GBGSN:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd).
GBL =
grens, Byblos
GBR =
krijger
GBRT =
macht
GD: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd). Kind, geluk
GD': Punische naam (6x
geregistreerd).
GDGSN:
Neo‑Punische naam (1x geregistreerd). Waarschijnlijk staat de naam voor
de plaats, die we nu Constantine noemen.
GDL =
vermenigvuldigen
GDN: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
GDR =
muur, Gadir
GDRHS: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
'
GDSN: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
GDT: Neo‑Punische naam (1x
geregistreerd).
GDY: Fenicische naam (1x) en
Punische naam (2x geregistreerd).
GDYT[N]:
Punische naam (1x geregistreerd).
GDMLQRT:
Punische naam (1x geregistreerd).
GDNM: Punische naam (5x
geregistreerd).
GDNMT: Punische naam (1x geregistreerd).
GDN*M: Punische naam (6x geregistreerd).
GDN*MT:
Punische naam (8x geregistreerd).
GD*S(H)TRT:
Punische naam (1x geregistreerd).
GD*T: Fenicische naam (1x
geregistreerd).
GDR: Zie:
Gadir = Cadiz
Gebal:
De naam voor de stad Byblos, ofwel Jbail of Gubla. Zie:Gubla.
Gedenksteen: zie
aparte map.
-
Mesha
-
Heeft
Baal de overwinning behaald?
-
Tel
Dan
-
Melqart
2x
-
Carthago:
Tofet
Meer gedenkstenen
Sainte Marie
CIS I 4106
Enige nieuwe
Namen
Gedenkstenen van Carthago
Musea te Genève, Louvre, Leuven
-
Tharros
1982, 1987
-
Mt.Sirai
1983, databank
-
Sulcis
2x
-
Wat
stenen brokken
-
Motya
met lotusbloem, troon
Over het algemeen zijn de
gedenkstenen vooral in de Punische landen teruggevonden. Maar er zijn wat
uitzonderingen:
Geit van TMK: afbeelding
op een zegel met een geit. Boek 110.
Gela >
veroverd in 405 door Himilco. Plaats op Sicilië.
|
kaart
|
Gelb, I.J:
Auteur van "The Early History of the West Semitic Peoples"
JCS,XV (1961), 27‑47.
Gelidonya:
Kaap aan de zuidkust van Turkije (ulu Burun), waar een Kanaänietisch/Fenicisch
schip teruggevonden is. BK2.
Gelon:
Tegenstrever van de Carthagers
omstreeks 480 op Sicilië. Hij was dictator van Syracuse.
Genoni: vindplaats
op Sardinië van o.a. een beeldje (Boek 348).
Geografie: Zie
apart artikel over de Linguïstische geografie.
Voorts
inhoud selectie-overzicht:
1.Fysische
geografie van het oosten.Het oude Syrië,Oegarit,Berg Saphon,Topografie van
Oegarit,Tells van Oegarit,Een Fenicische geografie,Geografie van Fenicië,De
eeuwige schoonheid van de Libanon,Phoenica and the Phoenicians
2.Geografisch
determinisme.Geografische bepaaldheid
3.Topografie
in het oosten.Oude en nieuwe namen in Fenicië/Libanon,Fenicië volgens
Pietschmann,Libanon,Geografische beschouwing, Overgangsgebieden,Phoenicia op
internet,Topografie van Simyra,Tyrus
4.Bijbelse
invalshoek.Feniciërs in Bijbelse landen,Geografie van de Bijbel,Bijbelse
gegevens,Het Midden Oosten,Bijbelse wereld
5.Fysische
geografie van het westen.Het Tarsis misverstand,De wereld van het oude Spanje,Peutingerkaart,Herodotus,Geografisch
raamwerk
Kaarten
van het Romeinse rijk
6.Topografie
van het westen. de perimeter van Carthago,topografie van Carthago,een
archeologische atlas,topografie van Utica, een Tunesisch mozaïek,Sardegna
Archeologica,San Pantaleo en Marsala,ZW kust van Sardinië,Capo di Pula,Capo San
Marco,Het weinige van Carthago,
Plattegrond,Een
geschiedenisatlas,Tunesië,Cirta,Meninx,West-Europa,Noord-Afrika,De gelukzalige
eilanden,De grote Syrte,Mauretanië,
Pythiusen
+ Gymnasische eilanden,Epikratie,Wereld van Herodotos en Hanno,Messina
7.Overige
geografische zaken. Kaart 13 Hettema,“Fenicische” kaarten,De westelijke flank,Het
uiterste westen,Extremiteiten,Bastulo-Feniciërs,
Harms
en Hettema,Melita en Gaulos,Italische kaarten,Invasie van de noordelingen,Aleria,Vlootbewegingen,Romeinse
grenzen in het zuiden,
De
Syrten,De Peutingerkaart,Kaarten Sicilië,De Thera-uitbarsting,Wetenschappelijk
beschouwd,De olifant van Hoyte,Alpenovertocht volgens Livius
Alpen
bij Livius en Polybius,Zonder de olifanten,Een Alpenwandeling,Elefanti op
internet,Italiaans boek over de Alpenvraag,,Mont Cenis op internet
Arabië,Graham
bank.
