvorm, 5e eeuw. Aan de zijrivier Segre van de E
 

Villaputzu, Santa Maria di: vindplaats op Sardinië

 

(El) Villar:        nederzetting in Spanje

Eilandje van vroeger in de monding van de Guadalhorce. Wellicht waren het wellichts zelfs 3 eilandjes. De maximale grootte van de nederzetting bedroeg 8 ha. De plaats stak slechts 5 meter uit boven de zeespiegel. De plaats is nu gelegen op de westoever van de Guadalhorce in een grote agrarische vlakte, die snel door de industrie, waterwerken en het toerisme wordt aangetast. De plaats werd in 1965 ontdekt. A.Arribas verricht onderzoek in 1966-7 en M.E.Aubet in 1986-91.

De plaats werd eind 8e eeuw v.C in gebruik genomen. C.570 v.C werd de plaats opgegeven door de veranderende loop van de rivier. Hergebruik vond plaats in de zone ten N van het oude eiland. Gevonden: een groot gebouw zoals bij Toscanos: 13 meter en wellicht een pottenbakkerij: veel keramiek van het type Cruz del Negro en ook inheems, Grieks en Etruskisch aardewerk.. Er zijn 10 niveau’s van occupatie traceerbaar. Fundamenten van Fenicische woningen: rechthoekig met patio. Veel agrarische resten.

De necropool bevindt zich in de nabijheid stroomopwaarts: Cortijo de Montanez (4e-3e eeuw v.C): onderzoek door M.E.Aubet, J.Martin en G.Maass-Lindemann.

De (nieuwe?) loop van de Guadalhorce op c.1 km uit de kust naar het NW toe genomen. De pijlers van een oudere brug staan nog in het water!

In: BK 254 Anejos de AespA, El periodo orientalizante, Actes del II simposio Internacional de Arqueologia de Mérida, Instituto Arqueologia Mérida, 2005. Congres mei 2003.

9.Consideraciones sobre un nuevo modelo colonial fenicio en la peninsula iberica.

56.Observacoes preliminaries sobre as ceramicas de engobe vermelho do castelo de Castro Marim.

57.Contribuicao para interpretacao sobre possiveis significados dos PITHOI nos estabelecimentos orientais e ‘orientalizantes’ do acual territorio Portugues.

75.Las ceramicas grises orientalizantes de la peninsula iberica: una nueva lectura de la tradicionalfafera indigena.

 
Bosschage op c.1 km afstand van de zee : Cerro del Villar??????
 

Urbanisatieplan van Guadalmar aan de monding van de Gudalhorce: inmiddels gerealiseerd.
Cerro del Villar op internet.

Deze nederzetting werd in de 8e eeuw gesticht en werd tussen 580-550 opgegeven. Opgraving in 1995. Oppervlak 10 ha. De waterstaatswerken aan de Rio Guadalhorce hebben voor 40% de antieke nederzetting verwoest. Aubet Semmler voegt een kaartje bij, waarop de oude situatie zichtbaar, maar niet hoe het er nu uitziet. Het is dus moeilijk terug te vinden.

Necropool: Cortijo de Montanez.

82.7.El Cerro del Villar Eugenia Aubet Semmler


 Zondag 26 mei 2002 Malaga, El Villar, Cast.Fuengirola.

CERRO DEL VILLAR .

Gelegen halverwege Malaga en Torremolinos op de laatste heuvel voor de delta van de Guadalhorce. In feite op 4 km van Malaga. De nederzetting ligt op 500 meter van de actuele kust. In de oudheid was deze heuvel een eiland. De nederzetting was ca.8 ha. groot en werd bewoond van de 8e tot in de 6e eeuw v.C. Er werden opgravingen verricht door A.Arribas in 1965 en M.E Aubet in 1966/1967 + 1987-1991.

Er werden 2 Fenicisch/Punische ovens gevonden en verder vazen van het type Cruz del Negro. Er is één Fenicische inscriptie (CIE 09.07) bekend. Voorts Fenicische, Punische, Griekse, Etruskische en inheemse keramiek, wapens, scarabees, amuletten, beeldhouwwerk, struisvogeleieren, albastervaas, kruiken, zalf- en olieflesjes, lampen, tripoden, steunen, pithoi, schalen, kommen, bolvormige vazen, amforen, kannen en een ronde pan van aardewerk.

