Gabala:
Gabala is vermoedelijk de noordelijkste nederzetting van de Feniciërs
geweest op de Syrische kust, uitgezonderd het semi‑Fenicische Oegarit en de
latere Fenicische kolonies aan de golf van Issus. Gabala is het huidige Djebelé,
dat even ten zuiden van Latakia aan de Syrische kust ligt. De stad is in de
Fenicische geschiedenis niet erg belangrijk geweest. Lange tijd behoort het tot
het gebied van Arvad. In de Hellenistische tijd wordt wel van groter belang.
_______________________________________________
KAART
Monts
nos Airis
Laodicea
MIDDELLANDSE
ZEE
Gabala
Balanola
0_____________10km ^
noord
______________________________________________
G'D: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
Gadir: Gadir is het huidige Cadiz in
Andalusië. De traditionele stichtingsdatum van de stad is 1110. Veleius
Paterculus beweert, dat de Tyrusvloot 80 jaren na de val van Troje tijdens de
terugkeer van de Heracliden op de Pelopponesos, Gades en enige jaren later
Utica sticht.
Dit
gegeven moet toch betwijfeld worden op grond
van de tot dusver bekend geworden archeologische resultaten. Die
bevindingen gaan echter niet verder terug dan de 10e eeuw. Het is echter niet
onmogelijk, dat omstreeks 1100 toch de eerste Fenicische schepen van Tartessos
aankwamen. Alleen is het toen nog niet tot een permamente nederzetting gekomen.
Hesiodos
(ca.700) heeft het over Erytheia, het land van het avondrood, dat hij met
Tartessos identificeerde. Heracles zou op zijn tocht naar de Hesperiden en naar
Geryoneus (de drie mondingsarmen van de Baetis) te Gadir zijn aangekomen
(Diodorus IV 18,2). Hecataios
van
Milete (ca.500) ontkent de waarde van deze lokalisering. Daarentegen heeft hij
het wel over Gadir, Sexi, Suel en Huelva als Fenicische nederzettingen. Pythias
van Massalia noemt Erytheia als heiligdom, wanneer hij zijn tocht naar West‑Europa
heeft ondernomen. Er is vermoedelijk sprake van een verplaatsing van Gadir van
het kleine eilandje Erytheia naar het grotere
langwerpige
eiland (Cotinusa ?).Zie hiervoor o.a. "The world of ancient Spain"
door Antonio Pardo (1976). Deze
overleveringen geven aan, dat de eerste stichting van Gadir op Erytheia
zeer beperkt van aard is geweest en wellicht meer als tijelijke verblijfplaats
met een heiligdom erbij. Pas later komt dan het echte Gadir als permanente
verblijfplaats. Gadir is een Tyrische stichting. Volgens de overlevering (via
Timaeus‑Velleius‑Plinius) zou deze stichting in drie etappes gebeurd zijn naar
aanleiding van een orakeluitspraak. Op een eerste tocht kwamen de Tyriërs aan
bij Almunecar in Zuid‑Spanje(=Sexi). Op de tweede tocht kwamen ze voorbij de
zuilen van Hercules, n.l.1500 stadiën ten westen daarvan tot het heilige eiland
van Heracles (Onoba), maar keerden vanwege
ongunstige
offertekens weer om. Pas bij de derde tocht zou Gadir gesticht zijn.
Gadir
is een kalkeiland, dat ten hoogste 12 meter boven de zeespiegel uitrijst.
Tegenwoordig is het een schiereiland, waarop het moderne Cadiz ligt. Van het
Fenicische Gadir is nauwelijks iets teruggevonden, behoudens enige
fundamentbrokken van de muren, die nu als zeewering dienst doen. De beroemde
tempel van Gadir moet op 12 milliën (vergl.de 12 daden van Heracles!) van de
stad gelegen. Net als bij de tempel van Utica werd het bouwwerk geschraagd door
grote dikke bewerkte balken. In de tempel zelf was een zoetwaterbron aanwezig.
Nog op munten van Hadrianus komt de tempel voor! Het weinige tastbare van de Feniciërs is
teruggevonden in de necropool van Gadir. Wat munten, enige graven en een
antropoïde sarcofaag, die uit de 5e eeuw stamt. In de graven werden sieraden en
wapens aangetroffen.
De
naam Gadir betekent "vesting, burcht of muur".
Naast
de handel met Tartessos is vooral de visvangst van eminent belang voor de
Gaditanen. Op hun munten komt dan ook vooral de tonijnvis voor. Deze munten
stammen vanuit de 6e eeuw tot aan ca.200. Er zijn 80 variëteiten bekend met
vaak de letters (a)gdr erop. Het zijn over het algemeen zilveren munten.
Carthago behield zich het recht voor om de gouden munten te slaan.
In
de zesde eeuw wordt Gadir afhankelijk van Carthago. Uit de tijd daarvoor zijn
niet goed te verifiëren berichten bekend over een zeeslag voor Gadir, waarbij de
Gaditanen de aanvallende schepen Theron (uit Spanje) in brand weten te zetten. Ook
zouden de Carthagers Gadir een keer belegerd hebben, maar dat lijkt erg
onwaarschijnlijk. Pas tegen het eind van het Carthaagse zeerijk komt Gadir
ernstig in gevaar. Wanneer de Gaditanen in 205 hun stad aan de Romeinen willen
overgeven, neemt Mago wraak voor dit verraad, plundert de stad en de tempel en
ontruimt
tenslotte
geheel Spanje. Vanaf die tijd verkeert Gadir in het Romeinse rijk.
..................................................... Zie map 76
|
Kaarten
+ afbeeldingen
|
Zie:Paulys Real
Enc: 440 e.v.
_______________________________________________
KAART
naar de Baetis
West‑Europese
zeeroutes
GADIR
naar
West‑Afrika
naar de
Middellandse zee
:tempel van Melkart
:de oude
stad
+++++:necropolis
_______________________________________________
^ noord.
Boek
Gadir.
INHOUDSOPGAVE blz
Voorwoord
3
1. Inleiding 4
2. Namen 6
2.1.Gadir/Gadeira/Gades 6
2.2.Kotinoussa/Cotinusa 6
2.3.Erytheia/Erithya 6
2.4.Tartessos/Tarsis 7
2.5.Antipolis
9
2.6.Spanje 9
2.7.Conclusie 9
3.Geografie 10
3.1.De ligging 10
3.2.Fysische geografie 11
4.Overleveringen 14
5.'Geschiedenis' 19
5.1.De stichting 19
5.1.1.De traditionele
stichtingsdatum 19
5.1.2.De archeologische
stichtingsdatum 23
5.1.3.De traditionelere
& archeologische 24
stichting
gecombineerd
5.2.Van legendes naar
historie 26
5.3.De (Ibero)‑Fenicische
periode 30
5.4.Het Mauretaanse
equivalent 36
5.5.Griekse infiltraties 39
5.6.De Etruskische connectie
45
5.7.De Carthaagse periode 48
5.8.De Barciden 57
5.9.Onder de Romeinen 61
6.Middelen van bestaan 70
6.1.Handel & scheepvaart 70
6.2.Land‑ & tuinbouw 72
6.3.Visserij 72
6.4.Scheepsbouw 74
6.5.Nijverheid 74
6.6.Mijnbouw 74
6.7.Tempels 74
7.Gebouwen 76
8.Necropolen 79
9.Vondsten 89
9.1.Algemeen 89
9.2.Numismatiek 103
9.3.Inscripties 104
10.Overig 105
10.1.Grondgebruik 105
10.2.Demografie 108
10.3.Cultuur 111
10.4.Bestuur 114
10.5.Flora 115
10.6.Bekende Gaditanen 116
Slotwoord 117
Bijlagen
Gadnabou:
naam voorkomend in Fenicische inscriptie van Amrit (Ma'abed).
Gaetuliërs:
Volk in de Sahara.
Gaia: Koning van Massylië, bondgenoot
van Carthago. Zijn zoon is Massinissa. Gaia sterft in 206.
Galand, L:
Mede‑auteur van "Inscriptions Antiques du Maroc"
Paris ‑ 1966.
Galilea: streek in Noord-Israël, die sterk
onder invloed van de Feniciërs stond.
|
kaart
|
Gallia:
Landstreek tussen de Rijn, Pyreneën en de Apenijnen.
Galliërs:
Bewoners van Gallia, die in de Carthaagse legers veelvuldig dienst
namen.
Galling, K:
Auteur van o.a:"Der Weg der Phöniker nach Tarsis in literarischer
und Archäologischer Sicht" in: Zeitschrift des Deutschen Palästina Vereins
88, Wiesbaden 1972, "Ein phönikisches Kultgerät(?) aus Kreta (Die Welt des
Orients V,1969). De laatste publicatie betreft een in 1884 n C ontdekt voorwerp
in de grot van Zeus op de berg Ida.
Gambia: CHRETES?:
rivier in West-Afrika, die wellicht Hanno de zeevaarder bereikt heeft.
|
kaart
|
G'ML': Neo‑Punische naam voor Gemellus
(1x geregistreerd).
G'N: Punische naam (1x
geregistreerd).
Gaphara:
Plaats op de kust van Tripolitanië tussen Oea en Leptis. In de Punische
tijd is het slechts een zeer kleine nederzetting. Ras Djafara
|
kaart
|
Garamanten:
Een Lybisch volk in het achterland van Tripolitanië. Zie:"Garamantian Excavations (1965‑1967)
Zinchecra", Ch M Daniëls, Lybia Antigua Vd 1968.
Garbini:
Auteur van o.a:"Monte Sirai", Rome 1964. "Sul
nome fenicio della pospora" in
RSF
1975
Garcia y Bellido,A: Spaans auteur van Fenicische en Punische
artikelen. O.a:"Fenicio y Cartagineses en occidente",Madrid 1942.
Garum:
visinzoutingsplaatsen. Zie: M20.1 Garum and
industries M.Ponsich Paris 1965
antiques de salaison M.Tarradell Univ.de Bordeaux et Casa de
dans la Méditerrannée Velàzquez
occidentale Info over:Boccadorio,Senhora da
Luz,Vao, Portimao,Pera de Armacao,Praia
de Quarteira, Torres de
Ares,Antas,Cacella,Serro del Trigo,
Algaida,Gades,Barbate,Bolonia,Mellaria,
Carteia,S.Pedro de Alcantara,Torre Molinos, Malaga,Torrox,Almunecar,Adra,Villaricos, Carthago‑nova,Santa Pola,Tossal de
Manisses, Calpe,Javea,Sania et
Torres,Alcazarseguer,
Sahara,Cotta,Tahadart,Kouass,Lixus,
Thamusida
Tijd:
1e eeuw v.C – 2e eeuw na Chr.
Archeologisch is er alleen iets aantoonbaar vanuit
de 1e eeuw v.C in een groot aantal plaatsen. Garum is een soort
dikke vissoep, die tot stand komt door in grote stenen bakken de vis te
deponeren en het geheel in te zouten. Deze stenen bakken worden gevonden in
plaatsen langs de Middellandse zeekust maar ook in plaatsen aan de Atlantische
kusten van Spanje, Portugal en Marokko. Michel Ponsich en Miquel Taradell nemen
in 1965 na Chr. aan, dat de Feniciërs hiermee zijn begonnen. Zij exporteren het
voedsel al in de 5e eeuw v.C, wanneer het bijvoorbeeld in Athene
wordt veroberd. Literaire bronnen hebben eveneens aangetoond, dat GARUM al
stamt vanuit de preRomeinse tijd. Het blijkt verder, dat de meeste plaatsen van
GARUMbereiding samenvallen met nederzettingen van de Feniciërs en de
Carthagers. In de preRomeinse tijd waren de technieken van GARUMbereiding
echter anders dan in de Romeinse tijd. Bovendien hebben de Romeinen de
installaties aan die veranderde technieken aangepast.
|
Foto’s
|
Gath BK2: plaats in Israël.
Gatier, Pierre-Louis:St.Joseph Universiteit te Beiroet.
Gauckler:
In 1916 n C publiceerde deze franse geleerde over de Punische
begraafplaatsen in Carthago ("Necropoles
puniques de Carthage",Paris 1915).
Gaudo:
Zoon van Hiempsal, die koning wordt van Oost‑Numidië.
Gaulus:
Eiland ten zuiden van Sicilië gelegen ten westen van Melite. Diodorus Siculus
rept erover in boek V 12: "Na dit eiland (Melite) komt een ander, dat
Gaulos heet: het ligt midden in de zee met een voortreffelijke haven en is ook
een kolonie van de Feniciërs."
_______________________________________________
KAART ^ noord
GAULUS
MELITA
0_______5 km
_______________________________________________
De
stippen geven de neolithische bouwwerken weer van noord naar zuid: Ggantija,
Bugibba, Skorba, Ta Hagrat, Banrija, Hal Safliena, Tarxien, Ghar Dalam, Borg in‑Nadur,
Hagar Qim en Mnajdra.
G'YL':
Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
Gaza: Gelegen te Tell el‑Ajoel in het
land van de Philistijnen. In 332 werd het belegerd en verwoest door Alexander
de Grote.


Geen opmerkingen:
Een reactie posten