Geographi Graeci
Titel van een boek van K Muller, Paris (1840) met daarin diverse voor de
Fenicische geschiedenis belangrijke teksten.
Geography of Strabo:Titel van een boek van H L Jones,
London/New York, 1917.
GER (plus) Voorvoegsel
van vele namen.
Geras(h)tart: De
naam komt o.a. voor in het huidige Villaricos op de zuidoost kust van Spanje.
De naam betekent dienaar of klant van As(h)tarte. De Grieken en Romeinen noemen
deze of de er vlak bij gelegen plaats: Baria.
______________________________________________
KAART
sierra de las
estancias
Baria
Villaricos
Geras(h)tart
Sierra de los
filabres
sierra
sierra alhamilla
sierra
de gador
middellandse zee
kaap Gata
schaal
1:1.000.000 ^ noord
_____________________________________________
Gelegen
aan de monding van de Almanzora. Er is een Punische epitaphe (grafschrift)
gevonden:
Graf van
gr's(h)‑
trt, zoon van
b'lpls
Zie
hiervoor Tav.LVII en blz 139 van "Le iscrizione fenice e puniche delle
colonie in occidente" van
M
G G Amadasi, 1967‑Roma.
q b r
g
r ' (s)
t r t b ?
b * l g l t
De
Carthaagse invloed vanuit Gadir en Malaca strekt zich in de vierde eeuw ten
hoogste tot Villaricos effectief uit. Het feit, dat er slechts Punische en
Neopunische vondsten zijn gedaan, lijkt de conclusie te wettigen, dat
Villaricos een late Punische nederzetting uit de zesde eeuw is, die tot 205
Carthaags bleef. L Siret onderzoekt reeds rond 1900 n C deze nederzetting van
de Feniciërs. De necropool werd in de 6e eeuw voor het eerst benut. De graven
waren rijk bezaaid met giften. Alle soorten graven zijn teruggevonden.De
nederzetting heeft duidelijk een meer Punisch dan Fenicisch karakter.
In
1986 n C bezocht de schrijver de lokatie en kon niets meer terug vinden van de
door M Astruc vastgestelde necropool. In 2008 was er meer resultaat. Er is zelf
een stuk terrein afgezet met een heuse toegang en verklaring.
______________________________________________
KAART
.............
.....................
........... ...................
.. .... ..................
. .. ................
..............
.............
............
...........
... .........
.... ........
..... .......
.... .....
.... .....
...
Rio Villaricos
Almanzoro
Middellandse zee
1:25.000 ^ noord
______________________________________________
Zie:L Siret, Villaricos y Herrerias. Memorias
de la Real Academia de la Historia 53 ‑ 1906.
M Astruc, La necropolis de Villaricos, Inf Memexc
Arq 25, 1951.
GERASJTARTE
Gr*sjtrt
(fen‑pun), Gerastratos / Gerostratos (gr).
Betekenis:
klant van of trouw aan Asjtarte.
Een
tiental registraties in het Fenicisch, maar vooral in het Punisch (160x). Een
enkele registratie in het Neopunisch. F.L.Benz in: Personal Names in the
Phoenician and Punic Inscriptions, Rome ,
Biblical Institute Press, 1972. Zie:
K.Jongeling, Names in Neo‑Punic Inscriptions, 1984, R.U.Groningen. Tussen
haakjes de nummering in de Dictionnaire Lipinski. In Romeinse cijfers de
volgorde alhier.
Gerasjtarte I
Op
een zegel uit Tortosa (kustplaats bij Arvad) wordt de naam op een zegel
aangetroffen. Hij stamt uit de 8e eeuw v.C. Zie Magnanini.
Gerasjtarte II (1)
Als
Gerastratos, zoon van Abdelim volgens Flavius Josephus in Contr.Ap. I 157. Hij is een van de twee suffeten van Tyrus
c.562‑557. De andere is Mattan (6). Hij
maakt de Nieuw‑Babylonische overheersing mee.
Gerasjtarte III
Uit
de 5e/4e eeuw v.C is een inscriptie dateerbaar uit Villaricos in ZO Spanje met
de naam van Gerasjtarte. Zijn vader is Baalpilles.
Gerasjtarte IV (2)
Koning van Arvad in de 4e eeuw v.C. In 333/332 v.C bevindt hij zich met
de vloot in de Egeïsche zee. Alexander
de Grote rukt op in Klein‑Azië. Dan besluit al Asjtarte / Straton (4), de zoon
van Gerasjtarte, zich te onderwerpen aan de Macedoniër (Arrianos, Anabasis II
13,7+ Quintus Curtius IV 1,5‑6). Tegelijkertijd
worden de steden Marathos, Sigo en Marriamme overgedragen en die laatste twee
lagen een redelijk eind landinwaarts. Het vorstendom Arvad / Arados moet een behoorlijk deel van de Syrische kust
gevormd hebben. Na de slag bij Issos
gaat ook Gerasjtarte om en haast zich met zijn vloot naar Sidon, waar hij zich aan Alexander
onderwerpt. Die laat hem op de troon van Arvad. Daarna neemt Gerasjtarte deel
aan de belegering van Tyrus (Arrianos,
Anabasis II 20,1). Straton (4) moet in 332 v.C minstens 20 jaar oud zijn
geweest. Zijn vader Gerasjtarte moet dan minstens c.40 jaar oud zijn geweest. Gerasjtarte (2) moet minstens voor c.372 v.C zijn geboren. Hoe lang
Gerasjtarte (Gerostratos) nog op de troon blijft, weten we niet, maar zijn zoon
Straton regeert nog tot 323 v.C.
Gerasjtarte V
In
een inscriptie uit de periode 345‑315 worden vader Gerasjtarte en zoon
"prm" genoemd. Het is mogelijk, dat dit dezelfde is als Gerasjtarte
IV (3). Het is een wijding aan Malqart‑Osiris
in de tempel van Asjtarte en er wordt melding
gemaakt van Narnaka (Larnaka‑tis‑Lapithou). De wijding vindt plaats in
het 3e jaar van de koning Bereksjemesj van Lapethos.
Gerasjtarte VI (3) + VII?
Als
Gerastratos, zoon van Shallum, de oudste van een lijn van hoge functionarissen
in Lapethos tot in de 4e eeuw v.C. Hij wordt genoemd in twee Fenicische inscripties (KAI 43 + Le Muséon
51). De zoon van deze Gerostratos is Yatonbaal, die de wijding doet in c.274 in
het 11e regeringsjaar van Ptolomeus II ofwel in het 33e jaar van de burgers van
Lapethos. Ptolemeus II ging als mederegent van start in 285 v.C en enige jaren
later kreeg hij de volledige macht. De wijding vond dus niet plaats in c.250
v.C, zoals Magnanini aangeeft. Er wordt
gewag gedaan van de plaats Narnaka (Larnaka‑tis‑Lapithou), vlakbij Lapethos
(Lambousa). Het is een klein vorstendom op de noordkust van Cyprus. Volgens de
vertaling Magnanini (blz 124‑125) moet de stamboom er ongeveer zo hebben
uitgezien met de "normale" cycli van c.25 jaren:
c.375 Sjallum
v
c.350 Gerasjtarte VI (3)
v
c.325 [*bd']sr
v
c.300 *bd*[sjtrt]
v
c.282 Gerasjtarte VII (4)
v
c.274 Yatonbaal
Er
zouden dan dus twee Gerasjtartes in deze lijn kunnen zitten.Gerasjtarte VII en
*bd*sjtarte zouden afkomstig zijn van Karmel ? Yatonbaal is de priester van
koning Abdastjarte en tevens de zoon van Gerasjtarte VII (4). Aangezien
Yatonbaal beschrijft, dat zijn vader Gerasjtarte in het 3e jaar van de regering
van Ptolemeus II werd aangesteld in de tempel van Melqart en dat zijn vader in
het 5e jaar van diens regering vele wijdingen en offerandes heeft verricht,
moeten we Gerasjtarte VII (4) dus plaatsen omstreeks 280 v.C. Gerasjtarte VI,
zoon van Sjallum, moet, als de stamboom
inderdaad zo klopt, geplaatst worden in het midden
van de 4e eeuw v.C. Overigens is de verwijzing in de Dictionnaire Lipinski bij Larnaka‑tis‑Lapithou op blz 256, derde regel
van onderen (‑>Gerastratos 3) in tegenspraak met wat gezegd wordt bij de opsomming van de
Gerastratos‑personen op blz 187. Dit moet dus Gerastratos 4 zijn!
Gerasjtarte VIII (4)
Achterkleinzoon van Gerasjtarte IV (3) uit Lapethos. Zie: Phoenicians in the Administration of Ptolemaic
Cyprus, A.Parmentier, Studia Phoenicia V (1987) p.403 e.v. Zie hiervoor.
Gerasjtarte IX (5)
Zoon
van Histaios. Deze was een strateeg van de confederatie van de Magnetes in
Thessalië in de 2e eeuw v.C. Hij zou zijn geboren te Demetrias en die stad
bezat een belangrijke Fenicische gemeenschap.
Zie: Inscriptines Graecae IX 1103,8 + 1108,8, Berlin 1924.. A.S.Arvanitopulos,
Polemon I (1929) p.27 e.v. F.Vattioni, Annali dell'Instituto Orientale di
Napoli 42, 1982, p.80.
Gerasjtarte
X
Een
inscriptie uit Marsala (Lilybaion) noemt o.a. een Gerasjtarte. De inscriptie is
gedateerd op de 3e/2e eeuw v.C (Amadasi). De wijding werd verricht door Hanno.
Aangezien de stad in 241 v.C overging in Romeinse handen is het waarschijnlijker, dat de wijding c.250 v.C
plaatsvond. De stamboom kan er als volgt
hebben uit gezien bij "normale" cycli van c.25 jaren:
c.325 Adonbaal
v
c.300 Gerasjtarte X
v
c.275 Adonbaal
v
c.250 Hanno
Gerasjtarte XI +
De naam komt 4x voor in El-Hofra (Constantine). Het
is de antieke plaats Cirta, waarheen veel Carthagers zijn gevlucht na de
catastrofe van 146 v.C
De
namen met het voorvoegsel GER (=klant).
Zo'n
23 namen bedienen zich van het voorvoegsel GER en dan praten we niet over de
verschrijvingen, waarvan er ook nog een tiental minstens bekend zijn. Het is
opvallend, dat bij de GERplus namen het geen uitgemaakte zaak is, dat iedere
naam overal in de Middellandse zeegebieden voorkomt. Bovendien is het bij de
meeste namen zo, dat de naam slechts een of enkele malen naar voren komt.
Slechts Germelqart, Gersakon en Gerasjtarte komen vrij frekwent voor. De
betekenis bij Krahmalkov (blz.142) is godsvrezend of aanbidder van een god of godin.
GER
PLUS
fen pun
neop totaal
‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑
gr' 1 2 3
gr'hl 1 1
gr'sjmn 4 4
grb*l 2 1 3
grg 1 1
grgsn 1 1
grgsj 12 12
grgsjy 2 2
grgsjm 8 8
grgsjt 6 6
grhd/grdd 2 2
grhkl 3 3
grmlk 1
1
grmlqrt 4
50 54
grmskr 22 22
grm*nyqs 1 1
grn 1 1 1
grs 1 1
grskn 170 1 171
gr*sjtrt 10
160 1 171
grs.d 1 1
grs.pn 1 1
grsj 1 1
grsjy 1 1
grtnt 1 1
‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑
totaal 27
440 7 474
% 5 93 2 100
‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑
generaal
totaal % 5
83 12 100
van alle namen
‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑
De namen Gersakon en Gerasjtarte zijn al in aparte
bestanden opgenomen. Hier passeren enige andere namen de revue. Zie:F.L.Benz in: Personal Names in the Phoenician and Punic
Inscriptions, Rome ,
Biblical Institute Press, 1972. Zie: K.Jongeling, Names in Neo‑Punic Inscriptions, 1984,
R.U.Groningen.
GR' +
GR'SjMN
Te
Terranova Pausania nabij Olbia op Sardinië is een onwaarschijnlijk lange
stamboom op een inscriptie teruggevonden op een kalksteenblok van 16 x29
x 17
cm.
Datering 3e eeuw v.C. We komen hier twee namen tegen met het voorvoegsel
GER.
Als we het begin op c.250 v.C mogen stellen, dan ontstaat het volgende
beeld
bij aangenomen cycli van 25 jaren:
c.650 mlks.d milksid
V
c.625 h.ls.b*l hillesbaal
V
c.600 h.lbn
V
c.575 ym'
V
c.550 gr' wellicht: geradon (verkorte vorm)
V
c.525 'rsj
arisj
V
c.500 pt' wellicht ptah
V
c.475 *bdtywn wellicht: dienaar van Tennaw?
V
c.450 b*lsjm* balsamo
V
c.425
bds.d bodsid
V
c.400 gr'sjmn geresjmoen
V
c.375 mhrb*l maharbaal
V
c.350 ...nb*l
V
c.325 grmlqrt germelqart
V
c.300 h.mlkt himilkat
V
c.275 h.nb*l hannibal
V
c.250 ... die bij het volk van qrth.dsjt is, of:
dat toebehoort aan
het volk van qrth.dsjt.
GR'
is wellicht de verkorte vorm van Ger‑adon. Deze persoon moet in de 6e eeuw v.C geleefd hebben.
GR'SjMN (de klant van Esjmoen) zou omstreeks 400 v.C geleefd kunnen
hebben.
GR'HL
De
naam Ger‑ohel komt voor op de tempel van Osiris te Abydos temidden van een hele
reeks andere namen. Datering: 5e‑3e eeuw v.C. Zie: Magnanini blz 66. De naam lijkt geheel op zichzelf te staan. Er
zijn geen verdere familiebetrekkingen bekend.
GRB*L
Gerbaal komt voor op een inscriptie uit
Elefantina te Egypte. Datering: 5e eeuw v.C.
Zie: Magnanini blz 71. Gerbaal is de zoon van ytnh.p (Yatonhapi). In dezelfde
eeuw komt ook een Yatonhapi voor als zoon van Baalazor en als zoon van Ml...!
En dat in dezelfde inscriptie en op dezelfde plaats. De stam h.p komt nog veel
meer voor in deze inscriptie en opmerkelijk ook in de naam Tabhapi in Leptis
Magna, maar dat laatste is zo.n 500 jaar
later.
GRG ?
GRGSN
‑> neopunisch als gdgsn.
GRGSj
= Girgesj
GRGSjY ?
GRGSjM = Girgesjim
GRGSjT = Girgesjit
GRHD/GRDD
Betekenis: klant of vertrouweling van Haddu. Het voorvoegsel GER laat de
Fenicische afkomst zien. De akkadische vorm van de naam: Gi‑ri‑Da‑di/U.U/dIM.
1.Gerhadi,prins van Asjsja gelegen in het oorden van Mesopotamië. Hij
betaalt in 886 v.C een tribuut aan de Assyrische koning Assoernasirpal II.
Waarschijnlijk leeft hij nog in 858 v.C, want dan brengt een persoon met
dezelfde naam eer aan Salmanasar III van Assyrië (The Ancient Near Eastern
Texts relating tot the Old Testament, J.B.Pritchard, Princeton 1969: p.277b).
Zie: Reallekicon der Assyriologie und vorderasiatischen Archäologie, Berlin:
III blz.382b
2.Gerdadi,prins van de stad Til‑Turi (Thiltauri). Deze stad ligt dicht
bij Harran. Hij wordt genoemd in de periode van Sargon II (721‑705 v.C).
Zie: State Archives of Assyria I, 190, Helsinki 1987.
GRHKL = Ger‑Hekal
1.De
naam komt voor op de tempel van Osiris te Abydos temidden van een hele reeks
andere namen. Datering: 5e‑3e eeuw v.C. Zie: Magnanini blz 66. Deze GRHKL heeft het beroep van stukadoor.
Zijn zoon heeft BNH.DSj (Benhodesj) en die naam komt ook in Sardinië, Cyprus en
Griekenland bijvoorbeeld voor.
2.Aboe Simbel. Op een beeld staan
diverse graffiti, waaronder deze naam GRHKL tweemaal voorkomt. Zie: CIS I 112 +
Magnanini blz 61+62.
GRHKL
is de vader van HLM. Er wordt geen datering gegeven.
GRMLK
= Germilk
De
vrouwelijke vorm is GRTMLK (Gerotmilk) en die werd op Cyprus teruggevonden. Zie Report of the Department of Antiquities, Cyprus ,
Nicosia , 1984,
108, nr.V.
GRMLQRT
Betekenis: klant van Melqart. De
vrouwelijke vorm is GRTMLQRT (Gerotmilqart).
1.De
naam komt voor op een inscriptie, die in de tuin Birochi te Cagliari werd
gevonden. De zijkant is helaas afgebroken, waardoor we niet zeker weten, of
het een doorlopende genealogie is, of
een opsomming van namen van personen uit
dezelfde periode. De inscriptie werd gemaakt in de 3e eeuw v.C door
Esjmoenyaton en ...bmqr. Als er inderdaad sprake is van een doorlopende
genealogie van met name Esjmoenyaton, dan zou het volgende beeld kunnen
ontstaan:
c.525 Magon hoofd van de priesters
V
c.500 Hasdrubal
V
c.475 Bodmelqart x *b...
V
c.450 Germelqart
V
c.425 bd*
V
c.400 Magon x *ms.'
V
c.375 ? x knsjy
V
c.350 Arisj
V
c.325 Arisj x ...mlqrt
V
c.300 Mattan
V
c.275 *bd'..x..b]mlqrt
V
c.250
Esjmoenyaton
In
dit geval moet deze Germelqart dus in de 5e eeuw v.C thuishoren bij normale
cycli van c.25 jaren. Een dergelijke lange stamboom is echter vrij
ongebruikelijk om die op inscripties terug te vinden. Bovendien worden de
echtgenoten hoogst zelden weergegeven.
Voor een enkele genealogie pleit het feit, dat diverse namen meer malen terugkomen, zoals de Melqarts,
Magon, Arisj. Niettemin is het aannemelijker,
dat diverse families in ongeveer dezelfde periode zijn weergegeven.
2.Op
een inscriptie uit Kition op Cyprus wordt de naam tweemaal aangetroffen in een
wat uitgebreidere te construeren stamboom. De inscriptie is teruggevonden in de
kerk van Kellia te Larnaka. Datering: 4e‑3e eeuw v.C. Als we c.300 v.C als startpunt
mogen nemen, dat ontstaat bij 25 jaars cycli het volgende beeld:
c.375 'sjmn*zr esjmoenazar
V
c.350 grmlqrt germelqart
V
c.325 bnh.dsj benhodesj *bd'sjmn = abdesjmoen, de suffeet
V
V
c.300 grmlqrt germelqart x
*thr (athar?) =
dochter
*thr
verricht de wijding en die is getrouwd met germelqart. *thr is de dochter van
de suffeet abdesjmoen van waarschijnlijk Kition. De grootvader van de
echtgenoot germelqart heet eveneens germelqart.
3.Op
een inscriptie uit Kition op Cyprus komt de naam voor in enigszins gehavende vorm, maar toch nog goed leesbaar.
Helaas zonder datering bij Magnanini
blz.94. grmlq[r]t is de zoon van
*bdr[sjp, zo]on van *pp.
4.Te
Terranova Pausania nabij Olbia op Sardinië is een onwaarschijnlijk lange
stamboom op een inscriptie teruggevonden op een kalksteenblok van 16 x29 x 17
cm. Datering 3e eeuw v.C. Als we het begin op c.250 v.C mogen stellen, dan
ontstaat het volgende beeld bij aangenomen cycli van 25 jaren:
c.650 mlks.d milksid
V
c.625 h.ls.b*l hillesbaal
V
c.600
h.lbn
V
c.575 ym'
V
c.550 gr' wellicht: geradon (verkorte vorm)
V
c.525 'rsj arisj
V
c.500 pt' wellicht ptah
V
c.475 *bdtywn wellicht: dienaar van Tennaw?
V
c.450 b*lsjm* balsamo
V
c.425 bds.d bodsid
V
c.400 gr'sjmn geresjmoen
V
c.375 mhrb*l maharbaal
V
c.350 ...nb*l
V
c.325 grmlqrt germelqart
V
c.300 h.mlkt himilkat
V
c.275 h.nb*l
hannibal
V
c.250 ... die bij het volk van qrth.dsjt is,
of:dat toebehoort aan het volk van qrth.dsjt.
Deze
Germelqart moet tegen het einde van de 4e eeuw v.C geleefd hebben. Dat hoeft
niet persé te Olbia te zijn geweest. Zijn vader is ... nb*l
(waarschijnlijk een Hannibal?) en zijn zoon heet Himilkat. De zoon van
deze Himilkat heet weer Hannibal. M.a.w. de befaamde herhaling van de namen,
waarbij een generatie wordt overgeslagen?
5.Op
een bronzen plaquette van 5,2 x 10,2 cm komt op de Monte Sirai een inscriptie
voor, waarbij *bd' (Abdo) wordt genoemd als een dienaar van Germelqart.
Datering 4e‑3e eeuw v.C. Zie Amadasi blz.121+122.
6.In
Antas komt de naam voor op een kleine inscriptie gewijd aan de heer Sid. Zie: Ricerche puniche
ad Antas, Les inscriptions, M.Fantar, blz 78. Er zijn
verder geen nadere familierelaties bekend. Datering 250‑200 v.C.
GRMSKR = Ger‑Meskar.
GRM*NYQS = Germanicus uit Leptis Magna.
GRN ‑> afkorting voor GRSKN? uit
Hadremetum.
GRS ‑>
afkorting voor GRSKN
GRSKN: zie apart bestand.
GR*SjTRT: zie apart bestand.
GRS.D
De
naam komt voor op de tempel van Osiris te Abydos temidden van een hele reeks andere
namen. Datering: 5e‑3e eeuw v.C. Zie: Magnanini blz 66. Deze Gersid is afkomstig uit Tyrus. De
mogelijke stamboom ziet er als volgt uit, als we c.400 als uitgangspunt nemen
en 25 jaars cycli gebruiken:
c.450 grs.d gersid <<<<<<<<
TYRUS
V
c.425 s.dytn sidyaton
V
c.400 p*lbst
In
dezelfde inscriptie komt overigens nog een Sidyaton voor en die heeft een zoon *bdbst!
GRS.PN
Betekenis: klant of trouw aan Saphon.
1.De
akkadische vorm van de naam is hier: Gir‑s.a‑pu‑nu/ni. Gersaphon is een hoge
Assyrische functionaris t.t.v. Assoerbanipal (668‑627
v.C).
Zie:Assyrian Personal Names, K.L.Tallqvist, Helsingfors 1914: blz.81a + Zie:
Reallekicon der Assyriologie und vorderasiatischen Archäologie, Berlin: II blz
448a.
2.De
naam komt voor op een Isis/Horus afbeelding vanuit de 1e helft van de 4e eeuw v.C. De herkomst is onzeker, maar in
ieder geval uit Egypte. Zie Magnanini blz.82. De wijding werd verricht aan de
godin Asjtarte. Mogelijke stamboom met
c.375 v.C als uitgangspunt:
c.425 sjlrt
V
c.400 'zr
V
c.375 grs.pn gersaphon
GRSj ‑>
afkorting voor Gerasjtarte? Komt voor in Carthago.
GRSjY
‑> op een munt van Sabratha.
GRTNT
De
komt voor in Sidon. Op een inscriptie uit de 5e eeuw v.C met veel namen
komt Gertanit voor als de vader (of
moeder?) van 'dmpls (=Adompilles?). De inscriptie werd gevonden in de tempel van Esjmoen.
Gerastratos:
Suffeet van Tyrus omstreeks 570.
Gerostratus:
Koning van Arvad in de 4e eeuw. Zijn zoon Straton beslist op de vraag om
al dan niet de stad over te geven aan Alexander in 333.
Gerousia:
Permanente commissie van 30 ouderen.
Gerunium:
Gevechtsterrein in Zuid‑Italië tijdens de tweede Romeins/Carthaagse
oorlog. Het betreft een halve veldslag van Hannibal's leger met twee Romeinse
legers. ZK,dl3,blz1293
WINTERKWARTIER GERUNIUM IN APULIË 217
lokatie:Zuid-Italië tijd:217 v.C.
bron:Livius/Polybius
Gebeurtenissen:
Municius
legert op een paar kilometer afstand te Larinum. Hannibal had oorspronkelijk
twee derde van zijn leger ingezet om te foerageren, maar door de geringe
nabijheid van Municius kan dat nu nog maar een derde zijn en dat belemmert het
provianderen wel erg veel. Tussen de beide legerkampen ligt een heuvel, die
Hannibal bezet houdt. Municius weet die heuvel echter te veroveren en hij weet
ook de foerageurs van Hannibal’s leger enige tijd te onderscheppen. Pas wanneer
Hannibal zijn complete leger weer bij elkaar heeft, kan hij tot de tegenaanval
overgaan.
Wat
later zet Hannibal een val op voor Municius. Hij laat enige afdelingen zich
verdekt opstellen in laagten tussen de heuvels en één afdeling openlijk als
lokvogel. Municius komt er met zijn leger doldriest aan met de bedoeling om die
Carthaagse legerafdeling te consumeren, maar dan wordt Municius plotseling door
de verdekt opgestelde andere Carthaagse legerafdelingen aangevallen en zijn
leger lijdt zware verliezen. Hij kan zich slechts met behulp van Fabius aan het
gevecht onttrekken.
Geschiedschrijvers: Herodotos, Plinius, Appianus, Diodoros, etc
Gesenius:
Een 19e eeuws geleerde, die in 1837 n C een verhandeling over de
Fenicische taal publiceerde: SCRIPTURAE LINGUAEQUE FENICIAE MONUMENTA QOUTQOUT
SUPERSUNT,
Leipzig 1837.
Geskon:
Ook wel Gisgo, Gisco of Gersacon genoemd.
1.Zoon
van Hamilcar uit ca.480. Deze Geskon heeft een zoon met de naam Hannibal uit
omstreeks 410.
2.Zoon
van Hanno, welke in verbanning gestuurd wordt. Na 343 (Crimisos) wordt hij
echter terug‑
geroepen
en sticht de vrede van 340 (vlg Diodorus xvi 81). Zijn zoon is Hamilcar, die
tegen Agatho‑
cles
moet optreden.
3.Legeraanvoerder
uit 241, die participeerde in de vredesbesprekingen met de Romeinen. Hij wordt
door de huurlingen in Tunes enige jaren later vermoord. Zijn zoon is Hasdrubal,
die later in Spanje dient.
4.Gezant
van Hannibal aan Philippus van Macedonië (Livius xxviiii 34.2).
5.Een
of twee Gisgo's, die tegen de vrede na Zama zijn.
6.Zoon
van Hamilcar, die volgens Livius(48) het Carthaagse volk opzet tegen de
Romeinen en
Massinissa.
7.Gezant
in 149 naar Rome, bijgenaamd Strytanos.
GERSAKON grskn (pun), giskon /
geskon (gr), gisgo (lat) Betekenis: klant van / devoot aan Sakon
Gersakon
komt vrijwel uitsluitend in het Punisch voor (170x) en een enkele keer in
Neopunisch.
F.L.Benz in:
Personal Names in the Phoenician and Punic Inscriptions, Rome , Biblical Institute Press, 1972.Zie:
K.Jongeling, Names in Neo‑Punic Inscriptions, 1984, R.U.Groningen.
Tussen
haakjes de nummering in de Dictionnaire Lipinski. In Romeinse cijfers de
volgorde alhier.
Gersakon I (1)
Zoon
van Hamilcar, die verbannen werd na de nederlaag van zijn vader te Himera in 480 v.C. Hij ging in asiel te Selinunte
(Diod.XIII 43,5). De zoon van Gersakon
(1) is Hannibal, die vanaf 410 ‑ 405 v.C diverse oorlogen tegen de
Grieken zou voeren en daarbij Selinunte
en Himera verwoestte. Gersakon (1) zelf sterft in Selinunte. Zijn broers zijn Himilco en Hanno
(wellicht de zeevaarders?, maar niet
waarschijnlijk). Waarom zijn die niet verbannen?
Gersakon II (2)
Hij
wordt genoemd in een Atheense inscriptie vanuit het jaar 406 v.C, waarbij verwezen wordt naar een verdrag tussen Athene
en Carthago. In de Dictionnaire Lipinski wordt gesteld, dat hij waarschijnlijk
dezelfde is als Gersakon (1). Dat kan niet kloppen, want dan zou hij inmiddels
minstens 84 jaar oud zijn geweest.
Bovendien zegt Diodoros, dat hij reeds voor 410 v.C zijn leven had
beëindigd.
Gersakon III (3)
Hij
bestrijdt Timoleon. Hij is waarschijnlijk de zoon van Hanno (9), die een
tijdgenoot was van Philippus (Orosius Adv.Pag.IV 6,20). Hij wordt wegens hoogverraad aangeklaagd en ter dood
veroordeeld. Hij weet de executie echter te ontlopen (Justinus XXI 4,8 +
Orosius Adv.Pag.IV 6,20). Hij gaat in verbanning als een vogelvrij verklaarde
(Diod.XVI 81,3 + Justinus XXII 7,10 + Polyenus Strat.V 11). Zijn broer Hamilcar (3) heeft minder geluk,
want die wordt terechtgesteld op verdenking van het zoeken van de tirannie. Na
de zware nederlaag aan de Crimisos (342
v.C) roepen de Carthagers Gersakon weer terug en herstellen hem in zijn waarde
en zijn bezittingen. Zelfs het lot van zijn oligarchische tegenstanders mag hij bepalen (Polyenus
Strat.V 11). Gersakon blijkt
vergevingsgezind en hij bundelt alle krachten voor de verdere strijd
tegen Timoleon. Waarschijnlijk steekt hij met 70 schepen in de lente van 341
v.C over naar Sicilië. Hij zou voor het
eerst in grote getale van Griekse huurlingen gebruik hebben
gemaakt (Plutarchus Tim.30,5 + Diod.XVI 81,4).
Nabij Messina wint hij samen met Hicetas en Mamerkos een veldslag van een korps
huurlingen van Timoleon (Plutarchus Tim
30,6). Ook bij Iaitos wint Gersakon opnieuw een gevecht, maar Mamerkos verliest met zijn door Carthago
beschikbaar gestelde huurlingen een
gevecht aan de rivier Alabos (Plutarchus Tim.34,1). Hierna gaat men over vrede denken en die komt wellicht in 339 v.C
tot stand. Gersakon moet met succes op
Sicilië hebben gestreden, want bij de vrede behoudt carthago gewoon zijn
Epicratie (Corn.Nepos Tim 2,4 + Plutarchus Tim.34,2 + Diod.XVI 82,3). Gersakon
regeert daarna verder tot c.320 v.C.
Hanno (9)
II de grote
v
‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑-----‑‑‑‑‑‑‑‑‑‑
v v
Hamilcar (3) Gersakon (3)
v v
Hamilcar (5) Hamilcar (6)
Gersakon (4)
Vader
van Hamilcar (6) volgens de Dictionnaire Lipinski. Is dit niet gewoon Gersakon
(3)?
Gersakon IV
Op
een inscriptie uit de 3e/2e eeuw v.C komt hij voor. De inscriptie werd opgetekend door h.my. Als we de optekening
omstreeks 200 v.c stellen, dan kan de stamboom er ongeveer als volgt hebben
uitgezien met aangenomen cycli van c.25
jaar:
c.325 h.my
v
c.300 *zrb*l
v
c.275 gersakon
v
c.250 mhrb*l
v
c.225 .....
v
c.200 h.my
Zie
Amadasi, Sardinië nr32.
Gersakon VI (5)
In
241 v.C evacueert hij Lilybaion na de vrede met Catulus (Diod.XXIV 13 + Polybios I 66, 1‑4). In het begin van de
huurlingenoorlog probeert hij te bemiddelen, maar in Tunis wordt hij vermoord
(Polybios I,68,13‑70,6;79,8,13‑81). Zijn
lichaam werd niet aan de Carthagers teruggegeven (Diod.XXV 3,1). Hij is de vader van Hasdrubal (8). Deze Hasdrubal zal
in Spanje en Afrika tijdens de 2e Punische oorlog als generaal strijden.
Gersakon VII
De
vader van bezettingscommandant van Melite=Hamilcar (11). In 218 v.C moet
hij zich met zijn 2000 man aan de
Romeinen overgeven. Wellicht is hij dezelfde als Gersakon (5).
Gersakon VIII (6)
Gezant van Hannibal (6) naar Philippus V, maar valt in handen van de
Romeinen (Livius XXIII 34,2‑9). Hij moet met Hannibal (6) uit Spanje zijn
meegekomen en heeft dus de tocht over de Alpen meegemaakt.
Gersakon IX (7)
Carthaags senator, die van het spreekgestoelte werd getrokken door
Hannibal (6), omdat hij voorstander was
van een voortgezette krijg tegen Rome, zelfs na de verloren veldslag te Zama (Polybios XV 19,2 +
Livius XXX 37,7‑8).
Gersakon X (8)
Een
zoon van een Hamilcar. Waarschijnlijk een hoge functionaris of suffeet, die de
Carthaagse bevolking mobiliseert tegen de Romeinse delegatie (Livius
Per.XLVIII).
Gersakon XI (9)
Met
de bijnaam van Styrtanos. Hij gaat als gevolmachtigde naar Rome om de oorlog in
149 v.C te vermijden (Polybios XXXVI 3,8‑9).
Gersakon XII +
De
naam komt 3x voor in El-Hofra (Constantine). Het is de antieke plaats Cirta,
waar na de ramp van 146 v.C veel
Carthagers zijn heengevlucht.
ncfps
Geen opmerkingen:
Een reactie posten