In 1986 kon ik niet met zekerheid de lokatie vaststellen, want ik belandde in een villawijk. Ook in 2002 kwam ik terecht in een villawijk: GUADALMAR. Het begin daarvan ligt echter precies 500 meter van de kust, zoals door anderen beschreven als de lokatie van Cerro del Villar. Van een heuvel is echter niets te bekennen. Die kan afgegraven zijn. Wel is duidelijk, dat de lokatie aangetast is door "urbanisatie" en door het in goede banen leiden van de Guadalhorce. De loop van de rivier kan dus veranderd zijn. Er is ook een nieuwe waterloop bijgekomen terzijde van de Guadalhorce. In de rivier staan echter wel pijlers van een oudere brug even ten zuiden van de huidige snelweg.

De necropool van Cerro del Villar ligt bij Cortijo Montanez en dat moet dicht bij San Julian liggen aan de andere kant van de zuidelijke snelweg. Daarboven is weer een andere snelweg. Waarschijnlijk is nog steeds niet de goede lokatie in beeld en is meer onderzoek nodig. De topografie is teveel veranderd. Wellicht heeft het vliegveld de lokatie opgeslorpt.

De plaats wordt beschreven in Catalogo documental de LOS FENICIOS en Andalucia.

Literatuur:

Map 82.7.   El Cerro del Villar  Eugenia Aubet Semmler

          96.1.   Studiereis Spanje‑Portugal 2002           H.R.van Diessen

                  (mei‑juni)                                Apeldoorn, 2002

 Cerro del Villar op internet.

Deze nederzetting werd in de 8e eeuw gesticht en werd tussen 580-550 opgegeven. Opgraving in 1995. Oppervlak 10 ha. De waterstaatswerken aan de Rio Guadalhorce hebben voor 40% de antieke nederzetting verwoest. Aubet Semmler voegt een kaartje bij, waarop de oude situatie zichtbaar, maar niet hoe het er nu uitziet. Het is dus moeilijk terug te vinden.

Necropool: Cortijo de Montanez.

82.7.   El Cerro del Villar    Eugenia Aubet Semmler




          RINGMAP 100

          Studiereis 2004 Spanje

 

25.Donderdag 3 juni.

-------------------------

Bezoek aan Malaga en omgeving.

Cerro de la Tortuga: Iberische nederzetting met Fenicische contacten via Malaka en Cerro del Villar. De heuvel lijkt wel een berg en ik zie er van af om in deze temperatuur hem te beklimmen. Wel een paar mooie foto’s. De Cerro de la Tortuga ligt direct achter de rondweg.

Cerro del Villar: Hier was ik al in 1999. Via Joaquin is duidelijk, dat ik toen ook op de juiste plek mijn foto’s heb genomen. Ik maak er nu nog een paar en wel nu vanaf de westzijde in de richting van Malaga. Een bord kondigt waterwerken en een archeologisch gebied aan. Wat zal er uiteindelijk van behouden kunnen worden dank zij de inspanningen van M.Aubet???

In ieder geval loopt er een drainage kanaal dwars doorheen langs de uitstekende bosjes. 

Bij verdere bosjes en de paarden lag het centrum van El Villar.

Dichterbij was toen niet te komen.

 

Villaricos:        nederzetting in Spanje > Baria

Deze plaats is gelegen in ZO Spanje aan de monding van de rio Almanzora. Zij werd door de Grieken Baria (Plutarchus, Valerius maximus)genoemd.  In de sierra Almagrera y Herrerias is een omvangrijke necropool ontdekt van 1842 graven. Henri en Louis Siret zijn degenen geweest, die in 1887 na Chr. het een en ander goed in kaart hebben gebracht. M.Astruc bestudeert het materiaal van Siret.

Pas in 1988/89 volgt er door F.M.Alcanaz verder gedegen onderzoek gevolgd door J.L.Lopez in 1992. De nederzetting ligt op een hoogte van 30 meter in de vlakte van de rivier. Het begin is in de 7e eeuw. Ommuring vind plaats in de 3e eeuw volgens C.Aulio-Gelio. De grootste expansie heeft plaats in de 5e-4e eeuw v.C. M.J.Almagro vind een tempel van Tanit. Zijn onderzoek valt in 1975,78,83.

Bestaansbronnen: metaalbewerking met materiaal in de Minas de Herrerias, visserij (Garum). Op munten wordt Herakles afgebeeld.

Villaricos blijkt een belangrijk oord van de productie van beschilderde struisvogeleierschalen geweest te zijn. Dezelfde soort productie komt ook voor in de volgende plaatsen in de Oudheid. Van west naar oost:

Alcacer do Sal, Aliseda, Cadiz, Setefila, Spartel, Carmona, Malaga, Boliche, Malaga, Albufereta, Ibiza, Ain el Turk, Uad Saida, Guraya, Djigeli, Colo, Redeyee, Calgiari, Utica, Carthago, Motya, Malta,Micenas, Dendra, Cnossos, Moclos, Naucratis, Abydos, Nasada, Gezer, Ras Shamra, Qatna, Mari, Asharah, Kish, Nippur, Uruk, Ur, Bahrein. Het is in eerste instantie alsof we van west naar oost teruggaan in de tijd langs de route van de Feniciërs, maar in Fenicië zelf wordt de productie dus zelf niet of nauwelijks ter hand genomen!

Naast de beschilderde struisvogeleierschalen werden in de vele graven ook voorwerpen gevonden als wapens, speerpunten, zwaarden, keramiek, scarabees en veelal vergezeld van geometrische motieven.

Er is een opmerkelijke gedenksteen met de volgende inscriptie:

q b r                       graf

g r ’ (s)    klant/dienaar van A(š)

t r t  b ?(n)             tarte, zoon van

b ‘ l  g l t?              Baäl Gelat(?)

 

7.11.La necropolis de   Villaricos         M.Astruc         Madrid 1951     Informes y Memorias  Ministerio de Educacion Nacional

 

Nederzetting in de vlakte en necropool op de kaap


Zie: Catalogo documental de los Fenicios en Andalucia, 1995.

 

Maandag 31 mei 1999

Bezoek aan Villaricos en Cuevas del Almanzora.

Het museum te Cuevas del Almanzora is helaas gesloten.

Wel de woning van L.Siret gevonden. De mijningangen bij Villaricos.

Ik ben er verscheidene keren geweest, maar heb nooit werkelijke relicten kunnen terugvinden. Waarschijnlijk is alles dichtgegooid, of al verdwenen onder de nieuwbouw van Villaricos.

BK16, blz 203:   necropool Villaricos zou op 200 meter afstand van de villa van Siret liggen!
 
2008: een hele week bij Villaricos. Vrijwel alles teruggevonden.

 Kapiteel:

4.2.Un monument inconnue punique{hr Djaouf}    C.Poinssot/J.W.Salomonson

    d'après les papiers inédits               + "Chapiteaux" uit:

    du comte C.Borgia                  Villaricos

Garum:  

20.1 Garum and industries  M.Ponsich         Paris 1965

     antiques de salaison  M.Tarradell       Univ.de Bordeaux et Casa de

     dans la Méditerrannée                   Velàzquez

Inscriptie:

21.1 Le iscrizione feniche M.G.Amadasi       studi semitici 28,

     e puniche delle colonie                 Instituto di

     in occidente                            studi del viceno oriente  Univ.di Roma 1967

 

In 1986 langs de kust.

 
In1986 het binnenland in.

 

Beschilderde struisvogeleieren.

We vinden die in Noord-Afrika, in Villaricos te Spanje, te Tharros, Dagliari en te Bithia bijvoorbeeld:  nrs.91.478/534/353.

                       
Reis 1986: er is een nieuwe wijk in opbouw.

Maandag 31 mei 1999

Bezoek aan Villaricos en Cuevas del Almanzora. Het museum te Cuevas del Almanzora is helaas gesloten.

Huis L.Siret Mijntoegangen

 
Villasimus:      vindplaats op Sardinië. Voorwerpen uit de 7e – 6e eeuw v.C.

Nabij Cabo Carbonara.

 Vinarragell:      vindplaats in Oost-Spanje


Virgilius:         auteur van de Aeneas met de rol van Dido, koningin van Carthago

 

Vocabulario Fenicio: M-J Fuentes-Estanol

 

Voedende godin: komt reeds  voor in Oegarit, maar haar verspreiding reikt tot Galera in Zuid-Spanje


Voguë, Charles-Jean-Melchior (1829-1916): verkenning Syrië en Palestina.

 

Volubilis:         Vindplaats in Marokko. R Thouvenot 1949


 
Gelegen aan de Oued fertassa op 3 km afstand van Moulay Idriss.

 

Volux::             een van de laatste Mauretaanse heersers onder Punische invloed

 

Vrouw-in-het-raam motief: vooral in het Midden-Oosten



 Vruchtbaarheidsgodin: Een mooi voorbeeld stamt uit Oegarit.


Vuillemot, G:   Réconnaissances aux échelles puniques d’Oranie, Autun 1965.

 

Vijfriemer:       quinquereme: pentere

 ncfps

See for more information and in the English language:

 


 



 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten