Hammamet: nederzetting
op de oostkust van Tunesië.
|
afbeelding
|
Hammoerabi BK2:
koning van Babylonië. Bekend van zijn wetboek.
ḥmn
: Hamon. Plaats ten zuiden van Tyrus.
Hampsicoras:
Leider van de Sardische opstand bij Cornus in 215 tegen de Romeinse
bezetting van eiland. Zijn zoon Hostus wordt door P Manlius Torquatus
verslagen. Ook Hampsicorus wordt wat later met de gelande Carthaagse troepen
verslagen. Op zijn vlucht pleegt hij zelfmoord. Bronnen: Livius XXIII 32,10 en
40, Silius Italicus XII 342, Zonaras IX 4.
|
kaart
|
Handelsprodukten: snuisterijen, metalen, luxe zaken,
landbouwprodukten.
Handelswegen:
|
kaarten
|
Hangers:
Hannibal: Een veel voorkomende naam bij vooral
de Puniërs. Het betekent:"in de gunst van Baäl".
1.Zoon
van Hasdrubal, neef van
Mago. Hij is in de vijfde eeuw actief als bevelhebber op Sardinië.
Bron:Justinius
XIX, 22.
2.Zoon
van Mago, neef van
Hamilcar. Hij leefde in de tweede helft van de 5e eeuw en was een van de
belangrijkste Carthagers van die eeuw. Hij was het, die de Grieken in het
defensief
drong.
In 410 treft hij grote voorbereidingen voor de komende confrontatie met de
Grieken op Sicilië. In 409 neemt hij Selinunte in, dank zij vooral zijn
meegebrachte oorlogsmachines. Vervolgens verovert hij Himera en wist de smet op
het blazoen van zijn voorvader Hamilcar
daarmee uit. Daarna ontbindt hij zijn grote leger en gaat terug naar Carthago.
In 406 is hij terug. Bij de belegering van Akragas bezwijkt hij echter aan de
pest. Himilco neemt het bevel over. Zie voor een uitgebreide verslaglegging
bij: ZK,dl2A,blz 80‑90(250‑260).
3.Zoon
van Gescon of Gersacon.
Hij leefde aan het begin van de eerste Romeins‑Punische oorlog. Hij was
veldheer en vlootvoogd in de periode 269‑265 voorafgaande aan deze oorlog of
wellicht reeds langer. Zijn vloot heeft als basis Lipara. Deze Hannibal intervenieert
op het diplomatieke vlak op het moment, dat Hiëro van Syracuse de Mamertijnen
van Messana defini‑
tief
dreigt te verslaan en legt daarbij een Carthaags garnizoen in de burcht van de
stad.
Bronnen:
Diodorus XXII, 13,7, Zonaras VIII,8 en Polybius I,10. Frontin.(IV,1,19)
vermeldt het misschien te betwijfelen, dat hij in de eerste oorlogsjaren een
Romeins korps tot overgave dwong en onder het juk door te gaan. In 261
verdedigt deze Hannibal Akragas van juni tot december tegen de Romeinen, waarna
hij dank zij het optreden van een ontzettingsleger (Hanno) zonder veel
verliezen
kan uitbreken. Vervolgens wordt hij weer vlootvoogd en heeft Panormus als
uitvalsbasis. Bij Mylae lijdt hij echter een nederlaag tegen de Romeinse vloot,
die voor het eerst met de enterbruggen opereren. Zijn schip, dat nog van
Pyrrhus was geweest, raakt hij echter kwijt, maar hij weet zichzelf in
veiligheid te brengen. Terug in Carthago wordt hij uit zijn ambt gezet, maar
niet bestraft op de gebruikelijke manier. Integendeel, hij krijgt een nieuwe
opdracht en wordt naar Sardinië gestuurd. Daar laat de ongelukkige zich in een
haven te Sulcis opsluiten door
Romeinse
schepen. Daarbij wordt hij gekruisigd door zijn eigen manschappen.
Zie:ZK,Dl2B,blz 4‑11 (368‑375). Bronnen:Polybius I, 17‑24, Diodorus XXIII 7‑9,
Zonaras Viii,10 en Orosius IV,7.
4.Zoon
van Hannibal Gersacon
uit ca.270‑260. Hij is onderbevelhebber te Lilybaeum. Zijn chef is
Himilco. Deze Hannibal weet een rebellie
onder Gallische huurlingen te voorkomen. Hij leefde dus in de eerste Romeins‑Punische
oorlog. Bron:Polybius I, 43,4.
5.bijgenaamd
de Rhodiër. Een
buitengewoon bekwame zeevaarder, die keer op keer de Romeinse blokkade van
Lilybaeum weet te doorbreken in de jaren 250‑249. Uiteindelijk valt zijn schip
toch in Romeinse handen. Bron:Polybius I,47,7‑10.
6.Zoon
van Hamilcar en
bevriend met Adherbal, de commandant van Drepana. Deze Hannibal brengt 10.000
huurlingen in Lilybaeum met 50 schepen vanuit de Aegatische eilanden. Hannibal
maakt de daaroip volgende uitval mee van de Carthagers mee, maar vertrekt
daarna met zijn vloot naar Drepana.
Bron:Polybius I, 44+46 en Orosius IV, 10.
7.Wellicht is deze dezelfde als onder 6. Deze Hannibal
strijdt aan de zijde van Hamilcar Barcas tegen de huurlingen bij Tunes,
maar wordt door Matho verslagen en gekruisigd. Hij vindt zijn einde aan
hetzelfde
8.De
beroemdste Carthager,
die in de tweede Romeins‑Carthaagse confrontatie, Rome aan het wankelen bracht,
maar net niet slaagde in zijn opzet. Hij is sindsdien nogal eens geromantiseerd
als de "edelste mislukkeling" van de oudheid. Weliswaar was hij een
briljant generaal, die schitterende veldslagen voor zijn stad vrijwel altijd
goedgunstig deed aflopen, maar Rome op de knieën krijgen, dat lukte net niet.
Zie:HANNIBAL:W HOFFMAN, HANNIBAL:K CHRIST,
HANNIBAL:GöRLITZ, HANNIBAL:VELDHEER VAN CARTHAGO, HANNIBAL
ALS POLITIKER:E GROARG, HANNIBAL ALS STAATSMAN:J KROHMAYER, HANNIBAL'S ALPENUBERGANG:E
MEYER, HANNIBAL'S LEGACY:A J TOYNBEE, HANNIBAL & SICILIëW HOFFMANN, HANNIBAL'S
WAR:J F LAZENBY, ANNIBAL:G P BAKER, HISTOIRE
D'ANNIBAL: HENNEBERT, HANNIBAL:H LAMB, HANNIBAL: G AUDISIO.
Deze
opgave van literatuur is lang niet uitputtend, maar het illustreert wel de
veelzijdige aspecten,
waaronder
het fenomeen Hannibal door de verschillende auteurs is bekeken.
Deze
Hannibal is de zoon van Hamilcar Barcas. Hij werd vermoedelijk in 247 geboren
in Carthago. Wellicht lag zijn afstamming op Malta of Cyrenaïca. Silius
Italicus beweert, dat zijn familie afstamt van Elissa en Belos, maar dat is wat
al te romantisch gedacht. Barca schijnt een gewone naam te zijn en is misschien
toevallig ook een woord voor "bliksem". De naam kan ook terugslaan op het land van Barca=Cyrenaïca.
Hannibal
maakt als vijfjarige wellicht de strijd om Eryx mee, beleeft in ieder geval in Carthago
de huurlingenopstand en volgt zijn vader daarna naar Spanje.
247 jaar van geboorte 0
246 1
245 2
244 3
243 4
242 Eryx 5
241 Eryx 6
240 terug naar
Carthago 7
239 Huurlingenopstand 8
de eed
238
Huurlingenopstand 9
237 naar
Spanje 10
236 11
235 12
234 13
233 14
232 15
231 16
230 17
229 Vader
Hamilcar sterft 18 hinderlaag Castulo
228 Hasdrubal (de
L) 19 de Luisterrijke
227 20
226 21
225 Huwelijk met
Imilce 22 Himilkat v Castulo
224 23
223 24
222 25
221 Hasdrubal (de
L) sterft 26 Veldtocht Olcaden
220
Legeraanvoerder 27 Veldtocht
Vaccaeërs
219 belegering
Saguntum 28
218 tocht
Alpen/Ticinus 29 Trebia veldslag
217 veldslag Trasimeno 30
216 veldslag
Cannae 31
215 verbond
Macedonië 32 Capua
214 verbond
Syracuse 33
213 verovering Tarente 34
212 veldslagen
Herdoniae+ 35 Lucanië(Volontes)
211 tocht naar
Rome 36
210 veldslag
Herdoniae 37
209 veldslag Canusium 38 verlies Tarente
208 hinderlaag op
Crispinus+ 39 Marcellus
207 broer
Hasdrubal komt om 40 a/d Metaurus
206 terug naar
Bruttië 41
205 Bruttië 42
204 Bruttië 43
203 terug naar
Afrika 44 broer Mago sterft
202 verlies te Zama 45
201
Hadremetum 46 vrede
200
Hadremetum/Carthago 47
199
Hadremetum/Carthago 48
198 Hadremetum/Carthago 49
197 Suffeet te
Carthago 50
196 Hervormingen te Carthago 51
195 Vlucht naar
Tyrus! 52
194 naar Antiochië/Ephesus 53
193 54
192 Expeditie
naar Griekenland55
191 terug naar
Azië 56
190 Veldslag Magnesium 57
189 58
188 naar Gortyn
op Kreta 59
187 60
186 naar Bythinië 61
185 Bythinië 62
184 Bythinië 63
183 Bythinië 64 Zelfmoord Hannibal
Hannibal's
leraar was de Spartaan Sosilus. Hannibal kende Grieks en ook de Griekse
leefwijze. Zijn belang voor Carthago is groot geweest. Hij heeft de Romeinse
wals nog even opgehouden, maar tot stilstand brengen kon hij niet meer. Wel
heeft hij ingezien, dat de enige kans lag bij het gebruiken van de inheemse
westerse krachten van de landen van de Middellandse zee. Hij zag in, dat de
inheemse kenmerken van de huurlingengroepen gebruikt dienden te worden. De
inheemse westerse volken zagen een veldslag als een serie van man‑tot‑man
gevechten. Hij bracht daar verandering in, zodat zijn leger gelijkwaardig werd
aan dat van de Romeinen mede door zijn geniaal veldheerinzicht. Hij ziet verder
af van de lans en neemt het zwaard als hoofdwapen voor het offensief. Deze
innovatie ziet G Brizzi als zijn belangrijkste verdienste voor de krijgswetenschap
in de oudheid. In plaats van de massieve falanx maakt Hannibal een meer
elastisch leger, dat verdeeld wordt in kleine tactische groepen (speirai).
Slechts de bewegingen van zijn leger waren nog "Grieks". Hannibal heeft
moeten beseffen, dat een aanval op het hart van Italië alleen nog tot succes
zou kunnen leiden teneinde de confederatie te breken. Numeriek zou Carthago
nooit meer van Rome kunnen winnen. De afval van de bondgenoten van Rome was
noodzakelijk. Eenmaal zover zou met Rome te onderhandelen zijn. Was dat in de
tijd van Pyrrhus ook niet zo gegaan? Toen was Mago gekomen en had Rome bewogen
de strijd voort te zetten. Vandaar het idee van de "Blitzkrieg" en na
1 of 2 beslissende veldslagen zou "arcem et caput italiae" zijn. Het
is alles zeer goed doordacht, maar de senaat van Rome in 216 is een andere dan
die van de tijd van Mago! De senaat van Rome vergeeft het Hannibal namelijk
niet, dat hij zich aan het hoofd van "barbaren" stelde. Wellicht
vecht de adel (niet het gewone volk!) door en overwint tenslotte. Hannibal's
grootste teleurstelling moet het zijn geweest, dat hij na dit voldongen feit
geen andere wegen heeft gevonden om toch Rome op de knieën te krijgen.
|
Foto
723
|
Omstreeks
210 moet Hannibal beseft hebben, dat de grote zaak verloren was. Het
wanhoopsoffensief van de grotelijks onderschatte broer Hasdrubal in 207 doet de
deur dicht. Het terugtrekken op Bruttië lijkt op de achterhoedegevechten van
zijn vader op de Eryx. Het is definitief verloren. Hij laat zelfs zijn daden
vastleggen op plaquettes in een tempel in Bruttië. Dit was geen ijdelheid, maar
het vastleggen van de vreselijke mislukking. Hij weet op dat moment namelijk de
nederlaag al en probeert nog te redden wat er te redden is. Vergeefs probeert
hij te Zama nog in een vredesgesprek te komen met Scipio, maar de Romeinen
willen de kelk tot het einde door de Carthager leeggedronken hebben. In Zama
wordt hij door de Numidische ruiterij verslagen. Zijn lot lijkt bezegeld te
zijn. Opmerkelijk genoeg keert hij naar Carthago terug als hervormer, zonder dat de Romeinen hem opeisen. Dat
gebeurt pas in 195, maar hij is al verdwenen naar Syrië. Hij zet gewoon de
strijd voort, maar helaas met inferieur materiaal. Op Gortyn vindt hij
tenslotte een toevluchtsoord, nadat de Romeinen zijn uitlevering vergeefs
geëist hebben. Opnieuw moet hij vluchten naar Bithynië. Uiteindelijk
achterhalen de Romeinen hem te Libyssa (Gebseh), waar hij zelfmoord pleegt. Hij
werd nooit een vriend van de Romeinen.
|
kaart
|
Volgens
Dio Cassius zou Septimus Severus op zijn graf veel later een mausoleum hebben
laten oprichten van wit marmer. Wanneer Marcellus weer meer dan een eeuw later
erover bericht, staan er nog maar een paar zuilen.
|
afbeeldingen
|
Hannibal
Barcas is niet alleen de "edelste mislukkeling",maar nog meer het
prototype van de "grootste misrekening", ondanks een geniale
voorbereiding en uitvoering. De eed en eigenlijk gewoon de opdracht, die hij
kreeg van zijn vader kon niet worden uitgevoerd. Hannibal verliest in zijn leven zijn beide
strijdende broers.Wellicht was er nog een derde broer. Van zijn vier zussen
weten we, dat een de vrouw wordt van Bomilcar, een uitgehuwelijkt wordt aan
Navaras, een andere trouwt met Hasdrubal (de Luisterrijke) en de laatste aan
een Numidische vorst wordt gegeven.
De
zus, die met Hasdrubal trouwde, stierf al spoedig. Hoe het verder met zijn vrouw Imilce en hun
enig (?) kind ging weten we ook niet. Wellicht was dat dat de befaamde Hamilcar
in Gallia Cisalpina. Hannibal is een imposant figuur geweest, die zelfs
hedentendage nog tot de verbeelding spreekt. Bronnen: Polybius III, Livius XXI‑XXII,XXVII,XXXIII‑XXXVII,
Florus II, Eutropius III, Zonaras VIII, Orosius IV, Frontinus II, Florus I,
Appianus Hann.4 e.v., Polyaenus VII.
STAMBOOM
|
HAMILCAR
BARCAS
(ca.270‑229)
_______________________________|____________________________
|
| | | | | | |
dochter
dochter Hannibal dochter dochter Hasdrubal
Mago Gisco?
xHasdr. x
(247‑183) x x
(240?‑207)(230?‑203) ?
º 223 Bomilcar
x 2 numid. Navaras
| |
Imilce prins
Sicho Hanno
|
?
(officier ?
v Hannibal)
AFBEELDINGEN
Hannibal
is vaak afgebeeld, maar van geen enkele afbeelding is zeker, dat het ook
werkelijk zijn beeltenis is. Vanuit de 18e eeuw stamt een gravure uit
Marseille, waarbij Hannibal als 100
jarige staat afgebeeld. Vanuit 1410 stamt een miniatuur schilderij met als
afbeelding zijn befaamde eed. Uit de 15e eeuw is een medaillon bekend van
Hannibal als adolescant. Hij staat er gegraveerd in Hellenistische stijl. Ook
uit ca.1410 stamt een afbeelding, waarbij de stad Capua zich aan Hannibal
overgeeft volgens P.Bressuire. Jean Mansel (tussen 1454 en 1460 publiceert hij)
schrijft "Les histoires romaines", waarin ook een afbeelding van
Hannibal te Capua voorkomt. In 1722 maakt Sébastien Slodtz(1665‑1726) een beeld
van Hannibal als triomfator. Het staat nu in het Louvre. Ambroise Tardieu, die tussen 1820 en
1828 werd geëxecuteerd, maakt een gravure van Hannibal
naar
een portret, dat in 1805 werd gevonden in Calabrië. In Capua werd in 1667 een
borstbeeld gevonden, dat over het algemeen aan Hannibal wordt toegedicht. Het
bevindt zich nu in het museum te Napels. Gaarne zou iedereen willen, dat dit
zijn afbeelding is, want het is imponerend. Het is mooi, van een man van
vijftig, een man van glorie en melancholie. Uit de 16e eeuw is een gravure
bekend, waarbij hij als grijsaard is afgebeeld. Een eeuw eerder legt een kunstenaar
de zelfmoord van Hannibal vast in een miniatuur. In het museum van Montargis
hangt een schilderij van Girodet (1767‑1824), die ook al de sterfscene van Hannibal
weergeeft. Al deze afbeeldingen zijn opgenomen in het boek van G Audisio over
Hannibal (Paris, 1961). Opmerkelijk is, dat hij
vrijwel
overal met een baard wordt weergegeven. Zeer waarschijnlijk kennen wij echter
niet zijn ware beeltenis. De Feniciërs/Puniërs deden dat niet. Zij beperkten
zich tot maskers. Pas in de laat‑Punische periode zien we afbeeldingen
verschijnen op voornamelijk dan nog grafzerken.
In
de nagalm van Carthago en Hannibal:
Hannibalisme:
Hannibal is zijn betekenis als historisch figuur ver ontstegen. Hij is
niet louter de Carthaagse veldheer gebleven uit de geschiedenisboekjes. In het
dagelijkse leven toen en nu, in de dichtkunst, in de krijgswetenschap en zelfs
in de 20e eeuwse spionnage wordt zijn naam te pas en te onpas gebruikt. Enige
voorbeelden:
a.Anthonie Donker schrijft in het jaar 1940 n C een boek opgedragen aan A Roland Holst met de
titel "Hannibal over de Helicon". Het boek gaat over een nieuwe
dichtergeneratie en haar werkelijkheid. Ten onpas wordt Hannibal vergeleken met
de "gansche logge legermacht in dezen tijd", die over de Helicon
dreigde te trekken, "als eertijds over de Alpen en viert hij zijn lompe
triomfen?". Anthonie Donker is bang, dat de poëzie in de verdrukking
geraakt en zoekt
antwoord
op de vraag naar de verhouding tussen verbeelding en werkelijkheid. Zijn vrees
is, dat rond 1940 n C de Helicon(=zangberg) belegerd, bevolkt en platgetreden
wordt. De Helicon was in de oudheid een gebergte in Beoetië van de dichters,
die toegewijd waren aan Apollo en de Muzen.
b.Jan van Lieshout schrijft een boek over het z.g.
"Hannibalspiel", dat in 1980 wordt gepubliceerd. Het gaat over een
sinister spel tijdens de 2e wereldoorlog van de contraspionnagedienst der
"Kriegsmarine", dat leidde tot de ondergang van een
Nederlands/Belgische verzetseenheid. Het drama wordt het
"Hannibalspiel" genoemd, omdat de drijfveer hierachter U J W Schwartz
was.
Deze
was verbonden aan de Duitse contra‑spionnagedienst werkte en wiens schuilnaam
Dr U
Schulte
was. Deze Schwartz werd door zijn mederwerkers spottend Hannibal genoemd, omdat
hij in benevelde buien veelal over Hannibal sprak.
c.Friedrich Donauer schrijft een roman over Scipio en Hannibal,
welke in de Nederlandse vertaling de naam "De Olifantenslag" kreeg.
De geschiedenis is geromantiseerd weergegeven en zeker de karakterschets van
Hannibal is niet neutraal.
d.Hannibal is in de westerse wereld een ingeburgerde
naam geworden. Plaatsen worden er mee aangeduid. Personen worden naar hem
genoemd. Er is zelfs een TV serie met in de hoofdrollen Hannibal Heyes en Kid
Curry.
e.Diverse
hedendaagse figuren hebben
geprobeerd de tocht van Hannibal met of zonder olifanten na te doen over de
Alpen. In 1985 bijvoorbeeld loopt ene Fons Oerlemans met dit plan rond. In 1987
is het Britse cricket‑ster Ian Botham, die met drie olifanten vanuit Perpignan
op weg ging. Al na 8 kilometer verstuikte een van de olifanten zijn poot.
Niettemin ging de tocht verder ten bate van het goede doel:bijdragen werven
voor het leukemie onderzoek. De olifanten zijn echter teruggestuurd. Tenslotte
lukt het o.a. door Bernard Levin. Zie
boek 305.HANNIBAL’S
FOOTSTEPS Bernard Levin. Sceptre 1987. Verslag van een voettocht in de
voetstappen van Hannibal. Niet echt belangrijk. Een hebbeding. Wel een
afwijkende visie van de Alpentocht, maar die wordt niet echt onderbouwd.
f.Diverse objecten worden met zijn naam in verband gebracht.
In het hooggebergte van de zuidelijke Alpen ligt een rotsblok met de naam
"Pierre d'Hannibal. De locatie is even ten zuiden van de Col de Restefond.
In 1714 is door een boer een grote zilveren schaal ontdekt in de Dauphiné. De
schaal is voorzien van een medaillon, waarop een palm en een leeuw zijn afgebeeld.
Men heeft de schaal in verbinding met Hannibal gebracht en het "Bouclier
d'Annibal" genoemd. Later is echter gebleken, dat de schaal uit de 6e eeuw
stamt.
g.Vele toneelstukken,
gedichten e.d. hebben Hannibal op onderdelen verwerkt.
Juvenalis schrijft over hem in satires. A Dante, T Corneille, de Marivaux, F
Didot en V Hugo leveren ook hun bijdrage.
Hanno:
|
stamboom
|
1.Vader van Hamilcar I. [Her.VII,165].
2.Zoon van Hamilcar I en mogelijk dezelfde als onder 3. In ieder
geval een veldheer met de bijnaam "Sabellus". Hij verovert een flink
deel van wat we nu Tunesië noemen. Hij maakt van de Carthagers uit Tyrus meer
en meer Afrikaners. Hij wordt echter ten val gebracht en moet samen met zijn
broer Gescon uitwijken [Just.XIX,19].
3.Suffeet van Carthago, die met 60 vijfroeiers en 30.000
kolonisten een opgetekende tocht ondernam. Hij verkent en staat aan het hoofd
van een grote expeditie naar westelijke kusten van Afrika in het midden van de
5e eeuw. Het aantal kolonisten zal overdreven zijn. Niettemin worden de
volgende vestigingen gesticht:Thymiaterion,Soloeis,Karikon Teichos,
Gytte,Akra,Melitte, Cerne. Hanno is vermoedelijk tot aan de berg van Kameroen
gekomen. {Strab.XVII,Plin.IV,V,VI,Diod.III]. Waarom hij in zijn reisverslag
niets zegt over de Canarische eilanden, is een raadsel. Die moet hij met het
blote oog gezien hebben.
|
kaarten
|
4.Veldheer van Carthago in het midden van de 5e eeuw. Hij voert
strijd tegen Dionysios in 368. In 345 belegert hij Campaanse huurlingen in
Entella. Hij weet de landing van Timoleon niet te verhinderen en wordt
teruggeroepen. In Carthago probeert hij een staatsgreep. Zijn poging om de
complete stadsraad te vermoorden mislukt. Hij verlaat Carthago en poogt een
oproer te ontketenen. Uiteindelijk wordt hij en zijn familie terechtgesteld.
[Justin.XX,XXI, Diod.XVI]
5.Veldheer van Carthago in de strijd tegen Agathocles. Hij valt in
de slag voor de muren van Carthago, waarbij hij de linkervleugel van het
Carthaagse leger aanvoerde.[Diod.XX, Just.XXII].
6.Veldheer van Carthago tegen Archagatos, de broer van Agathocles.
Hij verslaat Aischrion met zijn legerafdeling.[Diod.XX 60,3].
7.Carthaagse commandant van de bezettingsmacht in Zancle=Messana in
265. Hij verslaat een Romeins eskader, dat wil invaderen. Niettemin wordt toch
getracht de vrede te bewaren en laat zich ompraten om de burcht te verlaten,
waarin hij verschanst zat. Hij wordt gevangen genomen en verliest de stad.
Hiervoor wordt hij door Carthago gestraft. [Zonar. VIII].
|
De
reizen van Hanno 8
|
8.Bevelhebber in de 1e Romeins‑Punische oorlog. Zoon van Hannibal, die in 264 in Sicilië landde en Akragas bezette. Hij sluit met Hieron een verbond en valt Messana aan. Daar wordt hij echter verslagen. Op Sicilië heeft hij volgens Philinus in 262 of 261 maar liefst 50.000 man voetvolk, 6000 ruiters en 60 olifanten ter beschikking. Van Lilybaeum gaat hij naar Ras Melkart en verovert Herbessos. Een poging om het belegerde Akragas te ontzetten mislukt, ondanks een gewonnen ruitergevecht. Hij moet naar Carthago terugkeren en krijgt een milde straf: 6000 geldstukken boete! In deze zelfde jaren weet hij wel een opstandige groep Galliërs in een hinderlaag bij de Romeinen te sturen. De Romeinen slachten hun bondgenoten in spé (4000 man) af. In 258/257 is hij te Sardinië, waar hij zijn mede-bevelhebber Hannibal verliest, maar kort daarop verslaat hij daar een Romeins smaldeel. In de zeeslag bij Ecnomus voert hij het bevel over de rechtervleugel. De zeeslag gaat verloren, waarna hij onderhandelingen aanknoopt om tijd te winnen. Hierna wordt hij niet meer genoemd, of hij zou wellicht de Hanno van de Aegetische eilanden zeeslag kunnen zijn.[Diod.XXIII, Polyb.I 18,19,27, Zonar VIII].
9.Admiraal van de Carthaagse
vloot bij Sardinië en
Corsika. Hij sneuvelt bij Olbia en wordt eervol
door
consul L C Scipio begraven [Oros.VI,7 en Val.Max.V 1,2]. Volgens Zonaras VIII 9
schijnt er
bij
Olbia nauwelijks strijd geweest te zijn!
10.Zoon van Hasdrubal. Een van de drie veldheren, die tegen
Regulus in 256 in actie kwamen [Polyb.I 30].
11.Zoon van Hamilcar. Hoofd van het gezantschap naar Regulus
[Diod.23,12].
12.Carthaags kapitein, die met zijn vijfdekker tijdens de 1e
Romeins‑Punische oorlog bij Lilybaeum in handen viel van de Romeinen en wiens
schip als voorbeeld ging dienen voor de Romeinse vloot in opbouw. Wellicht is
er sprake van een naamsverwisseling met Hannibal [Zonar.VIII,15].
13.Admiraal van de
proviandvloot in mei 241,
die door L.Catulus verslagen werd bij de Aegetische eilanden. In Carthago wordt
hij gekruisigd. [Diod.XXIV, Polyb.I,60+61, Zonar.VIII 17].
14.Carthaags veldheer. In 240/239 wordt hij tegen de huurlingen
op Sardinië uitgestuurd, maar zijn soldaten verlaten hem. De huurlingen
kruisigen hem [Polyb.I 79].
15.Hanno de Grote.Zo wordt ook deze Hanno genoemd uit de 3e
eeuw. Hij is veldheer in Libyë en maakt zich gehaat vanwege de inning van hoge
belastingen. De stad Hekatontapylos wordt door hem veroverd. In het begin van
de huurlingenopstand voert hij met hen overleg in Sicca.
Als
organisator is Hanno zeer goed, maar als veldheer mislukkeling. Hamilcar Barcas
volgt hem op en sindsdien heerst er vijandschap tussen de families Hanno en
Barcas. Na de moord op Gescon wordt hij weer als veldheer opgeroepen, maar zijn
troepen kiezen uiteindelijk voor een andere veldheer=Hannibal. Na de dood van
Hannibal wordt Hanno opnieuw gekozen en vindt er een "verbroedering"
plaats met Hamilcar. Gezamenlijk worden dan de huurlingen definitief
overwonnen. Hanno neemt Hippo in.
Uiteindelijk wordt hij opnieuw als veldheer afgedankt en geraakt op de
achtergrond. In 219/218 is het Hanno, die de oorlog met Rome sterk ontraadt en
zelfs voor uitlevering van Hannibal Barcas is (althans volgens de Romeinense
overlevering!). Tegen het einde van oorlog is hij het, die met Rome tot vrede
tracht te komen. Hanno de Grote heeft geleefd van ongeveer 280 tot 200 en werd
dus voor die tijd vrij oud. [Polyb.I 67
t/m 88, Appian.Lib, Liv.XXI, Zonar.VIII
Liv.XXIII, Zonar.IX]. Zie Atlas kaart 91 B.
16.Carthaags officier, die in 218 met 10.000 man voetvolk, 1000
ruiters en voorraden/bagage e.d.
door
Hannibal in Catalonië achtergelaten wordt. In nog hetzelfde jaar wordt hij door
Cn Scipio ver‑
slagen
bij Kissa. [Polyb.III, Liv XXI,Zonar.VIII].
17.Zoon van de suffeet
Bomilcar. Hij forceert de
overgang bij de Rhône in het leger van Hannibal
Barcas.
Bij Cannae heeft hij het commando over een van de vleugels. Later heeft hij het
commando in Lucanië en Bruttië. Hij belegert Petelia, maar wordt in 215 door
Tib.Sempr.Longus bij Grumentum verslagen. Met aangekomen versterkingen rukt hij
op naar Nola. In Bruttië verovert hij Locroi en Crotone. In 214 wordt zijn
leger van 17.000 Bruttiërs en Lucaniërs, alsmede 2000 Afrikaanse ruiters bij
Beneventum verslagen door Tib.Sempr.Gracchus, maar in 213 wordt Tib.Pomp. Veientanus door Hanno
verslagen en gevangen genomen. Verder belegert hij de burcht van Tarentum en
probeert Capua te provianderen. Te Beneventum wordt in zijn afwezigheid zijn
leger met de voorraden overvallen. Even
later verovert hij samen met Mago Thurioi. In 207 vinden we hem in Metapontum.
Hierna wordt hij waarschijnlijk naar Carthago terug gestuurd. Na het écheque
van Hasdrubal en Syphax, wordt hij tot bevelhebber gekozen en samen met
Hamilcar doet hij met de vloot een aanval op Castra Cornelia. Hierna wordt hij
niet meer genoemd.[Polyb.III,Liv.XXI t/m XXVII, Zonar.VIII, Appian.Hann.33+34,
Appian.Lib.24+29+30].
18.Voorname Carthager in 215. Op Sardinië geraakt hij in Romeinse
gevangenschap.[Liv.XXIII 41].
19.Carthaags officier, die tijdens de 2e Romeins‑Punische oorlog
met 1000 ruiters en 1000 man voetvolk naar het belegerde Capua wordt gezonden,
waar hij met Bostar het commando overneemt. [Liv.XXVI 12].
20.Aanvoerder van de
Carthaagse troepen op Sicilië na de dood van Himilco in 212. Hij houdt
Akragas als basis, maar kan niet goed overweg met de Numidische
ruiteraanvoerder Muttines. Deze Hanno wordt in afwezigheid van Muttines een
keer verslagen door Marcellus. Wanneer hij zijn eigen zoon tot commandant van
de Numidische ruiterij maakt, verraadt Muttines de stad aan de Romeinen in 210.
Hanno vlucht naar Carthago.[Liv.XXV+XXVI].
Wellicht is de berichtgeving van Livius hier wat gekleurd.
21.Carthaags veldheer in
Spanje. Nadat Hasdrubal
Barcas in 208 vertrokken was naar Gallië, wordt deze Hanno als derde
bevelhebber naar Spanje gezonden. In 207 wordt hij met Mago door Silanus
overwonnen en geraakt in gevangenschap.
[Liv.XXVIII].
22.Carthaags officier in
Spanje. In de 2e Romeins‑Punische
oorlog is hij onderbevelhebber van het leger van Mago in Spanje. Na Ilipa weet
hij met weinigen te ontkomen.[Liv.XXVIII 30, Appian.Iber 31].
23.Voorname jonge Carthager, die in een ruitergevecht na de landing van
Scipio in Africa (204) omkwam. [Liv. XXIX 29].
24.Zoon van Hamilcar of van
Hasdrubal. In 204 brengt
hij de Carthaagse ruiterij met Numidische versterkingen op 4000 man, verovert
Salaeca, maar wordt even later door Scipio verslagen.
Waarschijnlijk
wordt hij gevangen genomen en later
tegen de moeder van Massinissa uitgewisseld.[Appian.Lib.14,Zonar IX 12].
25.Aanvoerder van de Romeinse
partij in Carthago voor het
begin van de 3e Romeins‑Punische oorlog. [Appian.Lib.68].
26.Hanno de Witte. Tijdens de 3e Romeins‑Punische oorlog
verhindert hij, dat de gehele Carthaagse ruiterij het overlopen van Himilco
Phameas zal navolgen. [Appian.Hann.108].
27.Hanno de Zonderling. in feite een dierenvriend, die met leeuwen
wist om te gaan [Plin.nat.hist VIII 55, Plut.praec.ger.reip.3 799E.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten